Schittert jullie zomer-bucketlist al op het prikbord in de keuken? Zo nee, dan wordt het hoog tijd om deze zomerse lijst met sprankelende activiteiten eens vliegensvlug op te stellen samen. Ontdek hoe jij vanuit huis de leukste zomerse activiteiten organiseert voor je kinderen. De woorden ‘saai’, ‘ik verveel me’ of ‘wat moet ik doen’ zullen jouw niet meer om de oren vliegen deze zomer. Jullie gaan in actie komen en dat gaat héél veel speelplezier opleveren!
Fleurige wandelingen
Is het je kind wel eens opgevallen dat sommige straten best wel een beetje saai en kleurloos zijn. Zoveel stenen en zo weinig bloemen en planten. Het oog wil ook wat en de bijen en insecten zeker ook! Plan eens een wandeling in de buurt met je kind en noteer op een briefje welk plekjes in jullie dorp of stad wel een vrolijke kleurrijke boost kunnen gebruiken. Stippel een route uit langs al deze plekjes en fleur de boel – middels onderstaande tip – maar eens lekker op!
Tip 1. Maak je eigen bloemenbommetjes
Kneed samen de mooiste bommetjes die je maar kunt bedenken…bommetjes die bomvol zitten met bloemen. Je kunt deze bloemenbommetjes op alle plekjes neergooien (of zachtjes neerleggen of ingraven) die wel een beetje kleur kunnen gebruiken. Wat heb je nodig om deze bommetjes te maken? Koop een zakje bloemenzaadjes. Vermeng 1 deel (boetseer)klei (ongeveer een kleine knikker) met 2 delen potgrond en een lepel bloemzaadjes. Rol dit samen tot een mooi balletje. Maak de buitenkant voorzichtig een beetje nat met een kwastje en beplak de buitenkant met nog wat bloemzaadjes of gedroogde bloemetjes of blaadjes. Let op dat je het bommetje niet te nat maakt, want dan komen de bloemen al eerder uit dan de bedoeling is. Maak zoveel bommetjes als je wilt en geef ze een mooi plekje in de buurt! Vergeet niet af en toe te checken in de buurt of de bloemen al uit zijn gekomen.
Fris en fruitig speelplezier
Zoet en sappig fruit hoort onmiskenbaar bij de zomer: watermeloenen, blauwe bessen, frambozen, kruisbessen, aardbeien…heerlijk! Zijn die schaaltjes zomerfruit bij jullie thuis ook in een mum van tijd leeg? Dan wordt het tijd om de voorraad snel weer aan te vullen. Deze keer niet uit de supermarkt, maar rechtstreeks uit de fruittuin.
Vergeet niet bij thuiskomst een frisse en fruitige smoothie te maken van het vers geplukte fruit (en groente). Leuk voor je kind om helemaal zelf te doen! Help wel altijd even met de blender of staafmixer om ongelukken te voorkomen. In een handomdraai zet je kind vol trots een zelfgemaakte smoothie op tafel: homemade én supergezond.
Tip 2. Bezoekje aan de pluktuin
In het hele land zijn fruittuinen te vinden waar je dagelijks of wekelijks welkom bent om fruit, groente en/of bloemen te plukken. Bij sommige pluktuinen kun je zelfs verse eitjes rapen, nog warm uit het kippenhok. Het fruit wordt meestal gewogen en je betaalt dan uitsluitend voor wat jullie hebben geplukt. Je hebt dus zelf in de hand wat jullie mee naar huis nemen. Als het aan de kinderen ligt dan nemen ze hoogstwaarschijnlijk zelfs de kippen nog mee naar huis. ‘Gezellig toch, papa/mama, een nieuw huisdier – dat mag toch wel?’.
Swingend de zomer door
Elke zomer is er minstens één zomerhit die dagelijks op de radio te horen is. Deze zomer gaan jullie daar verandering in brengen… Er is immers altijd ruimte op de radio voor nóg een knaller van een hit. Bespeelt er iemand binnen jullie gezin, familie of vriendenkring een instrument? Trommel deze persoon/personen dan gauw op en organiseer een sfeervolle zomeravond rondom een vuurkorf. Vergeet zeker de marshmallows niet!
Tip 3. Schrijf samen jullie eigen zomerhit
Componeer, fantaseer, schrijf, tik, swing…dat gaat leuk worden! Verdeel afhankelijk van de hoeveelheid mensen de taken of doe gezellig alles samen. Begin met het ontwikkelen van een pakkende melodie. Die kun je al eenvoudig maken door met een houten lepel op een emmer of pan te slaan. Gevulde flessen met water maken ook een mooi geluid als je er met een lepel op tikt. Daarna begint het schrijfproces. Gebruik jullie zomervakantie als inspiratiebron. Wat hebben jullie al meegemaakt? In welke taal gaan jullie zingen? Het kan leuk zijn om een paar woorden te verwerken in de taal van het vakantieland waar jullie zijn geweest.
Verzin een pakkend couplet dat de hele buurt zo mee kan zingen. Voor je het weet staan jullie handtekeningen uit te delen in de menigte rondom de vuurkorf. De hele buurt wil een glimp opvangen van deze topartiesten!
Flitsende foto-hunt
Tijd voor actie! Iedereen uit zijn bed, strandstoel of hangmat! De zenuwslopende achtervolging kan beginnen. Heb jij een kind dat graag in beweging is en bomvol energie zit? Middels onderstaande tip leren jullie hoe goed jullie de buurt nu eigenlijk echt kennen en zal je alle vakantie calorieën gaan verbranden. Zeker weten dat jullie bij thuiskomst een ijsje verdiend hebben!
Tip 4. Organiseer een spannende achtervolging met foto’s
Kijken jullie altijd goed rond in de buurt? Ken jij elke boom, elke brievenbus en elke straatsteen van jullie wijk? In een flits zal je versteld staan van de veelzijdigheid van je woonomgeving. Verdeel het gezelschap in gelijke teams. Elk team heeft de beschikking over 1 mobiele telefoon waar je foto’s mee kunt maken. Team 1 begint en krijgt 5 minuten voorsprong. In de vijfde minuut is team 1 verplicht om een foto te sturen van de plek waar ze op dat moment staan. Team 2 ontvangt de foto en kan beginnen met raden en met rennen naar de plek waarvan zij denken dat team 1 zich bevindt. Het eerste team mag inmiddels weer gaan rennen en post nu na 3 minuten weer een nieuwe foto. Het tweede team ontvangt de foto weer. Als ze op het goede spoor zitten, dan kunnen ze al in de buurt komen van team 1. Team 1 heeft als laatste nog één keer de kans om een foto te sturen. Nu al na 1 minuut! Zal team 2 het andere team ontmaskeren in deze flitsende foto-hunt?
