Na de Coronacrisis: een leerachterstand of niet?

Annemarieke van den Berg

Na wekenlang thuisonderwijs in de Coronacrisis gaat je kind sinds kort weer naar school. Maar heeft je kind nu een leerachterstand opgelopen of niet? In dit blog vertel ik je alles over leerachterstanden en hoe mijn visie als leerkracht hierover is. Kunnen we eigenlijk wel spreken van een leerachterstand in deze unieke situatie?

Wat is een leerachterstand?

Een leerachterstand is een achterstand op een bepaald leergebied (bijv. lezen, spelling, rekenen) die een kind heeft ten opzichte van ‘de gemiddelde leerling’ met dezelfde leeftijd en hetzelfde genoten onderwijs. Een leerachterstand wordt bepaald aan een ‘normgroep van het gemiddelde’.

De norm in onderwijs is bijvoorbeeld de leerstof die voor het einde van het schooljaar beheerst moet worden. Het lesprogramma is zo opgesteld dat een gemiddeld kind bijvoorbeeld aan het einde van groep 3 AVI niveau E3 kan lezen. Wanneer je kind meer kan spreek je over een voorsprong en wanneer dit nog niet lukt een achterstand. Vergeet niet dat ALLE kinderen deze Coronacrisis hebben meegemaakt, dus kunnen we ze eigenlijk niet helemaal vergelijken met het normale ‘gemiddelde’, toch?

Wel of geen leerachterstand na de Coronacrisis?

Ondanks alle inspanningen van leerkrachten in de afgelopen tijd, is het afstandsonderwijs uiteraard anders geweest dan wanneer de scholen gewoon open waren. Het lesaanbod is aangepast, de instructies waren ‘anders’ bijvoorbeeld digitaal. Ook hebben niet alle kinderen aan het thuisonderwijs deel kunnen nemen. De Onderwijsraad (2020) schrijft in een briefadvies dat het aannemelijk is dat (bepaalde groepen) kinderen een leerachterstand kunnen oplopen door de Coronacrisis. De geplande leerstof is in de afgelopen periode niet geheel optimaal behandeld en eerder opgedane kennis kan weggezakt zijn. Maar ook zijn er kinderen die juist profiteren van grotere zelfstandigheid en vrijheid in deze crisis en hierdoor zich juist beter ontwikkelen. Het is dus per kind verschillend. Voor iedereen is de leercurve anders geweest. Maar dit betekent niet dat kinderen niets geleerd hebben. Ze hebben ook juist veel andere vaardigheden geleerd.

  • Leren plannen
  • Leren omgaan met huiswerk
  • Zelfstandig werken
  • Digitaal werken

Kinderen zijn flexibel

Na Orkaan Katrina waren er kinderen die 3 tot 7 weken geen onderwijs hadden gehad, ook niet op afstand. John Hattie heeft een artikel geschreven waarin hij benadrukt dat vanuit eerdere crisissituaties duidelijk wordt dat kinderen een groot herstelvermogen hebben. Na verloop van tijd bleek hun achterstand minimaal en kinderen herstelden verrassend snel. Wel bleek uit zijn artikel dat kinderen die vóór een crisis al problemen hadden, na afloop meer symptomen lieten zien van stress, woede, angst, depressie en eenzaamheid.

Kortom kinderen zijn flexibel, laten we dan ook nu in de opstart flexibel zijn! Het is nog geen zomervakantie en er zijn nog een aantal schoolweken te gaan. Het is uiteraard wel zo dat er kinderen en gezinnen zijn voor wie deze situatie ronduit rampzalig is geweest zij hebben natuurlijk wel extra aandacht nodig.

Doel van ons onderwijs

School is niet alleen leren rekenen en lezen. Het is zoveel meer wat je leert voor je plekje in de samenleving. Je kunt de basisschool als oefenplaats zien voor het functioneren in de samenleving. Het ontwikkelen van jezelf als individu.

  • Leren ontdekken wie je bent, waar je voor staat en waar je naartoe wilt in het leven.
  • Samenwerken, functioneren in een maatschappij met anderen.
  • Zelfstandigheid, eigen verantwoordelijkheid nemen.
  • Creatieve ontwikkeling en expressie.

Een achterstand heeft ook alles te maken met wat je als visie op onderwijs hebt. Is je insteek: ‘zo hoog mogelijk scoren op toetsen en daarmee een zo hoog mogelijke vervolgopleiding kunnen doen? Of is je visie op onderwijs breder?

Leren is je weg vinden en je aanpassen in nieuwe (en uitzonderlijke) situaties, en dat is iets wat kinderen nu zeker geleerd hebben!

In de afgelopen periode zijn we ons misschien wel bewuster geworden van ‘wat er werkelijk toe doet’. We vragen naar elkaars gezondheid en wensen elkaar het beste toe. We proberen goed voor onszelf en voor elkaar te zorgen. ‘Blijf gezond‘ en ‘We zijn er voor elkaar‘. En ook worden we ons bewust van onze invloed op het milieu. Veel gesprekken gaan nu over het feit dat deze tijd waarschijnlijk erg goed is voor onze planeet en onze bewustwording.

Deze ‘reset’, is misschien wel precies wat we nodig hadden om in te zien dat we niet op alle vlakken goed bezig waren met elkaar en dat we kennelijk best met minder reizen en consumeren kunnen leven. Is dat ook niet een hele wijze levensles die we onze kinderen nu mee geven? Misschien stond het rekenen en lezen nu op een lager pitje, maar er is zoveel meer geleerd over het leven!

Wat doen leerkrachten nu de scholen weer open zijn?

Veel scholen hebben de eerste weken gebruikt om de kinderen eerst weer te laten wennen op school en aan elkaar. Er zijn gesprekjes gevoerd over hoe de afgelopen tijd ervaren is door de kinderen. Er is op veel scholen aandacht besteed aan de sfeer in de groep en het weer omgaan met elkaar. In 50% van de tijd zijn zoveel mogelijk instructies gegeven of herhaald.

Bij ons op school is hierbij ook een deel van de lesstof van het thuisonderwijs nog eens herhaald. Dit geeft de leerkrachten een beeld wat er wel/niet is begrepen en is een startpunt om verder te gaan. Wij hebben bewust niet gekozen om meteen de eerste weken te gaan toetsen. Eerst weer wennen en een beginsituatie krijgen. Gelukkig gaan de scholen binnenkort weer volledig open waardoor ook het lesprogramma op school weer langer wordt.

Toetsen als beginsituatie

Vanuit het Cito hebben de meeste scholen een adviesbrief ontvangen over het afnemen van de CITO LVS (leerlingvolgsysteem) toetsen. Daarin worden twee opties gegeven. De LVS toetsen op de geplande tijd aan het einde van het schooljaar afnemen of de toetsen na de zomervakantie in september afnemen. Voor de september afname wordt een aangepaste normering toegepast omdat de afname dan later valt dan de gebruikelijke periode waarmee met de normgroep vergeleken wordt.

Beide toetsmomenten hebben voor- en nadelen. Door in juni te toetsen kun je nu al zien waar de kinderen staan, na deze weken van thuiswerken en de afgelopen weken van gedeeltelijk naar school. In september hebben de kinderen weer 6 weken zomervakantie gehad waarna soms ook een ‘dip’ in de ontwikkeling komt. Dit maakt dat veel scholen toch de toetsen in juni afnemen.

Naar mijn idee moeten we toetsen gebruiken waar het voor bedoeld is; het niveau en de beginsituatie onafhankelijk toetsen. Laten we ons niet focussen op eindscores, maar focussen op de ontwikkeling van een kind! Welke persoonlijke groei is er in de toets zichtbaar? Zodat je voordat het nieuwe schooljaar start weet waar de kinderen staan.

Maak je dus niet te druk over een leerachterstand. Kinderen zijn flexibel! Geef ze de tijd om dingen weer op te pakken. Daarnaast hebben ze een hele bijzondere leerzame levenservaring meegemaakt in deze Coronatijd, eentje die de geschiedenisboeken in gaat.

Dit blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel, leerkracht basisonderwijs en Intern begeleider van groep 5-8.

Geraadpleegde bronnen:
De Ronde-Davidse, N. (2020) www.driestar-educatief.nl/advies-en-begeleiding/actueel/blogs/kansen-in-coronatijd-van-onderwijsachterstanden-na
Onderwijsraad (2020), Geraadpleegd op 27-05-2020, file:///C:/Users/Vos/Downloads/Advies+Ondervangen+gevolgen+Coronacrisis+voor+het+onderwijs%20(2).pdf
Boonstra, C., (2020) Geraadpleegd op 27-05-2020, https://operation.education/corona-onderwijs-drama-of-kans-leerachterstand/

Eindtoets groep 8 in 2020: een overzicht voor ouders

Annemarieke van den Berg

In april 2020 wordt de Eindtoets afgenomen onder alle achtstegroepers van Nederland. Als ouder zit je waarschijnlijk met wat vragen: wat is de Eindtoets groep 8 precies, kan je kind zich voorbereiden en hoe verhoudt de Eindtoets zich ook alweer tot het schooladvies? We zetten alles wat je moet weten over de Eindtoets op een rijtje.

Wat wordt er precies getest in de Eindtoets groep 8?

De Eindtoets wordt door alle kinderen in groep 8 gemaakt en test wat je kind in acht jaar basisschool heeft geleerd. De toets is verplicht en heeft twee doeleinden:

  • Zodat de overheid inzicht heeft in het taal- en rekenniveau op de school van je kind, en deze zo kan vergelijken met andere leerlingen en scholen in Nederland.
  • Helpen adviseren van het type vervolgonderwijs dat past bij je kind (vmbo, havo of vwo).

