Kies je groep
Peuters
Groep 1
Groep 2
Groep 3
Groep 4
Groep 5
Groep 6
Groep 7
Groep 8
Alle vakken
Kies je groep
Het voelt nog als gisteren… aan jouw hand maakte je kind kennis met de juf van groep 1. Wat was dat spannend! De acht jaar zijn voorbij gevlogen en nu komt het afscheid van de basisschool in zicht. Een nieuwe fase: de middelbare school! Misschien nog wel spannender dan die eerste dag in groep 1. Want ondanks dat je kind je hand niet meer vast hoeft te houden, heeft hij jou als ouder stiekem echt nog wel nodig. In deze blog geef ik je 11 tips van bovenbouw leerkrachten ter voorbereiding op de middelbare school.
Het is helemaal niet vreemd om al open dagen te gaan bezoeken als je kind nog in groep 7 zit. Hierdoor kunnen jullie je samen rustig oriënteren op de middelbare scholen in de omgeving. Ook zijn er op veel scholen mee-loop-dagen of doe-dagen waarbij je kind een dagje mee kan draaien op de school. Door de scholen te bezoeken krijgt je kind een realistisch beeld van de school.
Door samen ruim de tijd te nemen om scholen te bezoeken, help je je kind om een goed doordachte keuze te maken. Het is heel belangrijk dat je kind ook zelf achter de schoolkeuze staat.
Ging je kind lopend naar de basisschool, dan is een eind fietsen of met het openbaar vervoer reizen een hele verandering. Bekijk samen de route naar de nieuwe school op Google Maps. Fiets samen een keer naar de nieuwe school of pak de bus of trein waarmee je kind naar school gaat. Het geeft je kind zelfvertrouwen als de route naar school al bekend is en dat maakt die eerste schooldag veel minder spannend.
Herinner jij je ook jouw eerste middelbare schooldag nog? Sommige details hiervan blijven je je hele leven bij, dus kun je nagaan hoeveel indruk zo’n eerste dag maakt!
Richt samen met je kind een fijne plek in om huiswerk te maken. Kijk samen met je kind waar het rustig is om te zitten en koop samen een bureau, een lekker zittende stoel en zorg voor bergruimte zoals boekenplankjes voor alle schoolspullen. Het is belangrijk dat de huiswerkplek een fijne, rustige plek is waar je kind zich goed kan concentreren.
Leer je kind hierbij al structuur en planning aan door bijvoorbeeld opbergmappen te kopen waar belangrijke papieren in kunnen. Een planbord of whiteboard om to-do-listjes of belangrijke memo’s op te hangen is ook handig! Leren ‘plannen’ zoals voor ons volwassenen automatisch gaat, is iets wat je puber straks echt nog verder moet ontwikkelen.
Laat je kind kiezen wat hij/zij leuk vindt en uitzoeken wat hij nodig heeft. De meeste middelbare scholen hebben een lijst met benodigdheden die geadviseerd worden zoals een rekenmachine, Geo-driehoek, snelhechters enzovoorts. En ga ook samen shoppen voor een leuke, hippe tas. Als je kind kleding en een tas draagt waarin hij/zij zich prettig voelt, dan zal hij/zij zich ook eerder zelfverzekerd voelen.
Ondanks dat er op de meeste basisscholen al huiswerk gegeven wordt, zal het voor je kind een hele omschakeling zijn naar het huiswerk op de middelbare school. In de eerste maanden kan het voor je kind heel prettig zijn om geholpen te worden bij de planning en het maken en leren van huiswerk. Het is verstandig om al vanaf de start mee te kijken en te helpen met plannen, dan te wachten totdat je kind vastloopt en zich nog onzekerder voelt als het na een paar weken toch wel heel lastig blijkt te zijn om al dat leerwerk en maakwerk goed in te plannen. Maar niet ieder kind vindt dit fijn.
Maak ook bespreekbaar wat het ‘nut’ is van bepaalde schoolvakken. Voor een puber lijken soms de dingen die ze moeten leren ‘onzin’ en ‘saai’, vertel welke kennis jij in je verder leven nodig had of in je werk. Dat motiveert!
Levert samen huiswerk maken bij jullie thuis telkens een hele strijd op? Informeer eens naar huiswerkbegeleiding. Veel scholen bieden dit in de brugklas aan. Maar er zijn ook particuliere RT praktijken die huiswerkbegeleiding aanbieden. En in de puberleeftijd is het misschien wel extra fijn om de ‘huiswerkdiscussie’ thuis uit de weg te gaan. Vreemde ogen kunnen nou eenmaal vaak iets meer dwingen…
Heeft jouw kind op de basisschool extra zorg nodig gehad? Informeer dan ook bij de middelbare school hoe de leerlingzorg daar geregeld is. Ook zijn er voor middelbare scholieren zorgarrangementen aan te vragen. Waar op de basisschool de Intern Begeleider (IB-er) de zorg regelt, wordt dat op een middelbare school meestal door een zorgcoördinator gedaan. Ook zijn er voor leerlingen met dyslexie soms speciale aanpassingen of vrijstellingen. En weet dat er altijd een overdracht plaats vindt tussen de basisschool en de middelbare school.
Heeft je kind nog geen typecursus gevolgd? Dan is dat in groep 7 of 8 wellicht handig om te gaan doen. Zeker bij het maken van verslagen op de middelbare school en gebruik van laptops in de klas, scheelt het straks veel tijd als je kind blind kan typen.
Bekijk samen de website van de school en praat over de middelbare school. Vertel bijvoorbeeld ook over je eigen (positieve) ervaringen. Bespreek ook de niet kloppende vooroordelen die vaak gezegd worden zoals ‘alle docenten zijn strenger dan op de basisschool’, ‘je krijgt meteen huiswerk’, ‘als brugger wordt je gepest’. Hierdoor kun je je kind gerust stellen.
Ook kan het helpen om te bespreken hoe je omgaat met negatieve opmerkingen, hoe je kennis maakt en nieuwe vrienden maakt en hier een beetje in te oefenen. Heeft je kind geen fijne basisschool tijd gehad, dan is de middelbare school extra spannend. Echter een nieuwe klas met kinderen die nog niets van hem/haar weten, is ook weer een nieuwe kans om een nieuwe indruk te maken.
Wennen kost tijd en bijna alle middelbare scholen hebben een speciaal introductieprogramma met kennismakingsactiviteiten en bouwen het huiswerk langzaam op. Dat is een hele geruststelling.
Er zijn diverse leesboeken voor bovenbouwleerlingen die gaan over de brugklas. Zoals:
De eerste periode op de middelbare school zal een intensieve periode zijn. Het is daarom belangrijk om je kind hier uitgerust aan te laten beginnen. Als je kind uitgerust is, kan hij/zij makkelijker omgaan met grote veranderingen en bijkomende spanningen.
Het is ook handig om in de eerste weken van de middelbare school vaker thuis te zijn als je kind uit school komt. Als je zoon of dochter vermoeid thuis komt is het fijn als er iemand is om even een praatje mee te maken, of je kind te helpen bij het leren, overhoren of een planning te maken. Ook zal het wennen in de eerste periode je kind veel energie kosten, dus blijf ook dan alert op voldoende rust.
Na acht jaar Squla is je kind klaar voor de volgende stap. StudyGo is het leerplatform voor middelbare scholieren, dat aansluit op de lesstof van de brugklas en verder. Met oefentoetsen, uitlegvideo’s en samenvattingen helpt StudyGo je kind om zelfstandig te leren en zich zekerder te voelen op de middelbare school.
Meer weten? Lees dan de blog ‘De middelbare school: hoe bereid je je kind erop voor?‘
Met deze tips zijn jij en je kind helemaal klaar voor de overstap naar de middelbare school!