Zwierige jurkjes en zonnige hoedjes
Alle modeliefhebbers opgelet! Jullie gaan shinen op jullie eigen catwalk. Gewoon in jullie tuin, woonkamer of oprit. Of misschien wel op straat…Bloemetjesjurken, wapperende shawls, strandslippers, hoeden van riet, zonnebrillen. Haal alles uit de kast en ‘strike a pose’!
Tip 5. Organiseer een modeshow en kledingruil!
Jullie organiseren een modeshow en iedereen doet mee. Maak om te beginnen prachtige uitnodigingen om aan te kondigen dat er een spectaculaire show aan komt! Teken op de voorkant van de uitnodiging een model in zomerse outfit; laat je creativiteit de vrije loop. Voor tekentips kun je op Squla terecht bij tekentalent Jill.
Maak een stevig podium of teken met stoepkrijt een ‘rode loper’. Zorg voor wat lekkere hapjes, zodat jullie samen kunnen nagenieten als de show ten einde is. Leg vervolgens per persoon 3 outfits klaar. Verzin per ronde op de catwalk een thema, zoals bijvoorbeeld ‘beach vibes’ of ‘zonnige dag in de bergen’. Selecteer bijpassende muziek per ronde en spreek met de deelnemers af wat de volgorde is waarin jullie over de catwalk lopen en wie er op de aan – en uit knop van de muziek drukt.
Na afloop kun je nog een leuke kledingruil organiseren. Zet in dat geval op de uitnodiging dat iedereen een tas oude kleding mee kan nemen die niet meer gedragen wordt. Na de show kunnen jullie kleding ruilen en heeft het hele gezin de kledingkast weer gevuld met allemaal nieuwe items. Goed voor het milieu én voor de portemonnee.
Na al deze tips uitgevoerd te hebben blijven jullie achter in een buurt die is opgefleurd met de mooiste bloemen, een fruitschaal vol vers zomerfruit én een kast vol nieuwe zomeroutfits. Geen slechte oogst deze zomer, toch?
Zomervakantie! Deze leuke dingen kun je doen met je kind(eren)
Annemarieke van den Berg
Het is zomervakantie! Wat gaan we allemaal doen? Er is zo ontzettend veel te doen in en rond je eigen huis. Daar hoef je eigenlijk helemaal niet voor op vakantie. Wij geven de allerleukste en meest originele tips, ook voor regenachtige dagen. Welke leerzame dingen kun jij nog bedenken om te doen? (meer…)
Squla opnieuw B-Corp gecertificeerd!
Annemarieke van den Berg
We zijn supertrots: Squla is opnieuw B Corp gecertificeerd! B Corp is een internationaal keurmerk voor bedrijven die niet alleen winst willen maken, maar ook een positieve impact hebben op mens, maatschappij en milieu. Na onze eerste certificering in 2020 is nu opnieuw alles beoordeeld: van hoe we omgaan met ons team tot de impact van onze producten en onze ecologische voetafdruk. Nieuwsgierig hoe het process verliep en wat de uitkomsten zijn? Lees snel verder!
De B Corp-certificering is een initiatief van B Lab, een non-profitorganisatie die bedrijven helpt om hoge standaarden te behalen op het gebied van duurzaamheid. Met een uitgebreid beoordelingssysteem helpt B Lab bedrijven om hun impact te meten en te verbeteren. B Corp is meer dan alleen een keurmerk: het is een beweging van bedrijven die streven naar een inclusieve, rechtvaardige en duurzame wereld en hoe ze in deze wereld business for good kunnen doen. Het behalen van een keurmerk is een lang proces en de lat ligt hoog.
Wat houdt de B Corp certificering eigenlijk in? De certificering wordt toegekend na een uitgebreid beoordelingsproces, waarbij het Impact Assessment bedrijven evalueert op vijf gebieden:
Bestuur: Beoordeling op missie, ethiek, transparantie en betrokkenheid.
Werknemers: Evaluatie van het welzijn en een goede ontwikkeling van medewerkers.
Gemeenschap: Beoordeling van betrokkenheid bij gemeenschappen, zoals armoedebestrijding of donaties.
Milieu: Analyse van impact op het milieu.
Klanten: Toetsing van zorg voor klanten en bijdrage van producten of diensten.
In 2020 behaalden we 81,1 punten, en nu hebben we onze score verbeterd naar 87,9 punten verdeeld over de vijf categorieën. We zijn trots op deze erkenning en blijven ons inzetten voor positieve impact binnen ons bedrijf en de samenleving! Benieuwd naar ons volledige assessment? Lees het hier.
Provincies van Nederland
Annemarieke van den Berg
Nederland is verdeeld in 12 provincies. Elke provincie heeft een eigen hoofdstad en bijzondere kenmerken, zoals landschappen, dialecten, tradities of belangrijke steden. Op de basisschool krijgt je kind topografie-les. Je kind ontdekt wat de verschillen zijn tussen de provincies en welke steden er precies in welke provincie liggen. Maar waarom is het eigenlijk belangrijk dat je kind dit leert? Je kind vergroot zijn kennis over Nederland, leert richting en afstand beter inschatten en leert beter kaartlezen. Topografie leren helpt kinderen dus om sneller hun weg te vinden — op de kaart én in het echt!
Hoeveel provincies heeft Nederland?
Nederland heeft 12 provincies die allemaal unieke kenmerken hebben op het gebied van landschap en cultuur. Sommige mensen denken onterecht dat Nederland 11 provincies heeft. De relatief nieuwe provincie Flevoland – officieel een provincie sinds 1986 – wordt nog wel eens over het hoofd gezien. Dit bewijst maar weer dat het leren van topografie super nuttig is; je leert zo precíes hoe Nederland is ingedeeld!