Alle achtstegroepers moeten twee onderdelen verplicht maken: Nederlandse taal en rekenen. De school van je kind mag bepalen welke toets ze hun leerlingen geven en of er extra onderdelen worden getest. De Eindtoets is geen examen. Je kind kan dus niet slagen of zakken voor de toets. Er komt wel een advies uit, waardoor veel ouders en kinderen het toch een spannend moment vinden.

Wanneer wordt de Eindtoets afgenomen?

De Eindtoets wordt tussen 15 april en 15 mei 2020 door heel Nederland afgenomen. Wanneer dit precies is hangt af van de welke toets de school van je kind afneemt (Centrale Eindtoets, IEP, ROUTE8 of een van de nieuwe Eindtoetsen). Hoe lang de toets precies duurt hangt daar ook vanaf. De snellere toetsen duren een paar uur en de langste toets neemt drie ochtenden in beslag.

Is ‘de Citotoets’ hetzelfde als de Eindtoets?

Nee, de Citotoets en de Eindtoets zijn niet hetzelfde, hoewel er wel wat overeenkomsten zijn. De Citotoets werd tot en met 2014 door veel scholen afgenomen in groep 8. De toets was niet verplicht, maar werd vaak gebruikt om een middelbaar schooladvies te geven. Vanaf 2015 is het wél verplicht om een toets af te nemen in groep 8. Deze verplichte toets in groep 8 heet de Eindtoets. Cito levert opgaven voor één van deze toetsen, de Centrale Eindtoets, maar er zijn meer toetsaanbieders. Aanbieders van de Eindtoets groep 8 in 2020 zijn:

  1. De Centrale Eindtoets wordt door Cito gemaakt, in opdracht van het College van Toetsen en Examens (CvTE). Vanaf 2018 heeft deze toets twee varianten. De papieren Centrale Eindtoets op één niveau en de digitale adaptieve Centrale Eindtoets. Als de school ervoor kiest, kan je kind naast Nederlandse taal en rekenen ook het onderdeel wereldoriëntatie doen. De Centrale Eindtoets wordt nog steeds door de meeste scholen afgenomen.
  2. ROUTE 8 is een digitale adaptieve Eindtoets en mag sinds 2016 door scholen worden afgenomen. ROUTE 8 wordt via internet afgenomen op een computer, laptop of tablet. De toets bevat naast de verplichte onderdelen ook het optionele onderdeel persoonlijk functioneren.
  3. De IEP Eindtoets meet alleen de verplichte vaardigheden Nederlandse taal en rekenen. Deze wordt op papier afgenomen en mag sinds 2016 officieel worden gebruikt als Eindtoets groep 8.
  4. De AMN Eindtoets is een nieuwe digitale toets welke in 2017 voor het eerst werd aangeboden. Hierin worden de verplichte onderdelen rekenen en taal getoetst. De AMN Eindtoets kan worden afgenomen op allerlei apparaten en wordt door AMN op school gebracht wanneer de school niet genoeg laptops of tablets heeft. Daarnaast is deze Eindtoets adaptief en heeft de toets een bladerfunctie. Leerlingen kunnen dus vooruit en terugbladeren tijdens de toets zonder de resultaten te beïnvloeden.
  5. CESAN biedt de Eindtoets op papier aan. De visie van de CESAN Eindtoets is om de toets sober en helder te houden zodat kinderen niet worden afgeleid. Naast de verplichte onderdelen wordt ook de kennis van sociale media getest met deze toets.
  6. De DIA Eindtoets is een van de nieuwste toetsen. Deze Eindtoets meet digitaal de verplichte onderdelen Nederlandse taal en rekenen en kan in één dag worden afgenomen. In het onderdeel rekenen wordt veel beeld gebruikt zodat de taal geen struikelblok vormt.

Hoe wordt het schooladvies bepaald?

Vroeger was de Eindtoets leidend voor het advies naar welk niveau middelbare school je kind kon gaan. Maar sinds 2015 weegt het advies van de leerkracht zwaarder dan de Eindtoets. Eigenlijk best logisch: een school kent je kind meestal al acht jaar en de Eindtoets is toch een momentopname. Alleen als je kind de Eindtoets beter maakt dan het schooladvies, kan er iets aan het schooladvies worden veranderd – maar dat beslist de school. Maakt je kind de Eindtoets slechter, dan blijft het advies van de school gewoon staan.

Kan je kind zich voorbereiden op de Eindtoets?

De Eindtoets test de kennis en vaardigheden die je kind de afgelopen acht jaar heeft opgedaan. Je kind hoeft dus niet speciaal voor de toets te leren. Voorbereiden kan wel. Bijvoorbeeld om kennis te maken met de vraagstelling van de Eindtoets. Zo zitten er in Squla ook Cito-modules: om spelenderwijs bekend te raken met de Cito-vraagstelling. Op deze manier komt je kind niet voor een verrassing te staan wanneer in de Eindtoets de vragen net een beetje anders geformuleerd zijn dan de leerkracht normaal doet.

Wist je dat?

  • de allereerste Eindtoets van Cito werd afgenomen in 1968? De Centrale Eindtoets zoals deze nu is werd voor het eerst in 2015 afgenomen.
  • er voor één toetsonderdeel, bijvoorbeeld spelling, wel 360 opgaven worden bedacht, waarvan er maar 20 opgaven in de toets terechtkomen?
  • als je kind ziek is, hij of zij de Eindtoets tussen 23 april en 24 mei 2019 in kan halen?
  • ook blinde leerlingen de Eindtoets kunnen maken, namelijk met een speciale braille-versie?
  • de Centrale Eindtoets op een schaal van 501-550 wordt weergegeven om te voorkomen dat de resultaten worden vertaald in cijfers of een IQ-score

Online ouderavonden over o.a. de Eindtoets groep 8

Wil je nog meer weten over de Eindtoets? Bekijk dan de online ouderavond over toetsen op de basisschool terug. Hier vertellen toetsexperts en leerkrachten je alles over wat je moet weten over toetsen in groep 5, 6, 7 en 8.

Tip: wil je alleen informatie over de Eindtoets? Navigeer gemakkelijk door de video met de verschillende hoofdstukken of de PowerPoint sheets. Bekijk hier de online ouderavond.

Tips voor de Eindtoets

Eindtoets groep 8 2017 tips

Samen spelen op afstand: de 10 leukste activiteiten op een rij!

Annemarieke van den Berg

De meeste kinderen hunkeren inmiddels weer naar het samen spelen op het schoolplein, het buitenspelen met een hele groep buurtgenootjes of een potje Rummikub bij opa en oma. Het is moeilijk als ouder om je kind iets eenvoudigs als samen spelen telkens te moeten ontzeggen. Gelukkig is er altijd wel een alternatief te bedenken, wees creatief. Door de teleurstelling heen verschijnt er bij het doen van onderstaande activiteiten hopelijk ook af en toe een glimlach op het gezicht van je kind. Samen lol maken is juist nu ook heel belangrijk én fijn!

1. Creëer samen een ‘bestie’- foto-collage

Mist je kind zijn of haar beste vriend of vriendin ook zo? Laat ze samen een foto-collega maken op afstand. Jouw zoon of dochter maakt 10 leuke selfies van zichzelf op verschillende plekken in en om huis. Je kind kan bijvoorbeeld ook iets uitbeelden wat hij of zij graag samen doet met zijn vriend/vriendin (bijvoorbeeld voetballen, tekenen, nagels lakken etc.) De vriend of vriendin maakt ook 10 foto’s, deze foto’s sturen de kinderen naar elkaar door. Dan breekt het leukste onderdeel aan: allebei maken ze thuis hun mooiste collage van de 20 foto’s en zo ontstaan er 2 prachtige ‘bestie-collages’. Uitprinten, ophangen en genieten ♥

 TIP. Gebruik voor de digitale collage bijvoorbeeld deze app.

2. Tekenen via Google Hangouts

Maak een afspraak met de persoon die je kind graag wil ‘meeten’ in Google Hangouts (dit is gratis en je hebt hier alleen een gmail-account voor nodig). Zet tekenspullen klaar en de teken-date kan beginnen! Je kind kan zo fijn bijkletsen en ondertussen ook creatief bezig zijn. Een lang video- of telefoongesprek is vooral voor jongere kinderen en voor sommige introverte kinderen nog lastig, het kan daarom fijn zijn om terug te kunnen vallen op het tekenen. Zo is er altijd een gespreksonderwerp en hoeft je kind niet per se constant in de camera te kijken. Leuk voor na de video-chat: stuur de zojuist gemaakte tekening op naar de persoon waar je kind mee in gesprek is geweest.

3. Maak samen een vrolijke slinger

Voor de creatievelingen: maak samen met een heleboel mensen 1 slinger. Zo werkt het: jullie maken thuis samen het eerste vlaggetje van de slinger. Dit vlaggetje kan gemaakt worden van bijvoorbeeld karton, stof of plastic. Knip een vlaggetjesvorm uit en versier deze. Maak er bijvoorbeeld een tekening op of plak er glitters, letters/woorden of bloemetjes op: geef er je eigen ‘touch’ aan. Plak/schrijf je naam ergens aan/op het vlaggetje. Doe dit vlaggetje in een envelop met een briefje erbij. In dit briefje vraag je aan de andere persoon om het volgende vlaggetje te maken.