Daarnaast hoef je er echt niet de hele groep 8 periode bij stil te staan. Laat het ook af en toe even rusten. Het volle programma van groep 8 met de doorstroomtoets, afscheidsmusical, schoolkamp en een afscheidsavond is ook een bijzondere periode om de basisschool af te sluiten. Niet alleen voor je kind, maar ook voor jou als ouder verandert er veel. Je kind wordt een stuk zelfstandiger. En ook daarbij zul je misschien als ouder een traantje wegpinken… kleintjes worden groot!
Deze blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel – Juf Shelby | Bachelor of Education PABO | Master SEN (MSEN) intern begeleider en gedragsspecialist in het basisonderwijs.
Er zijn van die momenten in het schooljaar die kinderen al weken van tevoren aftellen. Hun verjaardag is er daar één van. En terecht, want jarig zijn in de klas is bijzonder! Je mag op de verjaardagsstoel zitten, er wordt voor je gezongen en… je mag trakteren!
Als juf zie ik het elk jaar voorbijkomen. Van een simpel zakje chips tot complete goodiebags met speelgoed, snoep én een persoonlijke boodschap. Als moeder voel ik ook de druk: wat is leuk, gezond, passend, origineel? Het lijkt soms een klein ding, zo’n traktatie, maar het raakt eigenlijk aan iets groters: hoe gaan we als ouders en leerkrachten om met verwachtingen, gezondheid, en de wens om het állerbeste voor ons kind te doen?
Een verjaardag is een groot moment voor een kind. Laat je kind meedenken over zijn traktatie. Wat vind hij leuk? Soms willen ze iets simpels en herkenbaars of precies hetzelfde wat een vriendje ook trakteerde… en dat is prima!
Mijn kleuter van 5 liet ik een aantal voorbeelden zien die ik zelf al voorgeselecteerd had (voorbeelden die eenvoudig te maken waren, niet te veel kosten en relatief gezond) en daaruit liet ik haar kiezen. Als ik haar op die leeftijd zelf had laten scrollen op Pinterest had ze de meest grote Unicorn waarschijnlijk uitgekozen. De keuze dus een beetje afbakenen maar wel de eigen keuze laten.
Kinderen stralen vaak het meest als ze hun traktatie zelf hebben gekozen of zelfs mee hebben mogen maken. Een bakje druiven met een vlaggetje dat ze zelf hebben gekleurd, doet écht niet onder voor een traktatie die van Pinterest komt.
Laten we eerlijk zijn: soms lijkt het wel een onderlinge oudercompetitie. Wie verzint de origineelste, gezondste, meest verantwoorde en tóch nog Instagramwaardige traktatie? Maar moeten we echt ons ouderschap bewijzen via een satéprikker met druiven en een pinguïnhoofdje van marshmallow? Trakteren is geen examen, het is een feestje. En daar hoort niet per se stress voor mama (of papa) bij.
Wat vaak vergeten wordt: niet elke ouder heeft de financiële ruimte om uit te pakken. En in een klas waar de ene traktatie bestaat uit een cadeautasje met speelgoedjes en de andere uit een doosje rozijnen, worden die verschillen soms zichtbaar. Een heldere richtlijn vanuit school kan daarbij helpen: bijvoorbeeld een maximum van één traktatie per kind, liefst gezond, en bij voorkeur iets kleins. Zo is het eerlijk en haalbaar voor iedereen.
Op steeds meer scholen zijn er duidelijke richtlijnen: traktaties moeten gezond zijn. Geen taart, geen chips, geen snoep. En eerlijk is eerlijk: dat is niet altijd makkelijk, maar wél begrijpelijk. In een tijd waarin kinderen dagelijks al veel prikkels én suiker krijgen, is het fijn als school daarin een bewuste lijn trekt.
Als je kind op zo’n school zit: houd je daar dan ook echt aan. Maak geen ‘gezonde’ traktatie die eigenlijk gewoon snoep in vermomming is. Een rijstwafel met chocolade en discodip is leuk, maar niet de bedoeling als er een beleid is. Kinderen merken heus wel wanneer iemand ‘smokkelt’ en het doet afbreuk aan de gezamenlijke afspraken.
Andere scholen laten het aan de ouders over. Ook daarin zit kracht, zolang we als ouders bewust kiezen. Denk na: wat zou mijn kind lekker vinden, en wat past bij de leeftijd/groep waarin je kind zit? Je hóeft geen wortel met hummus te trakteren, maar ook geen suikerbom van vijf lagen. Iets kleins, feestelijks en smakelijks dáár draait het om.
Als juf waardeer ik het enorm wanneer traktaties kant-en-klaar mee naar school komen. Het lijkt misschien een leuk idee om in de klas samen te gaan knutselen of versieren met eten, maar in de praktijk is dat vaak lastiger dan gedacht, zeker in een volle klas.
Ik herinner me nog een traktatie waarbij ik 35 stukjes cake moest snijden, slagroom moest spuiten en alle kleuters zelf mochten versieren. Origineel? Zeker! Maar ook: rommelig, tijdrovend en eerlijk gezegd een beetje stressvol. Terwijl de rest van de klas wachtte, zat ik met spuitbussen in de aanslag een lokaal vol met strooisels en plakkerige tafels.
Daarnaast is het ook voor je kind belangrijk dat een traktatie praktisch is. Kunnen ze het zelf goed vasthouden? Makkelijk uitdelen? Dat maakt het voor hen extra leuk én geeft ze het gevoel dat het écht hún moment is.
Of je nu gezond wilt trakteren of iets zoets kiest: het hoeft écht niet ingewikkeld te zijn. Op onze school zijn geen vaste traktatieregels, dus als ouder heb ik best veel vrijheid. Zelf vind ik het leuk om nét even iets persoonlijks toe te voegen, zonder dat het me uren kost.
Vaak maak ik op de computer of via ‘Canva’ een simpel printbaar ontwerpje: een vlaggetje met een foto of tekstje dat past bij het thema of bij mijn kind. Dat maakt zelfs de eenvoudigste traktatie meteen feestelijk. Eén van mijn meest simpele traktaties? Kant-en-klare cupcakes van de Albert Heijn. Ik had echt geen tijd (of eigenlijk: zin) om de avond ervoor 28 cakejes te bakken.
Wat ik toen deed? Een toefje botercrème erop: bij mijn dochter in prinsessenkleuren, bij mijn zoon in het bruin (zodat het net een berg zand leek met een graafmachine erop). Met een prikker van een prinses of graafmachine erin zag het er toch feestelijk én persoonlijk uit. En het mooiste: mijn kinderen vonden het geweldig, en ik had geen stress.
Hieronder wat ideeën die het altijd goed doen in de klas:
Gezonde traktaties:
Iets minder gezond, maar leuk en haalbaar:
Of je nu veel tijd hebt of juist weinig: met een kleine creatieve touch maak je van elke traktatie iets persoonlijks. Door het in een mooie mand, etagère of dienblad te presenteren ziet het er al snel heel feestelijk uit. Ook als je gewoon trakteert op zakjes chips, een boodschappen krat met een dekentje, wat leuke lintjes of strikjes er aan… en voilà! En onthoud: het hoeft niet perfect!
Sommige ouders kiezen voor een niet-eetbare traktatie, zoals bellenblaas, stempels of stoepkrijt. Zelf ben ik daar eerlijk gezegd niet zo’n voorstander van. Trakteren is in mijn ogen juist een gezellig moment om even sámen iets te eten in de pauze, niet om cadeautjes uit te delen. Het hoeft niet groot of zoet te zijn, maar iets lekkers delen, hoe klein ook, maakt het echt een verbindend moment.
En weet je wat het mooiste is? Kinderen onthouden vooral dat ze mochten uitdelen, niet wát ze uitdeelden. Fijne verjaardag!