De 12 provincies met hun unieke kenmerken:
Groningen: Uitgestrekte weilanden, kleigrond, waddenkust, eigen dialect, landbouw, gaswinning, universiteit in de stad Groningen.
Nederland telt twaalf provincies, verspreid over het noorden, midden en zuiden van het land.
In het noorden liggen Noord-Holland, Groningen, Friesland en Drenthe. Groningen grenst aan Duitsland, Friesland ligt ten westen daarvan aan de Waddenzee en Drenthe ligt ten zuiden van beide. Noord-Holland ligt in het westen en grenst aan de Noordzee.
In het midden van Nederland liggen Overijssel, Flevoland, Gelderland en Utrecht. Overijssel grenst aan Duitsland, Drenthe en Flevoland. Flevoland ligt centraal en is grotendeels drooggelegd. Gelderland is de grootste provincie, onder Overijssel en Flevoland. Utrecht ligt in het hart van het land, omringd door andere provincies.
In het zuiden liggen Zuid-Holland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. Zuid-Holland ligt aan de kust met grote steden als Rotterdam en Den Haag. Zeeland ligt in het zuidwesten met veel water en eilanden. Noord-Brabant ligt oostelijk van Zeeland en Zuid-Holland, en grenst aan België. Limburg is de zuidelijkste provincie, smal en langgerekt, grenzend aan zowel België als Duitsland.
De drie grootste provincies van Nederland qua oppervlakte (inclusief water) zijn:
Friesland – ongeveer 5.742 km²
Gelderland – ongeveer 5.137 km²
Noord-Brabant – ongeveer 5.082 km²
Als je alleen naar het landoppervlak kijkt (dus zonder water), dan is Gelderland de grootste, gevolgd door Noord-Brabant en dan Friesland. De provincie met de meeste inwoners is Zuid-Holland. Hier wonen ruim 3,8 miljoen mensen. Daarna volgt Noord-Holland met ongeveer 2,9 miljoen inwoners en op de derde plek staat Noord-Brabant. Hier wonen ongeveer 2,6 miljoen mensen. Deze aantallen kunnen iets variëren afhankelijk van de meest recente telling. Niet zo gek dat deze drie provincies de meeste inwoners tellen, want hier liggen grote steden als Rotterdam, Den Haag, Amsterdam, Haarlem, Eindhoven en Breda.
Topografie oefenen: leer de provincies van Nederland!
Is je kind er klaar voor om topografie te gaan oefenen? Squla helpt om in een mum van tijd een ster in topografie te worden. Een dagje uit naar Amsterdam? Een fietstocht door de Betuwe? Een lange wandeling door de heuvels van Limburg? Je kind wijst jou straks zelfverzekerd de weg!
De grootste provincie qua oppervlakte is Friesland als je water meetelt, maar Gelderland is het grootste als je alleen landoppervlak meet.
Nederland heeft officieel 12 provincies. Soms wordt gedacht dat Nederland maar 11 provincies heeft. Sommige mensen vergeten de toevoeging van Flevoland in 1986!
Wat zijn gezegden en spreekwoorden?
Annemarieke van den Berg
Is jouw kind soms een nieuwsgierig aagje of meer een vrolijke frans? Grote kans dat jij dat ook bent, want de appel valt vaak niet ver van de boom! Spreekwoorden en gezegden worden nog altijd regelmatig gebruikt, maar wat is nu ook alweer precies een spreekwoord en wat zijn de kenmerken van een gezegde? Squla geeft duidelijkheid! Lees verder, fris je kennis op en verrijk de gesprekken met je kind zo nu en dan eens met een spreekwoord en gezegde.
Waarom gebruiken we ze?
Gezegden en spreekwoorden worden vaak gebruikt om communicatie levendiger en beeldender te maken. Ze bieden de mogelijkheid om iets krachtig en treffend over te brengen. Bijvoorbeeld: het gebruik van een spreekwoord als ‘de koe bij de horens vatten’ maakt niet alleen duidelijk dat iemand actie moet ondernemen, maar roept ook een beeld op van iemand die moedig en krachtig is.
Spreekwoorden, gezegden en uitdrukkingen zijn allemaal vormen van figuurlijk taalgebruik. Bij figuurlijke taal neem je woorden niet letterlijk: ze hebben een andere, vaak beeldende betekenis. Bijvoorbeeld: ‘Het is een beer van een vent’. Het is niet letterlijk een beer, maar figuurlijk: een grote man (die bij wijze van spreken net zo’n grote verschijning als een beer lijkt te zijn).
💡Er zijn een aantal verschillen tussen uitdrukkingen, spreekwoorden en gezegden. Uitdrukkingen zijn het meest algemeen. Dit is een overkoepelend begrip voor alle vaste woordcombinaties met een figuurlijke betekenis. Een spreekwoord is een vaste combinatie van woorden in één zin en bevat meestal een algemene levenswijsheid. Een gezegde is ook altijd een vaste combinatie van woorden, maar deze bevat geen werkwoord en is dus op zichzelf geen volledige zin.
Wat is het verschil tussen spreekwoorden, gezegden en uitdrukkingen?
In onderstaand schema zie je overzichtelijk wat de exacte verschillen zijn tussen spreekwoorden, gezegden en uitdrukkingen:
Spreekwoorden
Gezegden
Uitdrukkingen
Vaste vorm
Vaste vorm
Ja, onveranderlijk
Nee, flexibel
Nee, flexibel
Betekenis
Betekenis
Heeft een diepere wijsheid of les
Geeft een situatie of gevoel weer
Kan aangepast worden aan de zin
Voorbeeld
Voorbeeld
‘Wie wind zaait, zal storm oogsten.’
‘Zo groen als gras.’
‘De knoop doorhakken.’
Voorbeelden van bekende en grappige spreekwoorden, gezegden en uitdrukkingen
Sommige spreekwoorden en gezegden zijn populair en worden in het dagelijkse leven vaak gebruikt. Het beeld dat sommige gezegden en uitdrukkingen oproepen kan soms heel grappig zijn. Ook worden sommige spreekwoorden wel eens verhaspeld; ze worden verkeerd gebruikt en dit kan soms voor verwarrende of grappige situaties zorgen. Een aantal voorbeelden:
Bekende spreekwoorden:
‘De appel valt niet ver van de boom.’
‘Beter één vogel in de hand dan tien in de lucht.’