Stop de envelop nu in de brievenbus bij je oma, je buurmeisje, je beste vriend, je oom, je juf etc. Vraag aan hem of haar of ze de envelop weer bij jou terug in de bus willen doen als ze hun unieke vlaggetje gemaakt hebben, aan dat van jou gebonden hebben en alles weer terug in de envelop hebben gedaan. Je kunt de slinger zo lang laten worden als je zelf wilt, dit ligt er helemaal aan bij hoeveel mensen jij deze telkens weer in de bus doet. Hang de slinger op in je kamer, in een boom in jullie straat (als je deze samen met de buurkinderen gemaakt hebt) of stuur deze op naar een verzorgingstehuis om de mensen daar op te vrolijken.

4. Schrijf een gezamenlijk verhaal

Voor de talige kinderen, de boekenwurmen, de poëten en de fantasten: schrijf samen met een heleboel vrienden en familieleden een bizar spannend, gek, geestig, griezelig en bijzonder verhaal. Je kind begint met het schrijven van het verhaal, bijvoorbeeld de eerste alinea, of de eerste twee alinea’s. De toon is gezet….nu opsturen dat mooie verhaal in wording! Laat je kind een lijstje maken van vriendjes en/of familieleden waar hij het verhaal samen mee zou willen schrijven.

Stuur het verhaal door naar de eerste persoon op het lijstje en vraag of deze persoon de volgende alinea zou willen schrijven en het verhaal weer retour wil mailen. Je kunt nu besluiten om de volgende alinea weer zelf te schrijven óf om het verhaal meteen door te sturen naar de volgende persoon op het lijstje. Blijf het verhaal doorsturen totdat je alle personen hebt gehad en laat je kind het eind van het verhaal weer schrijven. Stuur het eindresultaat door naar iedereen die heeft meegewerkt. Iedereen zal vast en zeker super benieuwd zijn hoe jullie gezamenlijke verhaal uiteindelijk zal aflopen…..

5. Samen stoepkrijten

Hebben jullie stoepkrijt in huis? Versier jullie straat met een prachtig kunstwerk waar alle voorbijgangers vrolijk van worden! Spreek met de kinderen in de buurt af dat iedereen om de beurt verder werkt aan het stoepkrijt-kunstwerk. Ook opa’s of oma’s kunnen bijvoorbeeld op een rustig moment, wanneer er niemand op straat is, een stukje van hun creativiteit in de strijd gooien en nog even naar jullie zwaaien vanaf de straat 😊

6. Kijk samen jullie favoriete tv-programma

Keek je kind steevast ‘Lingo’ samen met zijn oma, of ‘De Beste-Vrienden-Quiz’ met zijn beste vriend? Vraag je kind eens of hij het leuk zou vinden om al bellend samen tv te kijken om zo het gevoel te hebben toch bij elkaar te kunnen zijn. Spreek van tevoren de tijd af en zet wat lekkere snacks klaar om er een gezellig moment van te maken. Hup in de luie stoel, dekentje erbij en kletsen maar!

7. Een speurtocht uitzetten

Laat je kind met een vriend of vriendin afspreken om een speurtocht uit te zetten voor elkaar. Bel, mail of app van tevoren over de spelregels en het gebied waarbinnen de speurtocht mag plaatsvinden. Maak een ouderwetse speurtocht met stoepkrijt of kies voor een speurtocht met je smartphone, bijvoorbeeld in de vorm van geo-caching (spreek samen af in welke gebieden jullie afzonderlijk gaan zoeken en houd elkaar op de hoogte van jullie resultaten). Het kan ook heel spannend zijn om zelf ergens een ‘schat’ te begraven en een bijbehorende schatkaart met routebeschrijving in de bus te doen bij je vriend of vriendin. Wat is de ‘schat’ die je aan je vriend of vriendin zou willen geven?

8. ‘Cupcake-cup’ in de straat

Houden jullie van zoetigheid en bakken? Organiseer in de buurt jullie eigen ‘cupcake-cup’! App je buurtgenoten, jong en oud, met de vraag of ze mee willen doen. Vraag iedereen om net zoveel cupcakes te bakken als het aantal deelnemers (5 deelnemers = 5 cupcakes bakken). Iedereen gaat bakken aan zijn meesterwerk met fruit, glazuur, parels of boter-crème.

Ondertussen zet iedereen een leeg dienblad of bord voor zijn voordeur waarop alle deelnemers een van hun meesterwerken neer kun zetten. Vergeet niet om alle deelnemers te vragen een vlaggetje met hun naam in hun eigen cupcake te laten zetten. Uiteindelijk heeft iedereen alle verschillende cupcakes op zijn dienblad staan en begint het leukste onderdeel: proeven en beoordelen! Maak bijvoorbeeld een groepsapp aan waarin je bespreekt hoe jullie gaan beoordelen, bijvoorbeeld met punten van 1 tot en met 10. Zet jullie beoordeling allemaal in de groepsapp……wie heeft hier de zoete overwinning te pakken?

9. Organiseer een beweeg-challenge

Er rest soms niet meer dan een groot deel van de dag te ‘chillen’ omdat de mogelijkheden zo beperkt zijn. Elke dag bewegen is wel essentieel, dus kom van die bank af en zet jezelf in beweging! Bepaal samen wat voor challenge je zou willen gaan doen; een wc-rol hooghouden, 500 meter hardlopen of zelfs een compleet parcours met diverse activiteiten…  Laat je kind een aantal vrienden, buurtkinderen en/of familieleden appen of bellen met de vraag of ze zin hebben in een actieve challenge. “On your marks, get set, ready go!”

10. Dansfeestje op afstand

Dansen maakt iedereen blij, dus ook jullie! Dansen kan ook samen op afstand, écht waar. Laat je kind een vriendje appen of bellen en organiseer een disco op afstand. Ga videobellen en zet om de beurt jullie favoriete nummer op, koptelefoons op en dans samen de sterrren van de hemel. Gekke bekken trekken, een modeshow op jouw favoriete track of een break-dance show: haal alles uit de kast!

TIP Je kunt ook samen luisteren naar een van de initiatieven voor thuis-disco’s, zoals bijvoorbeeld deze van Daan Boom, bekend van het Zapp-programma ‘Betreden op eigen risico’.

Succes met het brengen van wat lucht en vrolijkheid voor je kind in deze ingewikkelde tijd. De lach van je kind is net zo waardevol als het kaarsje dat jullie opsteken voor iedereen die het moeilijk heeft!

Schooltje spelen voor het echie: jullie tips!

Annemarieke van den Berg

En ineens waren de scholen dicht. Niet dat ik het niet zag aankomen, maar het was toch wel even slikken. En toen mijn oudste van 9 er flink verdrietig van werd, brak mijn hart ook. Want hij ging zijn vriendjes zo missen en hij vond school zo leuk. Maar tijdens mijn emo-momentje sloeg er ook nog even een ander bommetje in: oh-oh, moesten we nu schooltje spelen voor het echie?

Al snel werd er verwoed geappt in de mamagroepen, want hoe gingen zij dat doen?
De wildste indianenverhalen vlogen mij om de oren. Maar waar de ene heel strikt het schoolschema aan hield, met (I kid you not) fruit- en broodtrommels. Waren er ook een aantal relaxte ouders, die pas aan het huiswerk begonnen als hun brein weer wist wat voor en achter was. Gelukkig maar, want ik begon mij serieus een slechte moeder te voelen, omdat ik pas om 10 uur ’s morgens eens aan het thuisjuffen sloeg.

Tips voor jullie, door jullie!

Iedereen pakt het dus anders aan en dat is ok. Maar dat wil niet zeggen dat een beetje hulp en tips van anderen niet welkom zijn. Daarom vroegen wij jullie de afgelopen weken op onze socials naar tips over thuisscholen. De fijnste zetten wij voor jullie op een rijtje.

  • Huis-tuin-en-keuken rekenen
    “Sta vroeger op met je kinderen om het schoolwerk al grotendeels af te hebben, voordat je naar het werk gaat. Of begin er na het werk aan.
    Spelling doe ik tijdens de was met mijn kinderen: S-O-K of B-R-O-E-K… We rekenen met fruit: druiven, stukjes appel, mandarijn en banaan splitsen. En lezen is een bedverhaaltje voor mama😅.” Denice Schreuders
  • Doe eens gek
    “We verzinnen de gekste dingen om tussendoor te relaxen, zo hebben we dagelijks samen ochtendgym. Maar we hebben al een thuisbios gehad, veel spelletjes gedaan, in huis gepicknickt en een theekransje met lekkere zelfgemaakte koekjes die we tijdens de kookles maakten. Al met al maken we er wat speciaals van, ondanks dat er ook hard gewerkt moet worden aan het schoolwerk en de Squla opdrachten. We rekenen ook tijdens het avondeten, of met een toetje met rozijnen of gojibessen. Hoe meer ze goed rekenen, hoe meer ze krijgen. Wel 1 per rekensom he?” – Chantal Hoek
  • Ga op thuisschoolreisje!
    “Wij doen kleine educatieve schoolreisjes. Vandaag hebben we kikkerdril gezocht. Zo blijven we bij het onderwerp lente, is er wat afwisseling en zijn we er even tussenuit. En dan kunnen ze ook hun energie even kwijt!” – Nathalie Casius
  • Muntjes voor puntjes
    “Wij hebben een muntjessysteem ingevoerd. We hebben een aantal positieve en aantal negatieve dingen bedacht en het aantal munten erbij gezet dat ze kunnen verdienen of juist verliezen. ‘S avonds kunnen ze de munten inleveren voor bijvoorbeeld 10 min langer opblijven, of extra verhaaltje 😃.” – Karoline Bolleman
  • Boor andere talenten aan
    “Leer je kind tussendoor ook hele andere dingen. Zoals koken of bakken. Normaal gesproken heb je daar niet zoveel tijd voor, nu wel. Voordeel daarvan (naast het feit dat zij op hun 25e niet nog steeds wekelijks aanschuiven bij papa en mama) is dat wij over 15 jaar massaal gratis naar sterrenrestaurants gaan, omdat onze kroost daar kokkerelt!” – Lars van Bommel
  • Hang het op
    “Hier schrijven we elke taak op een post-it en die hangen we op. Elke keer als er een taak af is, halen ze de post-it weg en hangen die in de kolom ‘Klaar’. Bij een taak die af is, krijgen ze een gek dansje en een high-five. Zijn alle taken af? Dan is het feest en gaan we de achtertuin in. De rest van de dag mogen ze zelf kiezen wat ze doen.” – Ineke Hartmans
  • Doe het samen
    “Wat ons helpt, is regelmaat. We ontbijten samen en kijken naar wat er moet gebeuren. Ik help ze en toon interesse in wat ze doen. En ik geef ze zo min mogelijk de indruk dat ik het druk heb. Het huiswerk moet voor een bepaalt tijdstip af zijn zodat daarna iedereen vrije tijd heeft. Ze beginnen tegelijk want zo voorkom ik de situatie dat 1 kind klaar is en ik mij nog met een ander kind bezig moet houden. En er wordt niet gelummeld of gespeeld voor het harde werk!