Deze blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel | Juf Shelby | Bachelor of Education PABO | Master SEN (MSEN) intern begeleider en gedragsspecialist in het basisonderwijs.
De laatste weken van groep 8 staan in het teken van afscheid. De musical komt eraan, het eindkamp wordt besproken en misschien is de middelbare schooltas al gekocht. Je kind is volop bezig met vooruitkijken. Maar tegelijkertijd gebeurt er ook iets emotioneels: het afscheid nemen. Van de basisschool, van juffen en meesters, van vertrouwde vriendjes. Voor veel kinderen (én ouders) is dat best spannend. Gelukkig kun je als ouder veel betekenen in deze overgang. Niet door alles op te lossen, maar door mee te bewegen, vragen te stellen en te laten zien dat loslaten bij groeien hoort.
Kinderen maken in groep 8 een bijzondere ontwikkeling door. Ze staan met één been nog in de veilige wereld van de basisschool, en zetten tegelijkertijd voorzichtig hun eerste stappen richting de brugklas. Dat is niet zwart-wit. Het ene moment kunnen ze heel stoer zijn en het volgende weer klein en kwetsbaar (en soms ook mega chagrijnig). Dat is normaal.
Ook voor jou als ouder is dit een overgang. Je laat iets vertrouwds los: het dagelijkse schoolplein, de korte lijntjes met de leerkracht, de school van ‘we kennen elkaar allemaal’. Loslaten na groep 8 betekent niet dat je je kind nu helemaal loslaat, het betekent dat je rol verandert.
De overgang naar de middelbare school betekent ook dat je kind zelfstandiger wordt. En misschien voel je je daar als ouder soms onzeker over. Wat als ze niets meer van je aannemen? Wat als ze zich laten beïnvloeden door de verkeerde vrienden? Of wat als jouw mening straks niet meer telt?
Dat zijn heel normale zorgen. Maar weet: jouw invloed is groter dan je denkt. Alles wat je tot nu toe (bewust én onbewust) hebt meegegeven: normen, waarden, liefde, grenzen, humor zit in de rugzak van je kind. Zelfs als ze straks met hun ogen rollen of ‘ja, ja…’ mompelen, nemen ze dit ongemerkt mee. Pubers luisteren misschien niet altijd naar wat je zegt, maar wél naar wat je doet.
Jouw voorbeeld, hoe jij met anderen omgaat, hoe jij je keuzes maakt, dat weegt mee. Juist in de puberteit zoeken kinderen houvast in het vertrouwde. Je bent niet overbodig, maar je rol verandert. Van regisseur naar gids. Soms wat meer op de achtergrond, maar altijd van betekenis.
Carol Dweck, ontwikkelaar van het growth mindset-model, laat zien dat kinderen opgroeien met meer veerkracht als ze volwassenen om zich heen zien die zelf ook blijven leren, fouten durven maken en doorgaan met vertrouwen. Door voor te leven dat geluk zit in kleine dingen, dat falen mag en dat je altijd kunt groeien, geef je je kind iets waardevols mee. Je hoeft het dus niet perfect te doen. Gewoon trouw zijn aan jezelf, mild zijn voor jezelf in moeilijke puber-momenten, en blijven geloven in de groei van je kind én jezelf, dat is misschien wel het krachtigste wat je kunt geven in de puberteit.
Kinderen leren van jouw voorbeeld. Als jij laat zien dat afscheid nemen een beetje pijn mag doen, geef je toestemming aan hun eigen emoties. Je kunt iets zeggen als:
“Ik merk dat ik het ook een beetje spannend vind dat jij straks naar de middelbare school gaat. Maar ik weet zeker dat je ook daar je plekje zult vinden.”
Door gevoelens te benoemen, laat je zien dat het oké is om te voelen. Dat geeft vertrouwen.
Loslaten betekent niet dat je de controle verliest, het betekent dat je vertrouwen geeft. En vertrouwen kun je oefenen. De positieve psychologie leert ons dat kinderen floreren als ze zingeving ervaren, autonomie krijgen en leren omgaan met tegenslag. Auteurs zoals Stephen Covey (bekend van The 7 Habits of Highly Effective People) en Michael Pilarczyk (bekend van Master your mindset) benadrukken dat een gelukkig leven begint bij verantwoordelijkheid nemen voor je eigen keuzes.
Je kunt dat al jong aanleren door je kind te betrekken bij kleine beslissingen: Wat heb jij nodig om straks goed te starten op de middelbare school? Hoe zou jij om willen gaan met een tegenvaller? Dit soort vragen helpen je kind om in zichzelf te gaan geloven, niet omdat alles perfect gaat, maar omdat ze leren dat ze invloed hebben op hoe ze ergens mee omgaan.
Geef ruimte voor fouten, moedig aan om te reflecteren en benoem de kracht van doorzetten. Je geeft daarmee het mooiste mee wat er is: vertrouwen in hun eigen pad én de wetenschap dat jij altijd dichtbij bent, ook als je wat meer op afstand staat.
Misschien betrap je jezelf op een brok in je keel bij de afscheidsmusical. Misschien denk je met weemoed terug aan je kind dat ooit zijn jas nog verkeerd om dichtdeed en nu klaarstaat om een nieuwe wereld in te stappen.
Geloof me, ook als juf kreeg ik vaak een brok in mijn keel. Bijvoorbeeld als ik tijdens de afscheidsmusical keek naar een kind dat acht jaar eerder nog verlegen als kleuter de school binnenstapte… met grote ogen, een knuffel onder de arm, en een hand stevig in die van papa of mama. En dan stond datzelfde kind daar: op het podium, stralend, vol zelfvertrouwen, klaar voor een nieuw hoofdstuk.
Of dat jongetje dat ik in groep 4 leerde kennen. Hij was rustig, hield van techniek, sleutelde graag, maar stond liever niet in het middelpunt. En toch, of juist daarom: was hij degene die bij de afscheidsavond het licht en geluid regelde. In de coulissen, gefocust, verantwoordelijk, en zó op zijn plek. Hij straalde niet in de spotlights, maar wél door ze aan te zetten! Geweldig toch?
Dat zijn momenten waarop je beseft: loslaten is ook oogsten. Alles wat je in die 8 basisschooljaren hebt gezaaid: liefde, grenzen en vertrouwen zie je terug in hoe een kind durft te staan, durft te dromen en durft te groeien.
Loslaten is niet makkelijk. Maar het is ook een teken van vertrouwen: in je kind, in wat komt, en in je eigen rol als ouder. Je hoeft het niet perfect te doen. Alleen aanwezig zijn, en af en toe een hand op de schouder leggen, is al genoeg.
Je kind is er klaar voor. En jij ook!
Deze blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel | Juf Shelby | Bachelor of Education PABO | Master SEN (MSEN) intern begeleider en gedragsspecialist in het basisonderwijs.
Geraadpleegde bronnen:
Covey, S. R. (2004). The 7 habits of highly effective people. Free Press.
(Oorspronkelijk werk gepubliceerd in 1989)
Pilarczyk, M. (2016). Master your mindset: Leef je mooiste leven. Invictus Publishing.
Dweck, C. S. (2008). Mindset: De weg naar een succesvol leven (Nederlandse vertaling). Uitgeverij Business Contact.
Je kind zit in groep 8, een mijlpaal. Na 8 jaar op de basisschool staat hij of zij nu op het punt om over te stappen naar de middelbare school. Spannend én bijzonder, zowel voor je kind als voor jou als ouder. In deze blog lees je hoe je deze overgang soepel en warm kunt begeleiden: van betekenisvol afscheid nemen tot een goede voorbereiding op de brugklas… inclusief tips over het vervolg op Squla: StudyGo.