‘Als de kat van huis is, dansen de muizen op tafel.’
‘Een goed begin is het halve werk.’
‘Ieder huisje heeft zijn kruisje.’
‘Waar rook is, is vuur.’
Grappige gezegden en uitdrukkingen:
‘Zo krom als een banaan.’
‘Een gat in de lucht springen.’
‘De hond in de pot vinden.’
Vaak verkeerd gebruikte uitdrukkingen:
‘Door het bos de bomen niet meer zien’ moet zijn ‘Door de bomen het bos niet meer zien’.
‘Daar kraait geen hond naar’ moet zijn ‘Daar kraait geen haan naar’.
‘Hij steekt er met kop en schotel bovenuit’ moet zijn ‘Hij steekt er met kop en schouders bovenuit’.
‘Daar is geen speld aan vast te knopen’ moet zijn ‘Daar is geen touw aan vast te knopen’.
Waarom zijn gezegden en spreekwoorden belangrijk?
Nederlandse spreekwoorden en Nederlandse gezegden zijn essentieel voor een diepere taalontwikkeling, versterken de kwaliteit van communicatie en bieden waardevolle inzichten in de cultuur en geschiedenis:
Rijke taalontwikkeling: Door het leren van de spreekwoorden, gezegden en uitdrukkingen krijg je de mogelijkheid om meer expressief en gevarieerd te communiceren. Beeldspraak maakt je taal levendiger en geeft je de mogelijkheid om abstracte of complexe ideeën op een begrijpelijke en vaak visueel aantrekkelijke manier uit te drukken.
Betere communicatie Spreekwoorden en gezegden maken communicatie krachtiger en efficiënter. Door een bekend spreekwoord of gezegde te gebruiken, kun je een boodschap direct overbrengen, zonder dat je het in lange zinnen hoeft uit te leggen. Dit versterkt de impact van gesprekken en teksten, omdat het de boodschap helder maakt en je de boodschap goed onthoudt!
Kennis van cultuur: Veel gezegden en spreekwoorden zijn doordrenkt van cultuur en geschiedenis. Ze linken vaak naar oude tradities, gewoonten of belangrijke gebeurtenissen uit het verleden. Het begrijpen van deze uitdrukkingen betekent niet alleen dat je de taal beter begrijpt, maar ook dat je een dieper inzicht krijgt in de cultuur van je land.
Wil je beter worden in Nederlandse spreekwoorden en gezegden? Oefen met Squla en leer spelenderwijs!
Spreekwoorden zijn vaste uitdrukkingen met een levensles, terwijl gezegden los in een zin gebruikt worden en flexibel zijn.
Spreekwoorden en gezegden zijn beeldende taalconstructies die een diepere betekenis hebben en vaak figuurlijk worden gebruikt.
Wat betekent Meneer Van Dalen Wacht Op Antwoord?
Annemarieke van den Berg
Hoe zat het ook alweer? Tijd om de kennis even op te frissen. Meneer Van Dalen is niet de enige die Wacht op Antwoord. Jij ook! En het antwoord op jouw vraag gaat komen. Er is namelijk een nieuwe versie van dit bekende ezelsbruggetje, en die leggen we je hieronder uit. Squla zorgt ervoor dat je kennis weer snel paraat is, zodat jij je kind op de juiste manier kunt helpen.
Meneer Van Dalen Wacht Op Antwoord is een verouderd ezelsbruggetje om de volgorde van rekenbewerkingen te onthouden.
Wat betekenen de letters? M = Machtsverheffen V = Vermenigvuldigen D = Delen W = Worteltrekken O = Optellen A = Aftrekken
Waarom is de juiste rekenvolgorde belangrijk? Als je de bewerkingen in de verkeerde volgorde uitvoert, krijg je een ander, vaak onjuist antwoord. Het gebruik van een ezelsbruggetje met de juiste rekenvolgorde is een manier om kinderen eraan te herinneren om geduldig en zorgvuldig te werken volgens de juiste rekenregels.
Hoe werkte de verouderde rekenvolgorde met Meneer Van Dalen Wacht Op Antwoord?
• Stap 1: Werk eerst machten en wortels uit. • Stap 2: Vermenigvuldig en deel van links naar rechts. • Stap 3: Tel op en trek af van links naar rechts.
Voorbeeldsom: Los de volgende som op met de juiste volgorde: 6 + 3 × 2² − 4
💡Jaren geleden bleek dat Nederland er andere rekenregels op na hield ten opzichte van de rest van de wereld. Om dit gelijk te trekken is er voor gekozen om de volgorde aan te passen. Toch wel zo handig als iedereen op de hele wereld dezelfde rekenvolgorde aanhoudt; het antwoord op elke som is zo exact gelijk, waar je je ook bevindt op onze aardbol!
Wat is de nieuwe versie van Meneer Van Dalen Wacht Op Antwoord?
Je kind moet een som oplossen waarin verschillende bewerkingen aan bod komen. Maar hoe schiet je te hulp anno 2025? In plaats van Meneer Van Dalen Wacht Op Antwoord is er al jaren een nieuw ezelsbruggetje: ‘Hoe Moeten Wij Van De Onvoldoendes Afkomen’. De eerste letter van ieder woord staat voor een bewerking:
Je gebruikt de volgende volgorde: Regel 1: Haakjes wegwerken. Regel 2 (van links naar rechts in de som): Machtsverheffen en Worteltrekken. Regel 3 (van links naar rechts in de som): Vermenigvuldigen en Delen. Regel 4 (van links naar rechts in de som): Optellen en Aftrekken.
Bovenstaand ezelsbruggetje is gebaseerd op de moderne variant van de rekenvolgorde die overal ter wereld wordt gebruikt: Haakjes eerst, gevolgd door Exponenten, Vermenigvuldigen, Delen, Optellen en Aftrekken (H-E-V-D-O-A).
💡In sommige landen wordt de volgorde net weer anders aangeleerd, zoals met BODMAS (Brackets, Orders, Division/Multiplication, Addition/Subtraction) of PEMDAS (Parentheses, Exponents, Multiplication/Division, Addition/Subtraction). In alle gevallen werk je van links naar rechts. Komt een bewerking niet voor in een som? Dan ga je gewoon verder met de volgende bewerking.
Oefeningen en quiz: Test je kennis!