    Uiteraard is er ook tijd voor funny stuff. Samen lunchen en spelen in de tuin. In de namiddag gaan we altijd iets doen maar dat is vooral goed voor mij. Dan hebben zij een minder chagrijnige vader en dat is ook wat waard in deze tijden😉.” – Arnold
  • Laat het los, laat het gaan
    “Stem af op het moment en kijk waar het kind behoefte aan heeft. Een strak schema heeft geen zin. Doe tussendoor een dansje of wat anders leuks. En maak moeilijkere opdrachten samen.” – Leoni Wieland van der Woord
  • Een frisse start
    “Hier geldt dat het voor iedereen het beste is (inclusief mijzelf), dat we de dag met een buitenactiviteit starten. Bijvoorbeeld naar het bos, een speelpleintje of in de tuin. Daar wordt iedereen veel vrolijker van! Bij de jongste is motivatie nog weleens een probleem. Dan helpt het als ik mee doe. Ik begin dan alvast aan de opdracht, alsof ik ook die ook moet doen, of ik geef er een andere draai aan.
    En in de middag: spelen met de buurkinderen! Zonder samen spelen, is er echt niks aan!

    Nog een tip, voor je broodnodige rust: leen een koptelefoon van de bouwmarkt van je buurman. Als ik die op heb, mogen ze mij alleen storen bij bloed en brand. Niet dat het echt altijd helpt… Maar je moet wat proberen hè!” – Jonne

Juf Bulstronk

Supermama kan dit, dacht ik de eerste dagen. Maar er konden geen superkrachten op tegen het verzet van mijn oudste. En ik was inmiddels een soort juf Bulstronk. Na 4 dagen belde ik de juf wanhopig op. Zij stelde mij een simpele vraag: “Heb je hém al gevraagd wat hij wil?” Whoops. Nee dus.

Na een 10-minutengesprekje met mijn negenjarige, was ik er zo achter: hij wilde op onze slaapkamer werken. Weg van papa die veelt belt en “teamt”, en heel ver weg van de marktkraamstem van zijn zusje. Het gaat nu supergoed. Dus mijn tip is: luister ook goed naar zijn wensen.

Ook dingen als verplichte pauzes of bewegen tussendoor, heb ik losgelaten. Zoals wij het nu doen werkt. En dat wil ik graag zo houden.

High five!

Het is geen wedstrijdje wie-geeft-het-beste-les. Iedereen pakt het anders aan en we doen het allemaal goed. Dus hierbij zijn jullie allemaal geslaagd voor je “Thuisjufdiploma”. Wees trots!

‘Maar wij leerden het vroeger zo…‘ Waarom leert je kind het nu anders?

Annemarieke van den Berg

Als je jouw kind helpt met zijn/haar schoolwerk zal je opgevallen zijn dat de lesmethodes en rekenmanieren heel anders zijn dan jij vroeger geleerd hebt. Wat zijn grote verschillen en waarom wordt de staartdeling nu ineens anders aangeleerd? In dit blog bespreek ik een aantal grote veranderingen. Die wellicht bij jou thuis ook de discussie ‘ja, maar maar wij leerden het vroeger anders…‘ teweeg heeft gebracht. Want de juf zei dat het zo moest! Verwarrend toch?

Realistisch rekenen in plaats van uit het hoofd stampen

Er is in de afgelopen 15 jaar veel veranderd in het rekenonderwijs. Waar voorheen kinderen met vooral rijtjes sommen leerden rekenen (niet denken maar doen), ligt nu meer de nadruk op het zogenaamde realistisch rekenen (nadenken wat je doet). Realistisch rekenen is bijvoorbeeld een som die in een verhaaltje verwerkt zit. Later in het dagelijks leven krijgt je kind namelijk ook te maken met verhaaltjessommen zoals ‘Hoeveel m² tegels heb ik nodig voor mijn terras?’.

Dit is ook bij de tafels het geval. Natuurlijk moeten kinderen nog steeds het ‘rijtje’ tafels vlot op kunnen zeggen. Maar ook begrijpen wat een tafelsom is, wordt tegenwoordig in de rekenboeken expliciet aan bod gebracht met tekeningetjes en verhaaltjes. Door deze manier van werken leren kinderen rekenbegrip.

Er is echter ook kritiek op het realistisch rekenen, waarbij gesuggereerd wordt dat rekenen hierdoor meer ’taal’ bevat. En dat ‘zwakke rekenaars’ soms in de war raken door de meerdere oplossingsstrategieën voor één soort opgave. Echter voor de ‘betere rekenaars’ lijkt het realistisch rekenen juist heel fijn. Hierdoor kunnen kinderen meer inzicht en creativiteit inzetten bij het oplossen van een som. Kortom er zijn voor- en nadelen waardoor het realistisch rekenen ook regelmatig bekritiseerd wordt.

Verschillende oplossingen: do or don’t?

Misschien komt de rekenmanier die in het lesboek van je kind staat veel omslachtiger over dan hoe jij het vroeger geleerd hebt. Toch zorgen soms uitgebreidere oplossingsstrategieën ervoor dat er meer ‘begrip’ komt bij een som. Of blijkt er uit onderzoek dat met een bepaalde uitleg een som door de meeste kinderen sneller begrepen wordt of beter onthouden wordt. Er zijn vaak jaren onderzoek aan vooraf gegaan voordat een lesmethode uitgebracht wordt.

Vaak zie je dat in de klas eerst de ene manier wordt aangeleerd, blijkt dit niet te werken, kan overgeschakeld worden op een andere manier. Het is voor je kind het prettigste om ook thuis de manier te gebruiken die in eerste instantie in de klas aangeleerd wordt.

Zwakke rekenaars: 1 rekenmanier

Maar wat als je kind het toch niet snapt? Soms is het goed om een andere rekenmanier aan te leren. Toch moet je hiermee voorzichtig zijn. Vooral zwakke rekenaars raken enorm in de war als ze ineens een andere manier leren en maken juist meer fouten omdat ze al die verschillende rekenmanieren op de verkeerde som toepassen. Zwakke rekenaars moeten eigenlijk maar één oplossingsmanier aangeleerd krijgen en vervolgens deze heel vaak oefenen.

Bussommen

In de rekenboeken van groep 3 zul je zien dat het rekenen realistischer gemaakt wordt. Een veelvoorkomende som zijn de bussommen. De bus is een hulpmiddel voor sommen tot en met twintig. Het is een situatie waar sprake is van ‘erbij’ en ‘eraf’.

Er zitten 2 mensen in de bus, bij de halte stapt een meneer erbij in de bus, hoeveel mensen zitten er nu in de bus?

Hier wordt ook gebruik gemaakt van de woorden ‘erbij’ en ‘eraf’, in plaats van ‘plus’ en ‘min’. Als ouder vind je het wellicht vreemd: ‘Hoezo erbij? Dat noem je toch gewoon plus?’ . Toch kan andere benaming gebruiken bij dit soort sommen juist verwarrend zijn voor je kind, zeker als hij/zij rekenen moeilijk vindt.

De staartdeling of herhaald aftrekken?

De grote deelsommen kunnen op verschillende manieren uitgerekend worden. De ‘ouderwetse’ klassieke staartdeling wordt nog steeds op veel scholen aangeboden, maar veel rekenmethodes bieden dit op een andere manier aan. Namelijk door herhaald aftrekken, ook wel de hapmethode genoemd.

De hapmethode

De hapmethode legt uit dat je delen kunt zien als herhaald aftrekken. Je gaat van het getal telkens hapjes afhappen tot je bij nul (of later nul met rest) eindigt. Ondanks de vele stappen en de soms ellenlange lijst aan herhaald aftrekken zien ze precies welke hapjes er worden afgehaald. Bij het toepassen van de hapmethode is het wel noodzakelijk dat je kind de tafels oefent en dan vooral de tafels 1, 2, 5 en 10. Toch wordt de hapmethode ook regelmatig bekritiseerd.