Vanaf groep 3 volgen basisscholen de ontwikkeling van kinderen met behulp van een leerlingvolgsysteem (LVS). Steeds meer scholen kiezen daarbij voor het IEP LVS: een toetsinstrument dat niet alleen kijkt naar taal en rekenen, maar óók aandacht heeft voor sociaal-emotionele groei en leeraanpak. In deze blog neem ik je mee in wat de IEP toetsen in groep 8 precies inhouden. Wat wordt er getoetst? Wat zegt de uitslag? En hoe kun je je kind goed begeleiden zonder onnodige druk?
IEP staat voor Inzicht Eigen Profiel. Het is een leerlingvolgsysteem (LVS) dat de cognitieve én persoonlijke ontwikkeling van je kind in kaart brengt. De IEP-toets meet hoe goed een leerling bepaalde vaardigheden beheerst, zoals taal en rekenen. Maar IEP kijkt niet alleen naar ‘hoofd’, maar ook naar ‘hart en handen’. Het IEP LVS sluit aan op de leerdoelen van het SLO.
In groep 8 zijn de toetsen inhoudelijk uitgebreider dan in groep 7. Er wordt meer diepgang gevraagd in vaardigheden en er komt extra focus op het toepassen van de geleerde lesstof. De toetsen bereiden leerlingen bovendien al deels voor op de overgang naar het voortgezet onderwijs en de eindtoets. De IEP-hoofd-toets in groep 8 richt zich vooral op:
Het doel is niet om kinderen te beoordelen, maar om inzicht te krijgen in hun ontwikkeling. De leerkrachten gebruiken de resultaten om hun onderwijs verder te verbeteren en om te kijken waar extra ondersteuning nodig is. Naast taal en rekenen zijn er ook IEP toetsen voor inzicht in sociaal-emotionele ontwikkeling, leeraanpak en creatief vermogen. Zo krijg je een compleet beeld van een leerling. Dit onderdeel noemt IEP: Hart en Handen.
In groep 8 worden de IEP-taaltoetsen afgenomen, deze zijn ontworpen om de taalontwikkeling van leerlingen te meten. Deze toetsen sluiten aan bij het Referentiekader Nederlandse taal, wat betekent dat de uitslag aangeeft welk referentieniveau een leerling heeft behaald: <1F, 1F of 2F. De volgende onderdelen komen aan bod:
In groep 8 worden de rekentoetsen afgenomen die aansluiten bij het Referentiekader rekenen. Deze toetsen geven inzicht in het behaalde referentieniveau van jouw kind, wat helpt te bepalen welke ‘rekenskills’ hij of zij heeft ontwikkeld.
In de rekentoetsen maken leerlingen zowel contextvragen als kale sommen. Contextvragen ook wel verhaaltjessommen genoemd testen hoe goed leerlingen rekenen kunnen toepassen in alledaagse situaties, terwijl kale sommen puur de rekenvaardigheid meten zonder extra context. Samen geven deze verschillende soorten vragen een volledig beeld van de rekenvaardigheid van je kind. De toetsen bevatten de volgende onderdelen:
De uitslag van de toets geeft aan op welk niveau je kind bepaalde vaardigheden beheerst. Dit wordt vaak weergegeven met een schaal die laat zien of je kind zich ontwikkelt volgens de verwachting. Het is belangrijk om te onthouden dat ook een IEP toets slechts een momentopname is. Kinderen groeien allemaal op hun eigen tempo.
In groep 8 neemt de leerkracht de uitslag mee als onderdeel van het opstellen van het schooladvies. Ook wordt er vaak in groep 8 gekeken naar de uitslagen van de toetsen in groep 7. Hangt hier dan alles van af? Nee, zeker niet! Er spelen veel meer factoren mee bij het opstellen van een advies. Lees hier meer over in mijn blog over het pre-advies in groep 7.
Bij IEP worden kinderen niet met elkaar vergeleken. IEP beweert ontwikkelgericht te volgen en niet prestatiegericht. Dat wil zeggen dat er dus gekeken wordt naar de groei die een kind doormaakt. Een lage score kan namelijk als je de toets analyseert soms best een hele grote persoonlijke groei van een kind zijn geweest.
Referentieniveaus geven aan welk niveau een leerling heeft bereikt in taal en rekenen. Ze helpen scholen te bepalen of een leerling klaar is voor het voortgezet onderwijs en waar extra ondersteuning nodig is. De belangrijkste niveaus zijn:
Vanaf groep 6 worden referentieniveaus gemeten bij de IEP-toetsen. In groep 3 begint men al met het werken naar het 1F-niveau, en bijna alle leerlingen behalen dit niveau aan het einde van de basisschoolperiode.
Naast hoofd (taal en rekenen), biedt het IEP LVS inzicht in de sociaal-emotionele ontwikkeling, de leeraanpak en het creatief vermogen van kinderen – ook in groep 8:
Deze profielen geven niet alleen een goed overzicht van de sterke persoonlijkheidskenmerken van je kind, maar bieden ook praktische handvatten voor verdere groei. Als leerkracht en gedragsspecialist ben ik blij dat er bij IEP ook aandacht is voor deze aspecten. Het betrekken van kinderen bij dit proces, door hen zelf te laten reflecteren op hun profiel, geeft hen bovendien een gevoel van eigenaarschap over hun eigen ontwikkeling. Dit maakt het leerproces maar ook het gesprek over ‘gedrag’ persoonlijker en gerichter.
Soms maken ouders en kinderen zich zorgen over toetsen, met name met het zicht op het voortgezet onderwijs en het ‘schooladvies’ in groep 8 ligt er sneller een gevoel van druk op de toetsen in groep 8. Dat is begrijpelijk, maar niet nodig. Toetsen zijn er om te leren en te groeien. Blijf in gesprek met je kind en laat merken dat je trots bent op inzet, niet alleen op cijfers.
Wil je je kind helpen? Zorg dan vooral voor ontspanning:
Oefenen voor de toets is in principe niet nodig, omdat de toets bedoeld is om objectief te meten wat je kind kan. De IEP-toetsresultaten in groep 7 en 8 zijn bedoeld als tussentijdse peiling van de ontwikkeling. De uitslagen laten zien op welk referentieniveau je kind functioneert. Wel kan het helpen om vertrouwd te raken met de vraagstelling, omdat LVS-toetsen anders geformuleerd zijn dan methodetoetsen.
In de les of thuis oefenen met de belangrijkste lesstof van dat leerjaar, kan wel zinvol zijn. Daarnaast kan je kind met het vak “toetsen oefenen” alvast kennis maken met de vraagstelling van IEP. De quizzen bieden extra oefening of dagen juist uit en zorgen voor meer inzicht.
Wat ik als leerkracht regelmatig merkte, is dat sommige leerlingen in groep 8: met name degenen die richting een praktische leerroute zoals VMBO-BB vaker tegen de grenzen van hun leervermogen aanlopen. Dit is absoluut geen tekortkoming, maar een signaal dat de aangeboden lesstof soms minder goed aansluit bij hun praktische manier van leren. Dat kan bij kinderen zorgen voor onzekerheid, zeker in een klas waar de verschillen in tempo en niveau zichtbaarder worden én kinderen in de pre-puberfase komen (hallo onzekerheid!). Juist daarom is het belangrijk om de unieke talenten van een kind te blijven benadrukken als leerkracht en als ouder.
In groep 8 maken leerlingen een eindtoets. Steeds meer scholen kiezen hierbij voor de IEP Eindtoets. Deze wordt afgenomen nádat het schooladvies al is gegeven. Dat is een bewuste keuze: het advies van de school, gebaseerd op het beeld van de leerling over meerdere jaren, staat centraal. De IEP Eindtoets bevestigt of het advies passend is of dat er aanleiding is om het naar boven te heroverwegen.
