Maike

05-03-2019 - Leestijd: 6 min

Woordenschat en peuters: 6 tips!

Woordenschat: eigenlijk letterlijk een schat met allerlei kostbare ontdekkingen, namelijk… woorden! Maar hoe leuk het leren van woorden ook kan zijn, voor sommige kinderen is het een flinke klus. Hoe kun je je peuter thuis helpen bij het ontwikkelen van zijn of haar woordenschat? Squla zet de beste zes tips voor je op een rijtje!

Peuters en woorden leren

Vanaf twee jaar mag je je kind officieel peuter noemen: een heerlijke, ontwapenende en, soms ook, intensieve periode breekt aan. Niet alleen heeft je kind nu een echt eigen willetje, ook leert hij elke dag in een razendsnel tempo nieuwe dingen bij. Zoals woorden. In onze vorige blog heb je alles kunnen lezen over hoe je de interesses van je peuter stimuleert. Maar hoe zit dat met zijn woordschat?

Peuters zijn zich aan het voorbereiden op het basisonderwijs. Een rijke woordenschat is daarvoor een fijne basis en het geeft je kind een vliegende start straks op school. De voordelen van een brede woordenschat:

  • Je kind kan goed meekomen in de klas;
  • Hij begrijpt wat er wordt gezegd;
  • Hij kan zichzelf uitdrukken en kenbaar maken waar hij behoefte aan heeft;
  • Hij kan makkelijk contact maken met andere kinderen;
  • Het geeft hem zelfvertrouwen.

Thuis werken aan de woordenschat

Het kan natuurlijk zijn dat je peuter een echte ‘bouwer’ is en helemaal niet zoveel interesse heeft in taal en woorden. Maar dan is dat juist een gebied waar je extra aandacht aan kunt besteden. Hoe kun je op een leuke en speelse manier thuis werken aan de woordenschat van je kind?

1. Gesprekje voeren

Praat veel met je peuter, van jou leert hij immers het meest. Vertel hem bijvoorbeeld waar je mee bezig bent: “Mama gaat nu rijst koken”. Of voer samen een simpel gesprekje over de dag. Luister aandachtig, kijk elkaar aan en geef je kind de ruimte om zijn of haar verhaal te vertellen. En dat betekent ook: geduld. Peuters doen erg hun best om een mooie zin te vormen en daar nemen ze soms graag hun tijd voor. Als het even niet uitkomt, kun je dat aangeven: “Ik ben heel benieuwd naar wat je wilt zeggen, maar we moeten nu even opschieten. Straks in de auto luister ik graag naar je.”
Hebben jullie een gesprek gehad of gebruikt je kind een moeilijk woord? Geef hem dan een high five of een mooi compliment: “Wat knap dat je dat woord hebt gebruikt!” of “Ik vind het heel leuk als je me iets vertelt dat je hebt meegemaakt.”

2. Woordspelletjes

Een speelse manier om je kind nieuwe woorden te leren is door woordspelletjes te spelen. Bijvoorbeeld door drie voorwerpen (met nieuwe woorden) onder een dekentje te verstoppen en steeds een voorwerp weg te halen. Je kind mag dan raden wat er weg is. Of speel samen een levendig rollenspel als doktertje of supermarkt. De meeste peuters houden erg van een rollenspel spelen én het is een leuke manier om te oefenen met (nieuwe) woorden. Je daagt je kind uit door woorden te gebruiken die hij nog niet goed kent. Je kunt je peuter ook nieuwe woorden leren door zinnetjes te maken en een woord weg te laten. Jij zegt bijvoorbeeld: “De … zegt boe” en je kind vult het ontbrekende woord in (koe).

3. Online oefenen

Ook online zijn er leerzame apps en games te vinden waarmee je de woordenschat van je kind stimuleert. Naast TaalExtra (een exclusieve spellingsmethode voor kinderen bij wie lezen en spelling niet zo makkelijk gaat), lanceert Squla in maart 2019 een nieuw product speciaal voor kinderen tot groep 3: WoordExtra. Dit zijn online quizzen die de woordenschat van je peuter of kleuter spelenderwijs uitbreiden.

Kijk voor meer informatie op de website en houd onze social media in de gaten.

4. Samen koken

Duik vandaag samen de keuken in, bijvoorbeeld om cakejes te bakken. Naast dat cakejes natuurlijk erg lekker zijn om op te eten, leert je kind ook veel nieuwe woorden bij het klaarmaken ervan. Leg uit wat jullie precies doen, lees samen het recept door en kijk welke dingen jullie nodig hebben voor het bakken van iets lekkers (mixer, suiker, meel, eieren, oven enz.). Dit kun je natuurlijk ook doen met het klaarmaken van het avondeten of de lunch.

5. Voorlezen

Voorlezen is misschien wel de meest bekende manier om te werken aan de woordenschat van je kind. Lees voor het slapen gaan een verhaaltje voor, maar pak ook overdag soms een moment samen om een boekje te lezen. Kijk- en zoekboeken zijn ideaal om nieuwe woorden te leren en je kunt het thema aanpassen op de interesses van je kind. Om je kind een afwisselend aanbod te bieden aan woorden en verhalen, kun je regelmatig naar de bibliotheek gaan om nieuwe boeken uit te zoeken. Helemaal fijn: kinderen tot 18 jaar zijn gratis lid van de bieb. Ook worden er in veel bibliotheken regelmatig leuke activiteiten georganiseerd voor jonge kinderen, zoals een voorleesochtend.

6. Omgaan met andere kinderen

En de laatste tip: lekker veel spelen met andere kinderen. Misschien gaat je kind wel naar de peuterspeelzaal of kinderopvang, dan komt hij vanzelf in aanraking met vriendjes en vriendinnetjes. Als je kind nog thuis is, dan kun je kijken of je af en toe een speelafspraakje kunt maken. Supergezellig én kinderen leren veel van elkaar. Samen spelen is dan ook weer heel stimulerend voor de woordenschat voor je kind.

Eigen tempo

Jonge kinderen krijgen elke dag veel nieuwe indrukken te verwerken en hun woordenschat wordt met de dag groter. Zo gebruikte mijn zoontje van drie jaar laatst het zinnetje: “Ik schrik me een hoedje!” op een moment waarop hij ook daadwerkelijk schrok van iets. Ik vond het knap. Volg je kind vooral in zijn of haar persoonlijke ontwikkeling en houd er rekening mee dat ieder kind zijn eigen leertempo heeft.

Veel plezier met het spelen met woorden!