  • De stappen zijn onhandig en omslachtig.
  • Door zoveel verschillende stappen raken zwakke rekenaars in de war.
  • Er lijkt een groter kans op het maken van rekenfouten.

De staartdeling

De klassieke staartdeling is gebaseerd op het feit dat je delen kunt zien als het omgekeerde van vermenigvuldigen. 8 : 4 = 2 omdat 2 x 4 = 8. De welbekende lange som tussen de schuine strepen 24/1248\

De staartdeling heeft echter ook nadelen, zoals:

  • Zwakke rekenaars vinden de stappen lastig.
  • Voor delingen met kommagetallen gelden aanvullende regels, die verwarrend zijn.
  • Als het antwoord een ‘0’ bevat, wordt deze nogal eens vergeten waardoor het antwoord soms 10x of 100x te klein is.

Er zijn weinig wetenschappelijke onderzoeken die antwoord geven op welke manier beter is, dus beide manieren blijven een punt van discussie. Het zal ook per kind verschillen welke manier beter begrepen wordt. Wat wel uit onderzoek blijkt is dat het opschrijven van tussen antwoorden op een kladblaadje een positief effect heeft op de rekenresultaten. Een kladblaadje gebruiken blijft dus heel belangrijk! Helaas heeft het vaak een imago dat het beter en sneller is om iets uit je hoofd te rekenen. Maar dit kost toch onnodige foutjes.

Tafels met strategieën

Tafels werden vroeger vooral als rijtjes aangeleerd om uit het hoofd te stampen. Hoewel dit nog steeds nodig is om vlot de tafels te kunnen benoemen wordt er ook steeds meer gewerkt aan begrip. En dat als je een antwoord niet weet, je verschillende strategieën kunt inzetten om tot een antwoord te komen. Daarom zie je tegenwoordig veel sommen die deze strategieën aanleren in het rekenboek. Ook staan er vaak plaatjes van kinderen met denkwolkjes bij die uitleggen op welke manier er gerekend is.

Herhaald optellen

Tafels zijn eigenlijk een verkorte vorm van herhaald optellen. De som 3 x 2 = zou je kunnen zien als 2 + 2 + 2 = 6. Daarom worden in in de rekenmethodes van groep 4 veel sommen al op deze manier aangeboden.

Omkeersommen

Doordat je tafelsommen kunt omkeren, kent je kind al een aantal sommen van de andere tafels. De omkeerstrategie maakt een soms zoals 4 x 8 ‘makkelijker’ door om te keren naar 8 x 4. De tafel van 4 kennen de kinderen vaak al eerder dan de tafel van 8. Zo kun je veel sommen al oplossen door kennis van een eerdere tafel.

Doordat je 9 x 2 kent, ken je 2 x 9 ook.
Doordat je 7 x 2 kent, ken je 2 x 7 ook.

De omkeerstrategie is dus een heel handige strategie. En de omkeersommen worden daarom in veel rekenboeken geoefend.

Verdubbelen en halveren

4 x 8 = 32 dus 8 x 8 = het dubbele van 32, 64 dus! Dit kan natuurlijk ook andersom: 5 x 8 =… (10 x 8 = 80 dus de helft van 80 is 40, dus 5 x 8 = 40)

Taalonderwijs vroeger en nu

Het taalonderwijs wordt de laatste 15 jaar meer gekenmerkt met meer aandacht op spreken en schrijven en is dan ook meer gericht op de uiting van de eigen mening en de uiting van de eigen beleving van je kind. Daarom zul je in het taalboek nu ook meer opdrachten zien die hier op doorvragen.

Aardrijkskunde

Ook bij Aardrijkskunde is in de afgelopen jaren wat veranderd. Er wordt meer aandacht besteed aan achtergrondinformatie van steden, omdat plaatsnamen met een context (bijvoorbeeld een verhaal over wat er kenmerkend voor Parijs is) ervoor zorgt dat het beter onthouden wordt.

Maar de juf zegt…

Ja maar, de juf zegt dat het zo moet...’ Tja, dat zorgt nog wel eens voor een discussie thuis. Zeker als je momenteel thuisonderwijs geeft zal het zoeken zijn naar de manier van uitleggen. Toch staat in de meeste methodes van taal of rekenen een voorbeeld bij een opdracht. Door aan dat voorbeeld vast te houden, weet je dat je in principe aansluit bij de manier van school.

Als ik zelf wel eens inval als juf in een klas hoor ik ook regelmatig ‘Onze juf doet dat anders..Klopt, ik ben niet jouw eigen juf, en daarom doe ik ook dingen anders, maar ik ga het je toch proberen uit te leggen. Daarom heb ik momenteel enorm veel respect voor alle ouders thuis die hun kinderen helpen bij het thuisonderwijs. Iedereen worstelt hiermee, maar meer als je best kun je niet doen.

Dit blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel, leerkracht en intern begeleider groep 5-8 in het basisonderwijs. Maar tijdens de Coronacrisis ook een thuiswerkende mama/juf.

Geraadpleegde bronnen:
Ros, B., (2009) Staartdelen of happen, Didaktief, nr. 1-2, p. 4-8

Sociale betrokkenheid: een nieuw vak voor jullie thuisschool!

Annemarieke van den Berg

Iedereen zijn wereld is noodgedwongen heel klein geworden. Jullie zijn als gezin gelukkig samen, jullie kunnen zorgen delen en jullie zinnen samen verzetten. Voor veel mensen ligt dat helaas anders; er is nu veel eenzaamheid. Hoe maak je je kind op een zachte manier bewust van het belang van sociale betrokkenheid? En wat zouden jullie vanuit huis kunnen doen om de wereld een klein beetje mooier te maken? Lees verder voor tips en inspiratie…

Sociale betrokkenheid = eerst lief zijn voor jezelf….

Sociale betrokkenheid klinkt prachtig, maar is jouw kind daar (al) wel aan toe? Wil je je kind hier eigenlijk wel iets van meegeven of scherm je je kind bewust liever af van al de verdrietige gevolgen? Het antwoord op deze vragen zit hem deels in het karakter van je kind. Is je kind emotioneel stabiel en laat hij zware onderwerpen en negatieve emoties gemakkelijk van zich afvallen, dan is het vaak niet zo’n probleem om je kind in te lichten over de problemen op sociaal gebied in de maatschappij. Is je kind gevoeliger en trekt hij zich doorgaans erg veel aan, dan is er meer voorzichtigheid geboden. Dit zegt niet dat je het er niet over kunt hebben, want vaak pikken gevoelige kinderen juist snel heel veel emoties op en schept het juist duidelijkheid als ze exact weten wat er speelt in de wereld. Breng het rustig, doseer naar behoefte van je kind en neem de tijd en rust om al zijn vragen te beantwoorden.

TIP We zitten, los van de mensen die werkzaam zijn in cruciale beroepen, bijna allemaal thuis. Dat feit is voor de meeste kinderen al overweldigend genoeg: schoolwerk aan de keukentafel, niet spelen met vriendjes, geen bezoekjes aan opa en oma…Het is niet voor alle kinderen weggelegd om meteen aan een ander te kunnen denken. Zorg er eerst voor dat je kind zich überhaupt overeind houdt in deze moeilijke situatie; dit gaat boven alles. Probeer je kind niet te overvoeren. De ouderwetse rust, reinheid en regelmaat zijn weer helemaal van nu!

….en dan lief zijn voor een ander ♥ 

Als je kind zich ok voelt, dan ontstaat er ruimte om verder te kijken naar wat er speelt in de wereld. Kijk bijvoorbeeld samen het (jeugd)journaal en lees af en toe iets voor uit de krant of van een online-nieuws-site wat gerelateerd is aan eenzame ouderen of de druk die wordt ervaren in de zorg. Probeer dit te vertalen naar de belevingswereld van je kind en gooi eens een balletje op: ‘zouden wij iemand ergens mee kunnen helpen?’

TIP Introduceer een kleine extra opdracht voor jullie school aan huis: een leerzame les in de betekenis van sociale betrokkenheid. Maak een tekening of een moodboard (knippen uit oude tijdschriften) met bijvoorbeeld als thema: ‘Ik help andere mensen’. Bespreek de tekening of het moodboard en vraag waarom hij wat uitgeknipt of getekend heeft. Zoek met oudere kinderen ook de betekenis van sociale betrokkenheid of sociale cohesie op in een (online) woordenboek en laat ze daarna zelf hun eigen definitie formuleren.

De inner circle van je kind

Het is inmiddels duidelijk dat jullie graag in actie komen, maar hoe en voor wie? Het is fijn voor je kind om het overzichtelijk en grijpbaar te maken. Wie zou er hulp nodig hebben in deze tijd? En wie kennen jullie allemaal? Wie woont er alleen, wie is er enigst kind, wie woont er in een verzorgingstehuis? Bedenk samen wie jullie hulp het hardste kan gebruiken. Bedenk samen wat de meest passende hulp is voor iedereen. Voor je oudtante in het verzorgingstehuis is een lieve zelfgemaakte kaart heel waardevol, voor je hoogbejaarde buurman een bosje bloemen voor de voordeur en opa en oma worden het meest blij van een vrolijke video-boodschap. Vergeet ook niet te denken aan klasgenootjes die enigst kind zijn, buurtkinderen die weinig vrienden hebben of kinderen die in zorginstellingen wonen.

TIP Teken samen met je kind een ‘contacten-cirkel’. Het is leuk om te doen en het geeft meteen inzicht in zijn sociale structuur. Laat je kind zijn eigen naam of ‘ik’ in het midden zetten, de leden van jullie gezin in de eerste cirkel, andere familieleden in de tweede cirkel, vrienden en kennissen in de derde cirkel enz. Klik hier voor een voorbeeld.