De toetsresultaten kunnen namelijk een signaal zijn: als een leerling hoger scoort dan verwacht, kan de school, in overleg met ouders het schooladvies nog naar boven toe aanpassen. Andersom mag dat niet: een lagere toetsuitslag heeft géén negatieve invloed op het al gegeven advies. Dat haalt gelukkig al wat meer ‘druk’ van de eindtoets af.
De overgang naar het voortgezet onderwijs is een grote stap voor kinderen én ouders. Het schooladvies geeft richting aan die stap. De IEP Eindtoets biedt aanvullende informatie, maar uiteindelijk is het belangrijk dat een kind op een plek terechtkomt waar het zich prettig voelt en zich verder kan ontwikkelen op zijn of haar eigen manier.
IEP helpt hierbij door niet alleen cognitieve scores te tonen, maar ook inzicht te geven in persoonlijke leerkenmerken. Een leerling die misschien op 1F scoort, maar met een sterke motivatie en zelfstandigheid, kan zich goed ontwikkelen binnen het VMBO. Andersom kan een kind dat op 2F scoort, maar onzeker is of weinig zelfvertrouwen heeft, juist wel baat hebben bij extra ondersteuning in het begin van de brugklas. Deze informatie wordt vaak ook meegenomen in de overdracht van de leerkracht van groep 8 naar het voortgezet onderwijs.
Blijf als ouder vooral ondersteunen zonder te sturen op prestaties. Want of je kind nu uitblinkt in taal, rekenen of creativiteit: het is de persoonlijke groei die telt!
Deze blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel – Juf Shelby | Bachelor of Education PABO | Master SEN (MSEN) | Intern begeleider en gedragsspecialist in het basisonderwijs.
Geraadpleegde bronnen:
Bureau ICE. (z.d.). IEP Hart en Handen: Sociaal-emotionele ontwikkeling en leeraanpak in beeld. Geraadpleegd op 10 april 2025, van https://www.toets.nl/iep-hartenhanden/
Bureau ICE. (z.d.). Webinar: Het IEP LVS in 30 minuten [Webinar]. Geraadpleegd op 10 april 2025, van https://www.toets.nl/iep-lvs/
Ouderavond IEP toetsen (ouderbijeenkomst basisschool, bijgewoond oktober 2024)
SLO. (2010). Referentiekader taal en rekenen: Referentieniveaus voor taal en rekenen. Stichting Leerplanontwikkeling. https://www.slo.nl/publish/pages/5901/referentiekader_taal_en_rekenen_referentieniveaus.pdf
Vanaf groep 3 volgen basisscholen de ontwikkeling van kinderen met behulp van een leerlingvolgsysteem (LVS). Steeds meer scholen kiezen daarbij voor het IEP LVS: een toetsinstrument dat niet alleen kijkt naar taal en rekenen, maar óók aandacht heeft voor sociaal-emotionele groei en leeraanpak. In deze blog neem ik je mee in wat de IEP toetsen in groep 7 precies inhouden. Wat wordt er getoetst? Wat zegt de uitslag? En hoe kun je je kind goed begeleiden zonder onnodige druk?
IEP staat voor Inzicht Eigen Profiel. Het is een leerlingvolgsysteem (LVS) dat de cognitieve én persoonlijke ontwikkeling van je kind in kaart brengt. De IEP-toets meet hoe goed een leerling bepaalde vaardigheden beheerst, zoals taal en rekenen. Maar IEP kijkt niet alleen naar ‘hoofd’, maar ook naar ‘hart en handen’. Het IEP LVS sluit aan op de leerdoelen van het SLO.
In groep 7 zijn de toetsen inhoudelijk uitgebreider dan in groep 6. Er wordt meer diepgang gevraagd in vaardigheden en er komt extra focus op het toepassen van de geleerde lesstof. De toetsen bereiden leerlingen bovendien al deels voor op de overgang naar groep 8 en de eindtoets. De IEP-hoofd-toets in groep 7 richt zich vooral op:
Het doel is niet om kinderen te beoordelen, maar om inzicht te krijgen in hun ontwikkeling. De leerkrachten gebruiken de resultaten om hun onderwijs verder te verbeteren en om te kijken waar extra ondersteuning nodig is. Naast taal en rekenen zijn er ook IEP toetsen voor inzicht in sociaal-emotionele ontwikkeling, leeraanpak en creatief vermogen. Zo krijg je een compleet beeld van een leerling. Dit onderdeel noemt IEP: Hart en Handen.
In groep 7 worden de IEP-taaltoetsen afgenomen, deze zijn ontworpen om de taalontwikkeling van leerlingen te meten. Deze toetsen sluiten aan bij het Referentiekader Nederlandse taal, wat betekent dat de uitslag aangeeft welk referentieniveau een leerling heeft behaald: <1F, 1F of 2F. De volgende onderdelen komen aan bod:
In groep 7 worden de rekentoetsen afgenomen die aansluiten bij het Referentiekader rekenen. Deze toetsen geven inzicht in het behaalde referentieniveau van jouw kind, wat helpt te bepalen welke ‘rekenskills’ hij of zij heeft ontwikkeld.
In de rekentoetsen maken leerlingen zowel contextvragen als kale sommen. Contextvragen ook wel verhaaltjessommen genoemd testen hoe goed leerlingen rekenen kunnen toepassen in alledaagse situaties, terwijl kale sommen puur de rekenvaardigheid meten zonder extra context. Samen geven deze verschillende soorten vragen een volledig beeld van de rekenvaardigheid van je kind. De toetsen bevatten de volgende onderdelen:
De uitslag van de toets geeft aan op welk niveau je kind bepaalde vaardigheden beheerst. Dit wordt vaak weergegeven met een schaal die laat zien of je kind zich ontwikkelt volgens de verwachting. Het is belangrijk om te onthouden dat ook een IEP toets slechts een momentopname is. Kinderen groeien allemaal op hun eigen tempo.
In groep 7 neemt de leerkracht de uitslag vaak mee als onderdeel van het opstellen van het pre-advies. Ook wordt er vaak in groep 8 gekeken naar de uitslagen van de toetsen in groep 7. Hangt hier dan alles van af? Nee, zeker niet! Er spelen veel meer factoren mee bij het opstellen van een advies. Lees hier meer over in mijn blog over het pre-advies in groep 7.
Bij IEP worden kinderen niet met elkaar vergeleken. IEP beweert ontwikkelgericht te volgen en niet prestatiegericht. Dat wil zeggen dat er dus gekeken wordt naar de groei die een kind doormaakt. Een lage score kan namelijk als je de toets analyseert soms best een hele grote persoonlijke groei van een kind zijn geweest.
Referentieniveaus geven aan welk niveau een leerling heeft bereikt in taal en rekenen. Ze helpen scholen te bepalen of een leerling klaar is voor het voortgezet onderwijs en waar extra ondersteuning nodig is. De belangrijkste niveaus zijn:
Vanaf groep 6 worden referentieniveaus gemeten bij de IEP-toetsen. In groep 3 begint men al met het werken naar het 1F-niveau, en bijna alle leerlingen behalen dit niveau aan het einde van de basisschoolperiode.
Naast hoofd (taal en rekenen), biedt het IEP LVS inzicht in de sociaal-emotionele ontwikkeling, de leeraanpak en het creatief vermogen van kinderen – ook in groep 7:
Deze profielen geven niet alleen een goed overzicht van de sterke persoonlijkheidskenmerken van je kind, maar bieden ook praktische handvatten voor verdere groei. Als leerkracht en gedragsspecialist ben ik blij dat er bij IEP ook aandacht is voor deze aspecten. Het betrekken van kinderen bij dit proces, door hen zelf te laten reflecteren op hun profiel, geeft hen bovendien een gevoel van eigenaarschap over hun eigen ontwikkeling. Dit maakt het leerproces maar ook het gesprek over ‘gedrag’ persoonlijker en gerichter.