Oefening baart kunst. Volg de rekenregels met onderstaande oefensommen.
6 + 3 × 2 Volgorde: eerst vermenigvuldigen, dan optellen. Uitkomst: 6 + 6 = 12
8 – 4 × 2 Volgorde: eerst vermenigvuldigen, dan aftrekken. Uitkomst: 8 – 8 = 0
(5 + 3) × 2 Volgorde: eerst de haakjes, dan vermenigvuldigen. Uitkomst: 8 × 2 = 16
12 ÷ 4 × 3 Volgorde: eerst delen, dan vermenigvuldigen. Uitkomst: 3 × 3 = 9
(6 + 2) × (8 – 3) Volgorde: eerst de haakjes, daarna vermenigvuldigen. Uitkomst: 8 × 5 = 40
(3 + 5) × 4 ÷ 2 Volgorde: eerst de haakjes, daarna vermenigvuldigen en delen van links naar rechts. Uitkomst: 8 × 4 ÷ 2 = 32 ÷ 2 = 16
(7 + 3) × (5 – 2) + 8 ÷ 4 Volgorde: eerst de haakjes, daarna vermenigvuldigen, dan optellen en delen. Uitkomst: 10 × 3 + 8 ÷ 4 = 30 + 2 = 32
Doe nu de quiz en test jezelf! Welke bewerking moet eerst?
5+3×(2+4) A. de haakjes B. optellen C. vermenigvuldigen
8÷2×3+6 A. Delen B. Vermenigvuldigen C. Optellen
12÷(2+4)+3² A. delen B. machtsverheffen C. de haakjes
Antwoorden: 1 A 2 B 3 C
Wil je beter worden in rekenen met de nieuwe versie van Meneer Van Dalen Wacht Op Antwoord? Oefen met Squla en leer spelenderwijs!
Dit ezelsbruggetje helpt bij de volgorde van bewerkingen in een rekensom: Machten, Vermenigvuldigen, Delen, Worteltrekken, Optellen en Aftrekken.
Sommige methodes hanteren Haakjes Eerst (H-E-V-D-O-A) of de Engelse varianten BODMAS en PEMDAS.
Als je de volgorde verkeerd toepast, krijg je een fout antwoord. Dit ezelsbruggetje helpt je bij het correct uitvoeren van de stappen.
Wat is een bijwoordelijke bepaling?
Annemarieke van den Berg
Gaat je kind op school aan de slag met het ontleden van zinnen? Dan komt de bijwoordelijke bepaling ook voorbij! Weet je kind nog niet precies wat de bijwoordelijke bepaling is en hoe je deze moet herkennen? Geen zorgen! Deze pagina geeft je alle informatie die je nodig hebt om je kind verder te helpen en Squla staat boordevol quizzen en games om uitgebreid te oefenen met zinsontleding.
De bijwoordelijke bepaling: uitleg voor je kind!
Een bijwoordelijke bepaling geeft extra informatie over wanneer, waar, hoe of waarom iets gebeurt in een zin. Een bijwoordelijke bepaling is dus een onderdeel van een zin dat extra informatie geeft over de handeling in de zin.
Bijvoorbeeld: ‘Ik ga morgen naar school.’ (wanneer) ‘Hij rent snel weg.’ (hoe) ‘Zij ligt te zonnen in de tuin.’ (waar) ‘Hij draagt een regenjas om niet nat te worden.’ (waarom)
Bijwoordelijke bepaling versus bijvoeglijke bepaling
Verwarrend! Bijwoordelijk en bijvoeglijk. Je haalt deze twee woorden snel door elkaar. Je kind kan het misschien beter onthouden door te bedenken dat de bijwoordelijke bepaling een aantal extra woorden (‘bijwoorden’) zijn die je meer informatie geven over de handeling in de zin. De bijwoordelijke bepaling zegt iets over de handeling (werkwoord), terwijl de bijvoeglijke bepaling iets zegt over een zelfstandig naamwoord.
Hoe herken je een bijwoordelijke bepaling?
Er zijn een aantal manieren om je kind te helpen bij het leren vinden van de bijwoordelijke bepaling.
Stel de juiste vragen! Je herkent een bijwoordelijke bepaling door het stellen van een van de vragen: ‘wanneer?, waar?, hoe?, waarom?’.
Bijvoorbeeld: ‘We eten om 18:00 uur.’ Wanneer eten we? (tijd)
‘De kinderen spelen op het schoolplein.’ ‘Waar spelen de kinderen? (plaats)
‘Hij bleef thuis vanwege de regen.’ ‘Waarom bleef hij thuis?’ (reden)
Bijwoordelijke bepalingen kunnen worden weggelaten. Als de zin nog steeds grammaticaal kloppend is zonder de bijwoordelijke bepaling dan heb je deze goed herkend!
Bijvoorbeeld: ‘We eten om 18:00 uur.’ Wordt zonder extra informatie > ‘We eten’. De bijwoordelijk bepaling is dus ‘om 18:00 uur’.
Let op! In een zin kan meer dan één bijwoordelijke bepaling zitten. Bijvoorbeeld: Na schooltijd ging hij met de bus naar huis. • Wanneer? → na schooltijd → bijwoordelijke bepaling van tijd. • Waarmee? → met de bus → bijwoordelijke bepaling van middel. • Waar naartoe? → naar huis → bijwoordelijke bepaling van plaats.
Voorbeelden van bijwoordelijke bepalingen per categorie
Leg uit aan je kind dat de bijwoordelijke bepaling je extra informatie geeft over de handeling in de zin. Er zijn verschillende bijwoordelijke bepalingen, onder andere: bepalingen van tijd, bepalingen van plaats, bepalingen van wijze en bepalingen van reden. In onderstaand schema staan voorbeelden van bijwoordelijke bepalingen per categorie:
Voorbeelden
Tijd (wanneer?)
Tijd (wanneer?)
gisteren, morgen, over een uur, tijdens de vakantie
Plaats (waar?)
Plaats (waar?)
op school, in de tuin, onder de tafel
Manier (hoe?)
Manier (hoe?)
langzaam, met veel plezier, zonder twijfel
Reden (waarom?)
Reden (waarom?)
door de regen, vanwege de file, uit angst
Hoe vind je de bijwoordelijke bepaling in een zin?