Tijd voor de echte actie!

En dan is het nu tijd om brooddeeg te gaan maken, bloemen van crêpe-papier te knutselen, ansichtkaarten te maken en te schrijven (TIP: postzegels zijn online te bestellen in de vorm van een code) en video-boodschappen op te gaan nemen. Het leukste onderdeel is aangebroken! Geniet ervan om samen lekker bezig te zijn. Jullie actie brengt andere mensen warmte, maar hopelijk brengt het jullie ook wat ontspanning, even weg van jullie (school-)werk. Vergeet ook vooral niet achteraf te bespreken wat ‘sociale betrokkenheid’ in de praktijk nu eigenlijk doet met je kind. Hoe voelt het om aan een ander te denken en voor een ander te zorgen; je kind kan hier heel veel van leren.

TIP Maak van tevoren een klein actieplan; hoeveel bloemen van crêpe-papier gaan jullie bijvoorbeeld maken, voor wie precies en wanneer en hoe gaan jullie ze brengen/opsturen? De meeste kinderen worden rustig van overzicht en achteraf geeft het veel voldoening als het doel uit jullie actieplan ook daadwerkelijk afgevinkt kan worden. Belangrijk: probeer ook veilig te werken volgens de regels van de RIVM. De gezondheid van iedereen staat op nummer 1!

#Daslief: zet ‘m op samen, we kunnen elkaars warmte goed gebruiken!

Squla effectief inzetten bij thuisonderwijs

Annemarieke van den Berg

In deze periode willen we leerkrachten natuurlijk extra ondersteunen. Daarom geeft onderwijsexpert Annemieke tips die je helpen om Squla zo in te zetten dat je je leerlingen het onderwijs kunt geven dat ze verdienen.

Annemieke vertelt 

We zijn inmiddels wat weken onderweg. Ik merk dat we er een beetje aan ‘gewend’ raken en dat leerkrachten zich nog meer gaan richten op effectief thuisonderwijs. Ik hoop hierbij tips te geven die je helpen om Squla optimaal in te zetten de komende tijd. Hierbij wil ik gelijk graag juf Esther van Vliet bedanken voor haar tips. Mocht je ook een goede tip hebben, mail die dan naar winactie@squla.com. Onder de inzendingen worden 5 Squla-bordspellen verloot om straks – als het weer mag – te spelen met de hele klas.

Niet alleen verschillen tussen leerlingen

Thuisonderwijs geven is een flinke uitdaging, want je hebt te maken met verschillen tussen leerlingen én verschillen tussen thuiswerksituaties. Ga daar maar aan staan. Respect voor iedereen die daar vol voor gaat. Als juf of meester heb je zelf ook je eigen thuiswerksituatie en IT-vaardigheden. Ik bekeek vanmorgen een goed bedoeld filmpje van een enthousiaste meester die liet zien hoe hij online onderwijs vormgeeft. Hup, even split screens inzetten, schakelen van de ene app naar de andere, het contact structureren… Ik haakte af. 

Goede moed!

Zoiets is niet voor iedereen even makkelijk. En al helemaal niet als je jongste weer zit te gamen en niet aan zijn schoolwerk zit, terwijl ook je boodschappen eindelijk bezorgd worden en er helaas toch weer geen eieren bij zitten. Maar vol goede moed zetten we door! We zullen altijd blijven streven naar goed onderwijs.

Tip 1: geef gerichte opdrachten op

Geef je leerlingen gerichte opdrachten als ze Squla spelen. Je kunt bijvoorbeeld aangeven hoeveel minuten je wilt dat ze op Squla spelen. Dit kan ook specifiek per vak. Of geef een specifieke opdracht, zoals: ga naar Rekenen en speel de Quiz ‘werken met vormen en figuren’.

Tip 2: geef een weektaak op

Je kunt natuurlijk ook meerdere opdrachten tegelijk opgeven voor een week. Gebruik daarvoor de Weektaakkaart, waar je de te spelen minuten per vak in kunt aangeven. Je kunt hierin ook specifieke quizzen opgeven als taak. 

Tip 3: quizzen voor een brede ontwikkeling 

Squla is uitermate geschikt om behalve aan de basisvakken ook te werken aan de brede ontwikkeling van je leerlingen. De quizzen worden voortdurend aangevuld met actuele onderwerpen. Kijk eens bij Checkit! bij jouw groep. Ook zijn er voor de bovenbouw quizzen op het gebied van het ontwikkelen van 21e-eeuwse vaardigheden, zoals programmeren of je mening geven. 

Ik raad je aan om ook die quizzen een plek te geven in de weektaak, en wel voor alle leerlingen. Dus niet alleen als uitloopopdracht of extra opdracht voor de kinderen die snel klaar zijn.

Tip 4: Squla is er ook voor peuters en kleuters 

Ook voor peuters en kleuters zijn er diverse quizzen te vinden. Zo worden er verhaaltjes voorgelezen en zijn er quizzen over getallen herkennen. Maar denk ook aan Buurman & Buurman quizzen waar na een kort filmpje vragen worden gesteld over bv. vormen. Alle vragen worden voorgelezen.

Tip 5: ‘wat heb je geleerd van deze quiz?’ 

Geef een specifieke opdracht bij de taak, zodat je leerlingen meer stilstaan bij wat ze ervan geleerd hebben. Denk aan: geef in één zin of een tekening aan wat je geleerd hebt van deze quiz. Of geef aan waarom een andere leerling deze quiz moet spelen! Wat is er leuk en leerzaam aan?

Tip 6: de dictees van Mees Kees 

De dictees van Mees Kees vanaf groep 4 zijn zeer de moeite waard! Het is natuurlijk al leuk dat Mees Kees de zinnen en woorden uitspreekt. De leerlingen krijgen directe feedback. Dit gebeurt al tijdens het typen van de letters, waardoor de leerlingen direct weten wat ze fout doen. Zo hoeven ze niet zelf na het fout typen van een woord, de fout te herkennen als ze het juist gespelde woord zien. Dit helpt de kinderen die niet zelf zien wat ze fout doen. 

Ze krijgen nu bij het typen van een verkeerde letter direct al te horen welke spellingregel er hier van toepassing is, waarna ze nog een kans krijgen om de fout te verbeteren. Bij de tweede keer fout zien ze de juiste letter in beeld, die ze zelf vervolgens moeten typen. Ze typen, eventueel met feedback, dus zelf altijd het woord goed. Zeer effectief! 

Tip 7: geef kijkvragen bij uitlegfilmpjes 

Bij elk vak staan ook uitlegfilmpjes. Geef op welk filmpje de kinderen moeten bekijken en geef hier een kijkvraag bij. Bij een filmpje over woordsoorten kun je bijvoorbeeld als opdracht meegeven: noem 3 woordsoorten die uitgelegd worden in het filmpje. Benoem 1 ding dat je nog niet wist.

Tip 8: wedstrijdjes spelen 

Laat je leerlingen ook wedstrijdjes tegen andere kinderen spelen, dat doen ze immers graag. Ze kunnen kiezen uit verschillende vakken. Proberen? Ga naar de banner met ‘Wedstrijdje’ op de startpagina. Leuk en leerzaam!

Tip 9: leerlingen indelen in passende groep 

Met je Squla leerkrachtenaccount kun je de leerlingen zelf indelen bij een groep. Zo kun je een sterke leerling van groep 2 bijvoorbeeld overzetten naar groep 3. Een simpele manier om het niveau per leerling aan te passen! 

Tip 10: monitoring 

Met je leerkrachtenaccount kun je inzien welke quizzen je leerlingen maken en hoelang ze spelen op het platform. Deze informatie kun je ook goed gebruiken om  ouders op de hoogte te brengen van wat het kind zoal doet op Squla. 

Zo kan je bijvoorbeeld ook aangeven dat het voor hun kind goed zou zijn om wat meer taalquizzen te spelen in plaats van rekenen. Blijf hierbij positief, en sla niet door in het controleren. Dat komt de motivatie niet ten goede.

Succes en sterkte de komende tijd! 


Laat de moed niet in je schoenen zinken: blijf positief!

Annemarieke van den Berg

Stond jij altijd al bekend als het zonnetje in huis of is het glas bij jou juist altijd half leeg? In deze ingewikkelde tijden komt een positieve mindset erg goed van pas. Niet alleen voor jezelf, maar ook zeker voor je kinderen! Je hebt geluk als je van nature makkelijker een roze bril op zet dan een zwarte. Mocht je daar wat meer moeite mee hebben, dan is er ook goed nieuws: je kunt het jezelf gewoon aanleren. Wees positief, ook al moet dat soms misschien van heel ver komen, en laat je hele gezin daarvan profiteren! Hier beneden vind je handige tips!

Positief blijven = het goede voorbeeld

Na een aantal weken samen thuis verlangen de meeste gezinsleden vast weer heimelijk naar het ‘normale’ leven. Helaas is dat nog niet aan de orde. Hoe gaan jullie daarmee om als gezin? Zitten jullie in zak en as, of nemen jullie het leven zoals het komt? In de meeste gezinnen gaat iedereen op zijn eigen manier om met het nieuws en de situatie en dat is natuurlijk ok. Toch kan het geen kwaad je eigen gedrag en al je uitingen eens kritisch onder de loep te nemen. Jij bent hét grote voorbeeld voor je kind, dus jouw gedrag heeft effect op zijn gemoedstoestand. Als jij je best doet af en toe de tijd te nemen voor een grapje tussen de hectiek door, dan zullen jullie daar direct allebei een positief gevoel aan over houden.