Soms maken ouders en kinderen zich zorgen over toetsen, met name met het zicht op het voortgezet onderwijs en het ‘schooladvies’ in groep 8 ligt er sneller een gevoel van druk op de toetsen in groep 7. Dat is begrijpelijk, maar niet nodig. Toetsen zijn er om te leren en te groeien. Blijf in gesprek met je kind en laat merken dat je trots bent op inzet, niet alleen op cijfers.
Wil je je kind helpen? Zorg dan vooral voor ontspanning:
Oefenen voor de toets is in principe niet nodig, omdat de toets bedoeld is om objectief te meten wat je kind kan. De IEP-toetsresultaten in groep 7 zijn bedoeld als tussentijdse peiling van de ontwikkeling. De uitslagen laten zien op welk referentieniveau je kind functioneert. Wel kan het helpen om vertrouwd te raken met de vraagstelling, omdat LVS-toetsen anders geformuleerd zijn dan methodetoetsen.
In de les of thuis oefenen met de belangrijkste lesstof van dat leerjaar, kan wel zinvol zijn. Daarnaast kan je kind met het vak “toetsen oefenen” alvast kennis maken met de vraagstelling van IEP. De quizzen bieden extra oefening of dagen juist uit en zorgen voor meer inzicht.
De overgang van groep 6 naar groep 7 is een belangrijke fase in de ontwikkeling van je kind. In deze groep wordt de lesstof merkbaar moeilijker: nieuwe onderwerpen volgen elkaar snel op en er wordt steeds meer zelfstandigheid gevraagd. De analyse van de toets kan duidelijk maken welke onderdelen je kind eventueel extra ondersteuning nodig heeft.
Wat ik als leerkracht regelmatig merkte, is dat sommige leerlingen: met name degenen die richting een praktische leerroute zoals VMBO-BB vaker tegen de grenzen van hun leervermogen aanlopen. Dit is absoluut geen tekortkoming, maar een signaal dat de aangeboden lesstof soms minder goed aansluit bij hun praktische manier van leren. Dat kan bij kinderen zorgen voor onzekerheid, zeker in een klas waar de verschillen in tempo en niveau zichtbaarder worden én kinderen in de pre-puberfase komen (hallo onzekerheid!). Juist daarom is het belangrijk om ontwikkeling breed te blijven bekijken en oog te houden voor de unieke talenten van ieder kind.
Elk kind heeft zijn eigen tempo en talenten. De IEP-toets helpt scholen en ouders om inzicht te krijgen in de ontwikkeling van een kind, zodat ze passende hulp kunnen bieden. Het allerbelangrijkste is dat je kind zich veilig en gemotiveerd voelt om te leren.
Blijf als ouder vooral ondersteunen zonder te sturen op prestaties. Want of je kind nu uitblinkt in taal, rekenen of creativiteit: het is de persoonlijke groei die telt!
Deze blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel – Juf Shelby | Bachelor of Education PABO | Master SEN (MSEN) | Intern begeleider en gedragsspecialist in het basisonderwijs.
Geraadpleegde bronnen:
Bureau ICE. (z.d.). IEP Hart en Handen: Sociaal-emotionele ontwikkeling en leeraanpak in beeld. Geraadpleegd op 10 april 2025, van https://www.toets.nl/iep-hartenhanden/
Bureau ICE. (z.d.). Webinar: Het IEP LVS in 30 minuten [Webinar]. Geraadpleegd op 10 april 2025, van https://www.toets.nl/iep-lvs/
Ouderavond IEP toetsen (ouderbijeenkomst basisschool, bijgewoond oktober 2024)
SLO. (2010). Referentiekader taal en rekenen: Referentieniveaus voor taal en rekenen. Stichting Leerplanontwikkeling. https://www.slo.nl/publish/pages/5901/referentiekader_taal_en_rekenen_referentieniveaus.pdf
Scholen dienen jaarlijks de ontwikkeling van kinderen te volgen en kiezen daar zelf een leerlingvolgsysteem (LVS) voor. IEP is een LVS dat steeds populairder wordt. In deze blog leg ik je alles uit over de IEP toetsen in groep 6. Wat houdt de toets in? Wat wordt er precies getoetst in groep 6? En wat zegt de uitslag van de toets? En natuurlijk het allerbelangrijkste: toetsen zijn er om de ontwikkeling van je kind te volgen, niet om druk op hen te leggen!
IEP staat voor ‘Inzicht Eigen Profiel’ en is een toets die scholen gebruiken om de ontwikkeling van kinderen te volgen. De IEP-toets meet hoe goed een leerling bepaalde vaardigheden beheerst, zoals taal en rekenen. Maar IEP kijkt niet alleen naar ‘hoofd‘, maar ook naar ‘hart en handen‘. Ze werken vanuit de SLO doelen.
De IEP-hoofd-toets in groep 6 richt zich vooral op:
Het doel is niet om kinderen te beoordelen, maar om inzicht te krijgen in hun ontwikkeling. De leerkrachten gebruiken de resultaten om hun onderwijs verder te verbeteren en om te kijken waar extra ondersteuning nodig is. Naast taal en rekenen zijn er ook IEP toetsen voor inzicht in sociaal-emotionele ontwikkeling, leeraanpak en creatief vermogen. Zo krijg je een compleet beeld van een leerling. Dit onderdeel noemt IEP Hart en Handen:
In groep 6 worden de IEP-taaltoetsen afgenomen, deze zijn ontworpen om de taalontwikkeling van leerlingen te meten. Deze toetsen sluiten aan bij het Referentiekader Nederlandse taal, wat betekent dat de uitslag aangeeft welk referentieniveau een leerling heeft behaald: <1F, 1F of 2F. De volgende onderdelen komen aan bod:
In groep 6 worden de rekentoetsen afgenomen die aansluiten bij het Referentiekader rekenen. Deze toetsen geven inzicht in het behaalde referentieniveau van jouw kind, wat helpt te bepalen welke ‘rekenskills’ hij of zij heeft ontwikkeld.
In de rekentoetsen maken leerlingen zowel contextvragen als kale sommen. Contextvragen ook wel verhaaltjessommen genoemd testen hoe goed leerlingen rekenen kunnen toepassen in alledaagse situaties, terwijl kale sommen puur de rekenvaardigheid meten zonder extra context. Samen geven deze verschillende soorten vragen een volledig beeld van de rekenvaardigheid van je kind. De toetsen bevatten de volgende onderdelen:
De uitslag van de toets geeft aan op welk niveau je kind bepaalde vaardigheden beheerst. Dit wordt vaak weergegeven met een schaal die laat zien of je kind zich ontwikkelt volgens de verwachtingen. Het is belangrijk om te onthouden dat ook een IEP toets slechts een momentopname is. Kinderen groeien allemaal op hun eigen tempo.
Bij IEP worden kinderen niet met elkaar vergeleken. IEP beweert ontwikkelgericht te volgen en niet prestatiegericht. Dat wil zeggen dat er dus gekeken wordt naar de groei die een kind doormaakt. Een lage score kan namelijk als je de toets analyseert soms best een hele grote persoonlijke groei van een kind zijn geweest.
Referentieniveaus geven aan welk niveau een leerling heeft bereikt in taal en rekenen. Ze helpen scholen te bepalen of een leerling klaar is voor het voortgezet onderwijs en waar extra ondersteuning nodig is. De belangrijkste niveaus zijn:
Vanaf groep 6 worden referentieniveaus gemeten bij de IEP-toetsen. In groep 3 begint men al met het werken naar het 1F-niveau, en bijna alle leerlingen behalen dit niveau aan het einde van de basisschoolperiode.
Het IEP Leerling Volgsysteem (LVS) biedt naast de hoofdtoetsen ook aanvullende hulpmiddelen die inzicht geven in de sociaal-emotionele ontwikkeling, leeraanpak en creatief vermogen van je kind.