Je kind moet een zin ontleden en de bijwoordelijke bepaling onderstrepen. Hoe ontdek je waar deze staat? Daar is een simpele truc voor! Het draait allemaal om het stellen van de juiste vragen. Stel je vraag op basis van de persoonsvorm, het onderwerp en de rest van het gezegde. Bijvoorbeeld: Wanneer gebeurt het? Hoe gebeurt het? Waar gebeurt het? Waarom gebeurt het?
Dit is het stappenplan dat je moet volgen: Stap 1: Zoek het werkwoord in de zin. Stap 2: Vraag ‘wanneer’, ‘waar’, ‘hoe’ of ‘waarom’. Stap 3: De woorden die antwoord geven, zijn de bijwoordelijke bepalingen.
Ben je na het stellen van de vraag nog steeds niet helemaal zeker. Volg dan nog twee stappen!
Stap 4: Kun je het zinsdeel weglaten en blijft de zin dan grammaticaal correct? Stap 5: Kun je het zinsdeel verplaatsen zonder dat de zin raar klinkt? Grote kans dat je kind de bijwoordelijke bepaling nu gevonden heeft!
Nog even oefenen!
Nog even oefenen: welke woorden in de volgende zinnen zijn bijwoordelijke bepalingen? Gebruik de 5 stappen!
Opdracht 1 ‘Jan fietst snel naar huis.’
Opdracht 2 ‘We gaan morgen naar de bioscoop.’
Antwoorden Opdracht 1: Er zijn twee bijwoordelijke bepalingen in deze zin: snel → Antwoord op de vraag: Hoe fietst Jan? → Bijwoordelijke bepaling van wijze naar huis → Antwoord op de vraag: Waarheen fietst Jan? → Bijwoordelijke bepaling van plaats
Opdracht 2: Er zitten twee bijwoordelijke bepalingen in deze zin: morgen → Antwoord op de vraag: Wanneer gaan we? → Bijwoordelijke bepaling van tijd naar de bioscoop → Antwoord op de vraag: Waarheen gaan we? → Bijwoordelijke bepaling van plaats
Lukt het nog niet? En wil je snel beter worden in grammatica? Oefen spelenderwijs met de bijwoordelijke bepaling op Squla!
Een bijwoordelijke bepaling geeft extra informatie over wanneer, waar, hoe of waarom iets gebeurt.
Door vragen te stellen als wanneer, waar, hoe en waarom bij de werkwoorden in de zin.
Een bijwoordelijke bepaling zegt iets over de handeling (werkwoord), terwijl een bijvoeglijke bepaling iets zegt over een zelfstandig naamwoord.
Wat is de gebiedende wijs?
Annemarieke van den Berg
Ga nu aan de slag! Spreek jezelf toe in de gebiedende wijs en lees deze pagina snel door om je kind optimaal te kunnen ondersteunen bij het leren over de gebiedende wijs. Na het lezen van deze pagina weet je precies wat de kenmerken zijn en hoe jij (of je kind) deze werkwoordsvorm gebruikt.
De gebiedende wijs: een korte uitleg
De gebiedende wijs is een werkwoordsvorm die gebruikt wordt voor bevelen, opdrachten en adviezen. Je kind komt de gebiedende wijs op school tegen tijdens de lessen werkwoordspelling. Je gebruikt de gebiedende wijs meestal als je ergens op een directe en duidelijke manier aandacht voor wilt vragen.
Bijvoorbeeld: ‘Kom hier!’ ‘Eet je bord leeg.’ ‘Denk na, voordat je iets zegt.’
TIP! Geef je kind een voorbeeld middels een zin uit het dagelijkse leven die je op twee manieren zegt. ‘Je mag je kamer opruimen.’ ‘Ruim je kamer op!’ Vraag na welke zin je kind het snelst aan de slag zal gaan met het opruimen van zijn kamer. Wat heeft de gebiedende wijs voor een effect? Praat er samen over!
De kenmerken van de gebiedende wijs
Een zin in de gebiedende wijs begint altijd met de persoonsvorm.
De zin heeft meestal geen onderwerp (zoals ‘jij’), omdat je direct iets zegt tegen iemand. Het onderwerp is dan vanzelfsprekend.
Het werkwoord staat in de stamvorm (zonder -t).
De zin is vaak kort en direct.
Hoe gebruik je de gebiedende wijs?
De gebiedende wijs gebruik je als je: • Iemand iets opdraagt (‘Doe dat nu!’). • Een verzoek doet (‘Kom binnen.’). • Een instructie geeft (‘Snijd de groenten klein.’). Je gebruikt dan alleen de ik-vorm van het werkwoord, maar zonder het onderwerp (‘jij’ of ‘je’).
Regels voor het gebruik van de gebiedende wijs
Bij het toepassen van de gebiedende wijs kan je kind een aantal vaste regels hanteren. Deze zorgen ervoor dat de boodschap in de zin zo optimaal mogelijk wordt overgebracht.
Regel 1: Gebruik de stam van het werkwoord bij enkelvoud en meervoud. Bijvoorbeeld: ‘Loop sneller!’ (niet: ‘Loopt sneller!’)
Regel 2: De gebiedende wijs kan ook in een vriendelijke vorm gebruikt worden. Zinnen in de gebiedende wijs kunnen soms wat streng overkomen. Wil je de zin wat vriendelijker maken? Voeg dan het woord ‘maar’ toe. Bijvoorbeeld: ‘Ga maar zitten.’
Regel 3: Soms wordt ‘u’ toegevoegd voor beleefdheid. Bijvoorbeeld: ‘Gaat u maar zitten.’
Vergelijking tussen gebiedende wijs en andere werkwoordsvormen
Voorbeeld
Gebiedende wijs
Gebiedende wijs
‘Luister goed!’
Tegenwoordige tijd
Tegenwoordige tijd
‘Hij luistert goed.’
Verleden tijd
Verleden tijd
‘Hij luisterde goed.’
Gebiedende wijs met werkwoorden op -dt
Veel mensen twijfelen bij werkwoorden zoals worden of vinden. Dit zal jouw kind vast en zeker ook wel eens overkomen. Je kunt je kind hierbij helpen door het aanleren van een duidelijke, vaste regel: gebruik altijd de stam zonder -t.