TIP Wil je in deze bedrukkende weken wat meer positiviteit in je gezin (en in de opvoeding) blazen? Er zijn talloze online-cursussen te vinden die je opvoedingsskills en de sfeer binnen je gezin een boost kunnen geven.

Focus op wat wél kan: wees positief

Er zijn eindeloos veel dingen te benoemen die niet mogelijk zijn door de huidige omstandigheden. De focus daar op blijven leggen maakt verdrietig en down. Als mensen te lang alleen negativiteit om zich heen hebben worden ze diep ongelukkig. Het kan jullie dus ver brengen als jullie je als gezin gaan richten op wat nog wél kan. Je zult zien dat er meer mogelijk is dan jullie wellicht eerst voor ogen hadden!

TIP Roep het gezin bij elkaar voor een pauze. Doe een rondje langs iedereen: elk familielid noemt 3 dingen op die niet kunnen, maar die hij wel heel erg mist. Het volgende rondje benoemt elk familielid zoveel mogelijk dingen op waar hij positieve energie van krijgt en die nog wel kunnen. Laat 1 gezinslid alles opschrijven en hang dit briefje op de koelkast of op een andere plek waar iedereen vaak langs loopt. De aanblik van dit briefje ga je op zeker moment automatisch koppelen aan een positief gevoel, want het zijn dingen waar jullie blij van worden en die nog wel kunnen.

Maak het gezellig in jullie ‘bubbel’

Een omgeving die als een warme deken om je heen valt zorgt voor een instant positief gevoel. Laat dat nu net ook een van die dingen zijn die je wél direct kunt realiseren. Zet een bloemetje op tafel (of maak deze met je kind samen van crêpepapier), dek de tafel eens wat vaker met een ouderwets gezellig stoffen tafelkleed, hang vrolijke tekeningen van je kind op of bestel een blik verf en omring je met je lievelingskleur. Kaarsjes aan, dekentjes op de bank, appeltaart in de oven…..Home sweet home!

TIP Kan jullie school aan huis (de keukentafel/eethoek!) wel wat extra decoratie gebruiken? Combineer het leren van letters met creatief bezig zijn en maak samen een leuke letter-slinger van papier!

Samen zijn is samen lachen, samen huilen

Deze periode thuis kan ook een moment van bezinning zijn voor sommigen. Je denkt misschien meer na over jezelf en over het leven, doordat je daar nu alle tijd voor hebt. Bij je kinderen kan dit ook het geval zijn. Liep je zoon bijvoorbeeld op school al regelmatig vast bij spelling, dan kan dit thuis (zonder de extra instructie en ondersteuning) extra naar boven komen drijven. Je kind kan hierdoor extra gaan piekeren of een woede-uitbarsting krijgen. Probeer ook hier iets positiefs uit te halen voor je gezin. Jullie zijn nu samen en dat is in dit geval super fijn. Een kind wil immers niets liever dan zijn ouders in de buurt als hij zich verdrietig voelt. Probeer te genieten van het feit dat je elkaar optimaal kunt (onder)steunen door veel te kletsen en te knuffelen.

TIP Probeer er juist nu ook écht te zijn voor je kind. Je werk raast door, de kinderen vragen om aandacht. Je voelt je misschien onzeker over de nieuwe situatie, omdat je niets voor de volle 100% kunt doen. Probeer je te blijven realiseren dat je werkgever over 10 jaar echt niet meer zal weten hoe die ene conference call verliep, maar dat je kind zich over 10 jaar nog wel zal herinneren hoe liefdevol jij hem hebt getroost toen hij er echt doorheen zat. Geef alles op alle vlakken, maar blijf wel relativeren en wees trots op jezelf en op je kinderen!

Succes en sterkte in jullie eigen bubbel. Blijf positief. Let love rule.

Samen thuis: geef elkaar de ruimte!

Annemarieke van den Berg

Daar zitten jullie dan al een hele tijd: noodgedwongen fulltime samen thuis….Al je rollen lopen dwars door elkaar heen, waardoor niets meer op rolletjes lijkt te lopen. Je was stapelt zich op, je vraagt je af of de kinderen wel bijblijven met hun schoolwerk en dan nog niet gesproken over die eindeloze stroom aan werktelefoontjes. Je verlangt naar structuur en rust voor iedereen. Het lijkt een onmogelijke opgave om van dit noodgedwongen samenzijn het beste te maken en toch…….er is HOOP! Lees verder voor tips en ondersteuning in deze roerige tijden.

Samen thuis = stoom uit je oren

Je leeft op elkaars lip en je leeft vaak met zeer diverse karakters samen binnen 1 gezin. Dat is in het ‘normale’ leven al best wel eens een uitdaging, maar nu fulltime samen thuis kan het nóg interessanter worden 😉. Dit zorgt zo nu en dan voor wrijving, dat is niet te voorkomen. Iedereen heeft, in zekere mate, spanning in zijn lijf en deze moet er een keer uit. Laat het gewoon gebeuren, het is nu eenmaal het gevolg van de situatie waar we inzitten. Het belangrijkste hierbij is dat je blijft communiceren met elkaar en begrip blijft tonen voor iedereen zijn gevoel.

TIPS:

  • Iedereen heeft zijn eigen manier om om te gaan met frustraties. Voor het ene gezinslid is dit het beoefenen van een sport. Voor het andere gezinslid is dit het luisteren van muziek en de ander vindt het weer fijn om de rust op te zoeken van een creatief werkstuk om zichzelf weer te herpakken. Laat iedereen in zijn waarde en respecteer hoe iedereen op zijn eigen manier zijn emoties verwerkt. Het kan soms fijn zijn om na een ruzie juist samen even te bewegen of te dansen op muziek in de woonkamer. Zo kun je samen ontladen en de ruzie of opgekropte frustraties op een positieve manier afsluiten of ombuigen.
  • Creatief en sportief project: maak samen een eigen bokszak en hang deze op in je huis of tuin. Bestempel de plek rondom de bokszak als een plek om even ‘stoom af te blazen’. Spreek samen af dat er maar 1 iemand tegelijk op deze plek mag zijn. Je kunt de bokszak maken van een stevige jutezak, een oude verpakking van cement of mest of van een stukje meubelstof dat je met dubbele naden aan elkaar stikt. Vul het onderste deel van de bokszak met zand en vul daarna op met oude vodden, stukjes textiel, schuim of rubber. Knoop de zak dicht en hang deze op. En knallen maar!
  • Print Squla’s emotie-meter uit en plak deze ergens centraal op de muur met washi-tape. Lees hier nog eens na hoe je samen een boze donder-wolk bij je kind kunt verdrijven.

Vijftien minuten voor jezelf

Aan het einde van de dag, na een lange reeks activiteiten, ga je dan eindelijk even zitten op de bank. Nog steeds maakt je hoofd overuren; heb ik alles gedaan wat ik moest doen? is iedereen ok? hoe staat het er voor in de wereld op dit moment, wat is het nieuws? En voor je het weet zit je weer in een telefoongesprek met je moeder en daarna aan een potje Monopoly met je jongste. Onthoud dat als de luchtdruk wegvalt in een vliegtuig dat je ook eerst je eigen zuurstofmasker op moet zetten en daarna pas dat van je kinderen….. Ook jij hebt in spannende tijden tijd nodig om op te laden. Zorg goed voor jezelf!

TIP:

Neem vijftien minuten per dag voor jezelf. Het lijkt weinig, maar het voelt als een wereld van verschil. Probeer het maar eens uit! Ga mediteren, een tijdschrift lezen met je koptelefoon op, neem een voetenbad of los een puzzel op in de krant. Hou het vooral simpel. Gewoon je ogen dichtdoen is ook heerlijk en erg effectief!

Die pauze is natuurlijk voor de rest van je gezin nét zo belangrijk als voor jou, dus bespreek samen goed wie wanneer pauze heeft en waar en hoe iedereen die doorbrengt. Probeer elkaar niet te storen en dit korte moment van rust te respecteren.

In elkaars vaarwater

Jullie huis lijkt na al die dagen rommeliger dan ooit. Jullie beginnen je soms te irriteren aan elkaars ‘troep’. Slechte gewoontes worden uitvergroot als je zo dicht op elkaar leeft. Jullie houden van elkaar en hebben allemaal de intentie om in liefde en vrede door deze moeilijke periode te komen. En toch? Waarom praat je partner zo hard en veel als hij belt met zijn collega’s, waarom dropt je zoon zijn kleding net vóór de wasmand en niet erin en waarom ‘steelt’ je dochter telkens al je pennen uit je werktas? Probeer irritaties te voorkomen door bewust niet telkens in elkaars ‘zone’ te lopen. Vooral overdag, als school en werk top of mind zijn, is een eigen plekje in rust ontzettend belangrijk. Het hangt natuurlijk af van je woonsituatie in hoeverre je echt feitelijk een eigen ruimte op kunt zoeken voor meer rust en privacy, maar je kunt altijd je creativiteit gebruiken.