Deze profielen geven niet alleen een goed overzicht van de sterke persoonlijkheidskenmerken van je kind, maar bieden ook praktische handvatten voor verdere groei. Als leerkracht en gedragsspecialist ben ik blij dat er bij IEP ook aandacht is voor deze aspecten. Het betrekken van kinderen bij dit proces, door hen zelf te laten reflecteren op hun profiel, geeft hen bovendien een gevoel van eigenaarschap over hun eigen ontwikkeling. Dit maakt het leerproces maar ook het gesprek over ‘gedrag’ persoonlijker en gerichter.
Soms maken ouders en kinderen zich zorgen over toetsen. Dat is begrijpelijk, maar niet nodig. Toetsen zijn er om te leren en te groeien.
Wil je je kind helpen? Zorg dan vooral voor ontspanning:
Oefenen voor de toets is in principe niet nodig, omdat de toets bedoeld is om objectief te meten wat je kind kan. Wel kan het helpen om vertrouwd te raken met de vraagstelling, omdat LVS-toetsen anders geformuleerd zijn dan methodetoetsen. In de les of thuis oefenen met de belangrijkste lesstof van dat leerjaar, kan wel zinvol zijn.
Elk kind heeft zijn eigen tempo en talenten. De IEP-toets helpt scholen en ouders om inzicht te krijgen in de ontwikkeling van een kind, zodat ze passende begeleiding kunnen bieden. Het allerbelangrijkste is dat je kind zich veilig en gemotiveerd voelt om te leren.
Dus, als de IEP-toets eraan komt: adem in, adem uit… en weet dat jouw kind op zijn eigen manier groeit en leert. En dat is precies zoals het zou moeten zijn!
Deze blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel – Juf Shelby | Bachelor of Education PABO | Master SEN (MSEN) | Intern begeleider en gedragsspecialist in het basisonderwijs.
Geraadpleegde bronnen:
Bureau ICE. (z.d.). IEP Hart en Handen: Sociaal-emotionele ontwikkeling en leeraanpak in beeld. Geraadpleegd op 10 april 2025, van https://www.toets.nl/iep-hartenhanden/
Bureau ICE. (z.d.). Webinar: Het IEP LVS in 30 minuten [Webinar]. Geraadpleegd op 10 april 2025, van https://www.toets.nl/iep-lvs/
Ouderavond IEP toetsen (ouderbijeenkomst basisschool, bijgewoond oktober 2024)
SLO. (2010). Referentiekader taal en rekenen: Referentieniveaus voor taal en rekenen. Stichting Leerplanontwikkeling. https://www.slo.nl/publish/pages/5901/referentiekader_taal_en_rekenen_referentieniveaus.pdf
Het voorlopige advies of ook wel pre-advies genoemd in groep 7 is een belangrijk moment in de schoolcarrière van je kind. Dit advies geeft een eerste inschatting van het niveau van voortgezet onderwijs dat bij je kind zou passen. Maar hoe komt dit pre-advies tot stand? Wat kun je verwachten? En wat als je het er niet mee eens bent? In deze blog leg ik je alles uit.
Het pre-advies is een voorlopige inschatting die de leerkracht in groep 7 (of soms begin groep 8) geeft over welk type voortgezet onderwijs het beste aansluit bij de capaciteiten en ontwikkeling van je kind. Het wordt soms ook wel het ‘voorlopig advies‘ genoemd. Dit advies is nog niet definitief, maar geeft een eerste richting aan. In groep 8 wordt het definitieve schooladvies pas vastgesteld. Vaak stelt de leerkracht het voorlopig advies niet alleen op, meestal gebeurt dit samen met de Intern begeleider of bouwcoördinator.
Mijn ervaring als Intern Begeleider is dat in groep 7 het pre-advies vaak als eerste richting gegeven wordt en dat dit voorlopige advies regelmatig in groep 8 naar boven bijgesteld wordt omdat kinderen nog veel ontwikkelen en soms enorme sprongen maken in het laatste schooljaar.
Leerkrachten baseren het pre-advies op verschillende factoren:
Het kan gebeuren dat je als ouder een hoger advies had verwacht. Dit kan teleurstellend zijn, maar het is goed om te beseffen dat het pre-advies slechts een voorlopige inschatting is. Sommige leerkrachten zijn ook nog ‘voorzichtig’ in het te hoog inschatten in groep 7.
Dit kun je doen als je het er niet mee eens bent:
Wil je meer weten over de onderbouwing van het schooladvies of heb je vragen? Bespreek het met de leerkracht of de intern begeleider op school.
Het is belangrijk dat je kind begrijpt wat het pre-advies betekent en dat het niet voelt als een vaststaand oordeel. Bespreek samen hoe het advies tot stand is gekomen en leg uit dat er nog ruimte is voor groei. Vraag je kind hoe het zich voelt over school en wat het zelf denkt over het advies. Dit helpt om eventuele zorgen of onzekerheden te bespreken. Betrek je kind ook bij het stellen van doelen: wat zou het willen verbeteren en hoe kan het daar samen met jou en de leerkracht aan werken? Zo krijgt je kind meer grip op zijn of haar eigen leerproces.
Sommige kinderen kunnen meer dan ze laten zien, maar zijn onvoldoende gemotiveerd op school. Dit kan verschillende oorzaken hebben, zoals verveling, een gebrek aan uitdaging of weinig interesse in de lesstof. Als ouder kun je helpen door samen te ontdekken wat je kind nodig heeft om gemotiveerd te blijven of weer gemotiveerd te raken. Bespreek met de leerkracht hoe je kind zich in de klas laat zien en of er mogelijkheden zijn voor extra uitdaging, zoals verdiepende opdrachten of plusklasactiviteiten.
Daarnaast kan het helpen om samen middelbare scholen te bezoeken en te oriënteren op verschillende schooltypen. Soms werkt een nieuwe omgeving of een andere onderwijsvorm, zoals tweetalig onderwijs of een technasium, motiverend. Door samen te kijken naar de toekomst en je kind actief te betrekken bij de keuzes, kan de motivatie groeien.
Sommige kinderen bloeien pas later op en ontwikkelen zich sterker in het voortgezet onderwijs. Op veel middelbare scholen is er de mogelijkheid om op te stromen naar een hoger niveau als blijkt dat een kind toch meer aankan. Dit is vaak een betere route dan een kind te hoog plaatsen en vervolgens te laten afstromen.
Afstromen kan het zelfvertrouwen van een kind flink aantasten. Een kind kan het gevoel krijgen dat het gefaald heeft, terwijl het simpelweg op een te hoog niveau is gestart. Dit kan leiden tot minder motivatie en een negatief zelfbeeld. Daarnaast kan afstromen betekenen dat een kind opnieuw moet wennen aan een nieuwe klas en nieuwe docenten, wat sociale onzekerheid met zich mee kan brengen. Een sterke basis en een positieve leerervaring zijn uiteindelijk belangrijker dan meteen op het hoogste niveau beginnen, zeker in de toch al zo lastige puberfase 😉
Rondom het pre-advies in groep 7 is het een goed moment om je alvast te oriënteren op het voortgezet onderwijs. Middelbare scholen organiseren open dagen, proeflessen en informatiemomenten waar je ook al in groep 7 samen met je kind een kijkje kunt nemen. Dit helpt niet alleen bij het krijgen van een goed beeld van de verschillende schooltypen, maar kan ook motiverend werken voor je kind. Vooral als je kind op dit moment niet zo gemotiveerd is op de basisschool kan oriëntatie helpend zijn. Door scholen te bezoeken, krijgt je kind een beter idee van wat het kan verwachten en waar het zich prettig zou voelen.
Het pre-advies in groep 7 is een belangrijk moment, maar niet het eindstation. Zie het als een tussenstap en een kans om te kijken waar je kind nu staat. Blijf in gesprek met de school en moedig je kind aan om het beste uit zichzelf te halen.