Bijvoorbeeld: ‘Word wakker!’ (niet: ‘Wordt wakker!’) ‘Vind snel een oplossing!’ (niet: ‘Vindt snel een oplossing!’)
Veelgemaakte fouten bij de gebiedende wijs
Bij het gebruiken van deze werkwoordsvorm gaan dingen soms mis, vooral bij kinderen die net hierover aan het leren zijn. Dat komt omdat het niet altijd meteen duidelijk is hoe je een bevel of opdracht moet formuleren. Kinderen weten ook vaak nog niet precies wat een bevel is.
Fout 1: Verkeerd gebruik van de stam. Een veelvoorkomende fout is dat mensen de verkeerde vorm van de stam gebruiken. Ze schrijven bijvoorbeeld “Rijdt voorzichtig!”, terwijl de juiste gebiedende wijs “Rij voorzichtig!” is. Dit komt doordat ze de stam verwarren met de tweede persoon enkelvoud (jij rijdt), terwijl je in de gebiedende wijs altijd de ik-vorm zonder uitgang -t gebruikt. Hetzelfde gebeurt bij “Wordt rustig!”, terwijl het juist moet zijn: “Word rustig!”. De fout ontstaat omdat mensen de gebiedende wijs verwarren met gewone zinnen waarin “jij” als onderwerp staat, zoals “Jij wordt rustig.”
Bijvoorbeeld: X ‘Rijdt voorzichtig!’ → ✅ ‘Rij voorzichtig!’ X ‘Wordt rustig!’ → ✅ ‘Word rustig!’
Fout 2: Toevoegen van een onderwerp. Een van de meest voorkomende fouten is dat mensen het onderwerp ‘jij’ of ‘je’ laten staan. In een gebiedende wijs hoort dat er juist niet bij. In plaats van ‘Jij loopt naar huis’ moet je zeggen: ‘Loop naar huis!’. Het is dus belangrijk dat je de ik-vorm van het werkwoord gebruikt, maar zonder het onderwerp.
Bijvoorbeeld: X ‘Jij kom hier!’→ ✅ ‘Kom hier!’
Fout 3: Gebiedende wijs verkeerd combineren met beleefdheidsvormen. Een andere veelgemaakte fout is het combineren van de gebiedende wijs met beleefdheidsvormen, zoals in ‘Luistert u goed!’. Dit klinkt beleefd, maar grammaticaal klopt het niet. In plaats daarvan moet je zeggen: ‘Luister goed!’. De gebiedende wijs is al een directe vorm. Als je beleefd wilt zijn tegen iemand, gebruik je liever een andere zin, zoals ‘Wilt u goed luisteren, alstublieft?’. In de gebiedende wijs hoort geen persoonsvorm met -t en ook geen onderwerp als ‘u’. Door beleefdheidstaal en gebiedende wijs te mengen, ontstaan er foutieve zinnen.
Bijvoorbeeld: X ‘Luistert u goed!’ → ✅ ‘Luister goed!’
Wil je de gebiedende wijs beter begrijpen? Oefen met Squla en leer spelenderwijs!
De gebiedende wijs is een werkwoordsvorm die gebruikt wordt voor bevelen, opdrachten en adviezen.
Gebruik de stam van het werkwoord zonder onderwerp. Bijvoorbeeld: ‘Let op!’ of ‘Doe rustig aan.’
De gebiedende wijs richt zich altijd direct tot de luisteraar, waardoor het onderwerp (jij/jullie) niet nodig is.
Gebruik de stam zonder -t. Dus: ‘Word wakker!’ en ‘Vind een oplossing!’
Wat zijn verwijswoorden?
Annemarieke van den Berg
Je kind is op school bij de taallessen aan het oefenen met verwijswoorden en jij krijgt de vraag om te helpen. Maar hoe zat het ook alweer? Hoe help je je kind effectief met het leren over verwijswoorden? Op deze pagina vind je alles wat je moet weten om je kind als een speer op weg te helpen met het huiswerk!
Wat is een verwijswoord precies: een uitleg voor je kind!
Je kunt je kind op een eenvoudige manier uitleggen wat verwijswoorden zijn:
Verwijswoorden zijn woorden die terugwijzen naar iets anders in de zin of tekst, zodat je dat niet steeds hoeft te herhalen.
Gebruik bij je uitleg korte voorbeeldzinnen die aansluiten bij de belevingswereld van je kind.
Bijvoorbeeld: Lisa heeft een fiets. Die is rood. → ‘Die’ verwijst naar de fiets.
Tom heeft een hond. Hij is lief. → ‘Hij’ = de hond
Speltip: ‘Wijs aan!’ Schrijf zinnen op kaartjes die aansluiten bij wat jullie zien in huis en laat je kind aanwijzen waar het verWIJSwoord naar verwijst. Bijvoorbeeld: • De jas is nat. Die moet drogen. → Vraag: ‘Wat is die?’ → Antwoord: ‘De jas!’
Waarom zijn verwijswoorden belangrijk?
Leg aan je kind uit wat het nut is van verwijswoorden in zinnen. Zo begrijp je kind waarom het handig kan zijn om hierover te leren en dit vergroot de motivatie om meer te oefenen met verwijswoorden. Als je een tekst schrijft of leest, is het belangrijk dat alles goed met elkaar verbonden is. Verwijswoorden spelen hierbij een grote rol, want ze zorgen ervoor dat je niet steeds dezelfde woorden hoeft te herhalen.
Verwijswoorden hebben dus twee functies:
Ze voorkomen herhaling van zelfstandige naamwoorden. Je hoeft niet steeds dezelfde woorden te herhalen, zoals namen of dingen. Denk hierbij aan hoe je praat. Niemand zegt graag 3x ‘de stoel’ achter elkaar. Dit voelt onnatuurlijk en onlogisch. Je zegt gewoon: ‘De stoel is kapot. Hij wiebelt steeds en hij kraakt.’
Ze maken zinnen duidelijker en vloeiender. Zonder verwijswoorden zouden teksten stroef en onhandig klinken. Ze helpen je om vlot te spreken. Met verwijswoorden is de tekst dus ook veel prettiger om te lezen! Bijvoorbeeld: Zonder verwijswoorden Anna heeft een kat. Anna speelt met de kat. Anna vindt de kat lief. Met verwijswoorden Anna heeft een kat. Ze speelt met hem. Ze vindt hem lief.