TIPS:

  • Maak een extra bureau van een paar klus-schragen uit de schuur en een stukje resthout van een oud-klusproject, zodat je werk/schoolspullen in ieder geval op een vaste plek liggen. Een diepe vensterbank is ook een goed alternatief! Een eigen werkplek, van welk formaat dan ook, zorgt voor structuur en rust in je hoofd.
  • Heb je nog een klein tentje liggen op zolder? Zet deze op voor je kinderen, desnoods in een hoek in de woonkamer. Spreek af dat dit de plek is waar ze zich even terug kunnen trekken en ‘rust’ kunnen ervaren in de drukte.
  • Spreek dagelijks/wekelijks een gezamenlijk opruim-uurtje af. Iedereen ruimt zijn eigen spullen op die door het huis verspreid liggen. Als er al iemand eerder klaar is, dan helpt hij de rest. Vele handen maken licht werk. Voor kinderen die competitief zijn ingesteld kun je werken met een stopwatch en vooraf afspreken welke tijd hij denkt te kunnen gaan behalen. Een nieuw persoonlijk record moet natuurlijk absoluut beloond worden met zelfgebakken cupcakes!

Probeer ondanks alle kleine huiselijke frustraties en irritaties dankbaar te zijn voor jullie gezondheid en jullie liefde voor elkaar. Sta, bijvoorbeeld voor het avondeten, elke dag even kort stil bij alle mensen die het moeilijk hebben en/of eenzaam zijn. Count your blessings en houd de moed erin samen!

Hoe leg je het Coronavirus uit aan kinderen?

Annemarieke van den Berg

Het Coronavirus houdt ons allemaal bezig. We praten er iedere dag over. Maar ook in het hoofdje van jouw kind gaan veel vragen, zorgen en onduidelijkheden om. In dit blog lees je hoe je uitleg kunt geven en kunt relativeren door met je kind over het Coronavirus te praten. En leg ik je 2 leuke proefjes uit om de verspreiding van ziekteverwekkers zichtbaar te maken voor kinderen.

Luisteren en vragen stellen

Probeer na te gaan wat je kind al weet over het Coronavirus door open vragen te stellen. Kinderen lezen veel op social media of hebben ook dingen gehoord via leeftijdsgenootjes die niet altijd ‘kloppend’ zijn. Daarnaast kunnen kinderen ook niet goed beoordelen of iets ‘fake nieuws’ is. Vraag bijvoorbeeld:

  • Wat heb je van andere kinderen gehoord?
  • Wat heb je via school gehoord?
  • Wat heb je erover gelezen?

Ieder kind gaat hier op zijn eigen manier mee om, probeer actief te luisteren en geef aan dat je altijd open staat voor vragen, ongeacht hoeveel vragen hij/zij heeft. Vaak hebben kinderen hele praktische vragen zoals: mag ik naar mijn vriendje/vriendinnetje toe? Kan papa of mama ziek worden? Jonge kinderen maken zich in eerste instantie vooral zorgen om hun eigen gezondheid of die van papa of mama.

Geen één vraag is gek en probeer een eerlijk antwoord te geven. Ook is het heel logisch dat je kind ook vooral geruststelling nodig heeft. Sommige nieuwsberichten en beelden kunnen best beangstigend zijn. Door duidelijkheid te geven over wat het virus precies is, kan dit geruststelling geven bij je kind.

Het Coronavirus in kindertaal

Vooral voor jonge kinderen is het virus nog moeilijk te begrijpen. Ze hebben er hoe dan ook in de afgelopen weken veel over gehoord. En toch is er een grote kans dat er nog veel onbekend is voor je kind. Door er samen over te praten komen die vragen en onduidelijkheden vanzelf naar voren. Jij bent als ouder een ‘veilige haven’ in deze onrustige tijd. Door zelf over het virus te vertellen geef je duidelijkheid en dus geruststelling aan je kind. Vertaalt in kindertaal is het virus bijvoorbeeld als volgt uit te leggen:

Iedereen is wel eens verkouden of krijgt wel eens de griep. Dat komt door een virus. Een virus is een klein onzichtbaar iets wat tussen mensen reist. Sommige virussen zijn goed en doen mensen geen kwaad, andere virussen zijn slecht en maken mensen ziek. Griep is ook zo’n virus waar mensen ziek van worden. Maar waar ook veel mensen vanzelf weer beter van worden. (Weet je nog dat je zelf griep had?) Het Coronavirus is ook een griepvirus. Het is eigenlijk gewoon een nieuwe soort griep. Kinderen kunnen het Coronavirus wel krijgen, maar worden er meestal niet heel ziek van. Je krijgt bijvoorbeeld koorts en gaat hoesten en vaak gaat het vanzelf weer over.

Heel veel mensen praten nu over het Coronavirus omdat het een nieuw virus is. Het nieuwe Coronavirus kan voor sommige mensen wel gevaarlijk zijn. Vooral voor oudere mensen en mensen die al wat zieker zijn. Die mensen moeten dus extra voorzichtig zijn dat ze het virus niet krijgen.

Voor gewone griepvirussen die we al wel kennen hebben onderzoekers een vaccin gemaakt waardoor oudere of zieke mensen geen griepvirus meer kunnen krijgen. (net als dat jij wel eens prikjes hebt gehad om niet ziek te worden, dat was ook een vaccin voor een ziekte) Maar omdat het Coronavirus een nieuw virus is, is er nu nog geen vaccin voor. De onderzoekers zijn natuurlijk wel heel druk bezig om een vaccin en medicijnen voor het Coronavirus te maken. Doktoren kunnen in het ziekenhuis nog wel andere dingen doen om te helpen.

Een groot probleem van een virus is dat het van je lichaam naar het lichaam van iemand anders reist zonder dat je dat ziet of merkt. Via je handen, of door te niezen of te hoesten kun je het virus aan iemand anders doorgeven. Daarom moeten we heel voorzichtig zijn en er alles aan doen om onszelf en anderen te beschermen, zodat zo min mogelijk mensen ziek worden. We willen dat alle mensen goed opletten en zoveel mogelijk thuis blijven zodat het virus zich niet te snel verspreidt. Hierdoor hebben de dokters en de onderzoekers genoeg tijd om zieke mensen te helpen en medicijnen te maken. Het is belangrijk dat alle mensen hier goed op letten. Ook jij kan hier iets aan doen, want jij kan ook helpen:

  • Als je moet hoesten of niezen dan doe je dat in je elleboog.
  • We wassen onze handen vaker: altijd voor het eten of als we ergens binnenkomen of geweest zijn.
  • Als je verkouden bent gebruik je een papieren zakdoekje die je kunt weggooien.
  • De scholen zijn voorlopig dicht, zodat kinderen niet ziek worden en het virus door kunnen geven aan oudere of al zieke mensen.
  • We blijven zoveel mogelijk thuis zodat we andere mensen niet ziek maken. We kunnen het virus namelijk zonder dat we het merken doorgeven.

Een uitleg tekenen

Deze uitleg video van ‘Geef me de vijf’. Tekent op een duidelijke geruststellende wijze het Coronavirus voor kinderen. https://www.youtube.com/watch?v=vdejjO-PxzQ

Nieuws

Het gewone journaal is niet altijd geschikt voor kinderen. De beelden kunnen soms eng zijn. Door samen naar het nieuws te kijken kun je meteen de vragen van je kind beantwoorden. Of kijk naar het Jeugdjournaal, daar wordt weloverwogen nieuws op een heldere manier voor kinderen gepresenteerd. Soms is het nodig om het nieuws te relativeren, want de meeste mensen die het virus oplopen, herstellen weer. Het is belangrijk dat je kind zich dat ook realiseert.

Geruststellen en duidelijkheid

Al het ‘bekende’ voor je kind is nu ineens anders. Niet naar school, niet naar de sportclub of hobby, vaker binnen blijven en papa of mama die thuis werkt. Het kan zijn dat je zelf ook niet op alle vragen een antwoord weet, wees daar ook eerlijk in. Zeg dat je het antwoord niet weet, of dat je het misschien even moet opzoeken.

Er is geen wereld waarin ‘ziek zijn’ niet hoort, dus ga geen positiever verhaal verzinnen dan de werkelijkheid. Duidelijkheid kan je kind juist gerust stellen. Daarnaast het is ook helemaal niet erg om te zeggen dat jij je als ouder ook soms zorgen maakt. Voor kinderen is het fijn om te weten wat ze zelf kunnen doen. Geef dus ook uitleg over de hygiëne maatregelen.

Leuke proefjes doen

Om kinderen uit te leggen hoe virussen en bacteriën zich verspreiden zijn de volgende proefjes leuk om te doen. Ze leggen spelenderwijs uit waarom de hygiëne maatregelen zo belangrijk zijn.

Glitters verspreiden

Pak een beetje vloeibare zeep of gel, meng er een theelepel glitters door. Doe een beetje in je hand en een beetje in de hand van je kind. Raak een donker gekleurd oppervlak aan bijvoorbeeld een donker kastje of een theedoek en vraag of je kind de glitters ziet. Leg uit dat wanneer je in je handen niest en dingen aanraakt, dit kleine onzichtbare ziektekiemen achterlaat. Doe alsof de glitters de ‘ziektekiemen’ zijn die achterblijven op de dingen die ze aanraken. Hierdoor ziet je kind hoe gemakkelijk dit verspreid door alles wat je aanraakt.

Zeep en peper proefje

Het volgende experiment laat kinderen zien hoe handen wassen met zeep het virus van hun handen kan verwijderen. Je kunt hierbij uitleg geven dat de peper het virus is wat zich op hun handen verspreid. Laat ze zien hoe de gemalen peper van hun vinger weg beweegt zodra ze er wat zeep op doen. Dat is precies hoe het virus van je handen verdwijnt wanneer je je handen wast. Zeep is dus eigenlijk je beste vriend en je helper!

Bron: Oppassen.nl

Dit blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel, leerkracht en intern begeleider bovenbouw in het basisonderwijs.