Niet elk kind haalt een hoog schooladvies en dat is helemaal prima. Wat het belangrijkste is, is dat je kind terechtkomt op een plek waar het zich fijn voelt en waar het onderwijs past bij zijn of haar leerstijl en tempo en interesse. Een kind dat op het juiste niveau zit, heeft meer kans op succes, zelfvertrouwen en plezier in leren. Bovendien zijn er in het voortgezet onderwijs altijd mogelijkheden om door te groeien. Hoe het definitieve schooladvies er ook uitziet, het belangrijkste is dat je kind op een schooltype komt waar het zich prettig voelt en zich optimaal kan ontwikkelen!
Deze blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel – Juf Shelby | Bachelor of Education PABO | Master SEN (MSEN) intern begeleider en gedragsspecialist in het basisonderwijs.
Schermtijd is voor veel ouders een uitdaging. Enerzijds biedt de online wereld kinderen veel leerzaams, anderzijds brengt het ook content met zich mee die je liever niet wilt dat ze zien. In deze blog deel ik hoe ik omga met schermtijd voor mijn kinderen en geef ik praktische inzichten om je bewust te maken van wat ze aan prikkels te verwerken krijgen.
Toen mijn kinderen nog geen vier waren, had ik als ouder volledige controle over wat ze keken en hoe lang. Nu ze ouder worden, maken ze zelf keuzes en klikken ze zelfstandig op video’s. Dit betekent dat ze soms beelden te zien krijgen die ik liever vermijd. Hoe houd je hier grip op?
Wauw ik dacht het gevonden te hebben, Youtube Kids! Je kunt een profiel op leeftijd instellen en mijn kleuter zou alleen filmpjes krijgen voor 4-6 jarigen, zonder reclame. Perfect dacht ik! Maar toen ik meekeek, zag ik dat mijn kleuter Chinese kinderliedjes en Poolse family-vloggers te zien kreeg. Niet per se schadelijk, maar ook niet wat ik voor ogen had. Bovendien ben ik geen fan van family-vloggers waarin kinderen overladen worden met speelgoed en perfecte uitjes beleven (hallo ‘nep wereld’ waarin alles perfect lijkt).
Gelukkig kun je een YouTube Kids-account zo instellen dat je als ouder video’s of hele kanalen handmatig goedkeurt. Het kost even tijd om in te stellen, maar zo bepaal je zelf welke content je kind ziet. Bijvoorbeeld rondom thema’s als Sinterklaas zorg ik ervoor dat relevante video’s vaker getoond worden.
Ik ben er van overtuigt dat de dingen die we vaak zien uiteindelijk onze mentale waarheid worden, en met name opgroeiende kinderen hebben nog niet het besef om werkelijkheid van fantasie te onderscheiden. Vroeger bood de tv duidelijke kinderprogramma’s met een kijkwijzer, terwijl het huidige online aanbod eindeloos en zonder controle is. Bij ‘Tiktak’ hoefde je je geen zorgen te maken of het té overprikkelend was 😉
De online wereld is veel groter en met veel minder controle gemaakt. Ik ben bewust gaan zoeken naar de inhoud en boodschap achter kinderprogramma’s en kwam schokkende verhalen tegen. Sommige populaire kinderprogramma’s zijn zelfs ontworpen om kinderen aan het scherm te kluisteren. Zo las ik over Cocomelon, een serie die bewust extra prikkels zoals snelle overgangen, herhalende muziek en felle kleuren toevoegt om de aandacht van kinderen zo lang mogelijk vast te houden. Wat kan leiden tot een vorm van verslaving aan het scherm.
De makers testen dit door kinderen naar twee schermen tegelijk te laten bekijken:
1. Een aflevering van Cocomelon.
2. Een rustig fragment.
Als een kind wegkijkt naar het rustige fragment, voegen ze in de volgende scène nóg meer prikkels toe. Het resultaat?
– Kinderen kunnen niet meer wegkijken, zelfs als ze willen.
– Kinderen raken overprikkeld.
– Ze worden afhankelijk van steeds meer prikkels om zich prettig te voelen.
Geen wonder dat kinderen na schermtijd driftbuien hebben of overprikkeld raken! Sinds ik dit weet, let ik bewuster op de inhoud en het prikkelgehalte van video’s. En ik kies liever voor series met een positieve boodschap, zoals:
Daarnaast let ik ook op de vele effecten van een filmpje: licht, geluid, flitsen, snel wisselende beelden. Krijgt je kind er veel prikkels van te verwerken? Amerikaanse kinderontwikkelingsdeskundige Jerrica Sannes heeft veel geschreven over dit onderwerp. Volgens haar zijn veel filmpjes verslavend en slecht voor het brein van jonge kinderen. Volgens Sannes maakt het brein dopamine aan tijdens schermtijd. Hoe meer prikkels, hoe sterker het effect, waardoor kinderen steeds moeilijker rust vinden.
“Hoe meer ze naar zulke series kijken, hoe meer de hersenen verlangen naar dezelfde hoeveelheid intense prikkels. Creatief spelen zonder entertainment wordt daardoor onmogelijk”. (Jerrica Sannes)
Een mooie tip die ik kreeg bij een cursus van Bureau Halt over pubers en schermtijd: kijk als ouder al op jonge leeftijd bewust mee mét interesse! Door al vanaf jonge leeftijd mee te kijken en samen te praten over wat je kind leuk of spannend vindt, wordt het normaal om online content te bespreken. Dit helpt ook later bij pubers om het gesprek open te houden over wat ze online doen en zien. Vraag dus niet alleen ‘hoe was je dag?’ Maar ook: hoe was je dag ‘online’?
Blauw licht van schermen vermindert de aanmaak van Melatonine, waardoor kinderen moeilijker in slaap vallen. Natuurlijk kun je schermtijd voor het slapengaan beperken, maar soms is een filmpje in de avond gewoon even fijn. Wat helpt, is de scherminstellingen aanpassen, zodat het licht automatisch donkerder en geler wordt na een bepaalde tijd.
Wil je dat je kind online speelt en leert zonder reclame of ongewenste content? Squla biedt een veilige en educatieve omgeving waarin kinderen spelenderwijs hun vaardigheden ontwikkelen. Met interactieve oefeningen en leerzame spellen kunnen ze rekenen, taal en andere schoolvakken oefenen, terwijl jij als ouder met een gerust hart weet dat de content geschikt is. Een mooie manier om schermtijd op een verantwoorde manier in te zetten!
Eerlijk is eerlijk, ook ik bingewatch weleens urenlang Netflix, terwijl ik weet dat een boswandeling beter voelt. Persoonlijk vind ik dit een van de grootste uitdagingen in het ouderschap, en mijn kinderen zijn nog jong. Ik merk nu al hoe verleidelijk schermen zijn, zowel voor hen als voor mij. Soms is een filmpje een uitkomst, en dat is helemaal prima. Uiteindelijk draait het om bewust kiezen en de juiste balans vinden.
Deze blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel – Juf Shelby | Bachelor of Education PABO | Master SEN (MSEN) intern begeleider en gedragsspecialist in het basisonderwijs.
Geraadpleegde bronnen:
Sannes, J. (2023, 25 september). Amerikaanse expert waarschuwt voor bekende peuterseries: “Het is verslavend”. Kek Mama. https://www.kekmama.nl/artikel/kind/amerikaanse-expert-waarschuwt-voor-bekende-peuterseries-het-verslavend.
Rappé, M. (2024, 20 december). Zijn kinderseries zoals ‘CoComelon’ schadelijk? “Het is van alles te veel”, zegt ontwikkelingspsycholoog. VRT NWS. https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2024/12/20/kinderen-series-televisie-cocomelon-youtube/