Soorten verwijswoorden
Er bestaan verschillende verwijswoorden, omdat ze allemaal hun eigen taak hebben in de taal. Ze zorgen voor structuur, duidelijkheid, variatie én kloppende grammatica. Verwijswoorden zorgen er ook voor dat we niet telkens dezelfde woorden hoeven te herhalen, maar ze doen méér dan dat. Er zijn verschillende soorten verwijswoorden, omdat ze allemaal een specifieke rol vervullen in de zin en omdat ze naar verschillende elementen kunnen verwijzen. Bekijk samen het overzicht en leer je kind meer over de verschillende soorten:
Voorbeelden
Gebruik
Persoonlijke voornaamwoorden
Persoonlijke voornaamwoorden
hij, zij, het, wij, hen, ons
verwijzen naar personen of dingen
Bezittelijke voornaamwoorden
Bezittelijke voornaamwoorden
mijn, jouw, zijn, haar, ons
geven aan van wie iets is
Aanwijzende voornaamwoorden
Aanwijzende voornaamwoorden
deze, die, dit, dat
leggen nadruk op iets specifieks
Betrekkelijke voornaamwoorden
Betrekkelijke voornaamwoorden
die, dat, wie, wat
verwijzen naar een eerder genoemd woord
Vragende voornaamwoorden
Vragende voornaamwoorden
wie, wat, welke
gebruikt in vragen
Voorbeelden per type: • Persoonlijk: ‘Pieter is moe. Hij gaat naar bed.’ • Bezittelijk: ‘Dit is mijn boek.’ • Aanwijzend: ‘Die jongen woont hier niet meer.’ • Betrekkelijk: ‘Het boek dat ik lees, is spannend.’ • Vragend: ‘Welke film wil je zien?’
Hoe kies je het juiste verwijswoord?
Je ziet je kind denken; hoe kies ik nu het juiste verwijswoord? Hoe weet ik welke in de zin past? Met behulp van onderstaand stappenplan kiest jouw kind voortaan altijd het juiste verwijswoord!
Stap 1: Kijk of het woord waarnaar je verwijst mannelijk, vrouwelijk of onzijdig is. o Mannelijk/vrouwelijk: ‘De auto → hij is blauw.’ o Onzijdig: ‘Het boek → het is spannend.’
Stap 2: Let op enkelvoud of meervoud. o ‘De kinderen → zij spelen buiten.’
Stap 3: Gebruik aanwijzende voornaamwoorden als je nadruk wilt leggen. o ‘Wil je deze of die jas?’
Let op! Een paar veelgemaakte fouten: X: ‘Het meisje die daar staat.’ → ✅ ‘Het meisje dat daar staat.’ X: ‘De hond wat daar loopt.’ → ✅ ‘De hond die daar loopt.’
Is je kind aan het leren over verwijswoorden, maar begrijpt ze nog niet alles? Oefen met Squla en leer spelenderwijs!
Verwijswoorden zijn woorden die verwijzen naar iets anders in een zin, zoals hij, zij, dit, dat, die, dat.
Kijk naar het geslacht (mannelijk, vrouwelijk, onzijdig), enkelvoud/meervoud en de functie in de zin.
Ze voorkomen herhaling en zorgen voor duidelijke en begrijpelijke zinnen.
Wat zijn priemgetallen?
Annemarieke van den Berg
Oef. Priemgetallen. Wat is dat ook alweer? Je komt het niet in je dagelijks leven tegen. Maar kinderen in groep 6 en 7 gaan er toch mee aan de slag. Het is handig als ze er al een beetje kennis van hebben, voordat ze naar de middelbare school gaan. Om jouw kind goed te helpen als hij met vragen thuiskomt, is het belangrijk dat je weet wat het precies is. Dus pak een kop koffie (of je andere favoriete drankje) en laat je kennis even oppoetsen.
Wat is een priemgetal?
Een priemgetal is een getal groter dan 1 dat je alleen kunt delen door het cijfer 1 en zichzelf. Bijvoorbeeld:
2 is een priemgetal, want het is alleen deelbaar door 1 en 2.
3 is een priemgetal, want het is alleen deelbaar door 1 en 3.
4 is geen priemgetal, want het is deelbaar door 1, 2 en 4.
De afspraak is dat 1 geen priemgetal is en dat 2 het enige even priemgetal is.
Alle priemgetallen
De Griekse wiskundige Euclides liet duizenden jaren geleden zien dat er oneindig veel priemgetallen zijn. Hij had hier een slim bewijs voor: als je alle bekende priemgetallen met elkaar vermenigvuldigt en daar 1 bij optelt, krijg je óf een nieuw priemgetal, óf een getal dat deelbaar is door een priemgetal dat je nog niet kende. Zo kun je dus altijd doorgaan!
Het grootste bekende priemgetal (vanaf 2024) heeft meer dan 24 miljoen cijfers.
Wat is het nut van priemgetallen Je zult ze niet nodig hebben bij het uitrekenen van de prijs van je boodschappen. Maar ze zijn wel heel belangrijk bij het betalen! Priemgetallen zijn namelijk heel handig om gegevens mee te beveiligen. Internetbankieren, gecodeerde e-mails, beveiligde websites… Het kan allemaal dankzij priemgetallen! Ze zijn dus heel belangrijk voor technologie en moderne wiskunde.
Priemgetallen herkennen
Hoe herken je nou een priemgetal? Daar zijn een aantal manieren voor:
Check of het getal groter is dan 1. Let op: 1 is geen priemgetal.
Het mag alleen deelbaar zijn door 1 en zichzelf.
Is het deelbaar door 2, 3 of 5 (en is het niet 2, 3 of 5 zelf)? Dan is het géén priemgetal.
Gebruik de zeef van Eratosthenes. Dat is een wiskundige methode waarmee je priemgetallen vindt. De Griekse wiskundige – je raadt het al – Eratosthenes bedacht deze techniek. Je maakt een lijst van getallen en streept alle veelvouden van elk priemgetal door. Wat overblijft zijn de priemgetallen.
Oefen met Squla Vliegen de priemgetallen al over jullie eettafel? Tijd om te oefenen. Probeer Squla en test je kennis met leuke quizzen en spelletjes!