Samen thuis: geef elkaar de ruimte!

Suzanne Mooi

Daar zitten jullie dan al een hele tijd: noodgedwongen fulltime samen thuis….Al je rollen lopen dwars door elkaar heen, waardoor niets meer op rolletjes lijkt te lopen. Je was stapelt zich op, je vraagt je af of de kinderen wel bijblijven met hun schoolwerk en dan nog niet gesproken over die eindeloze stroom aan werktelefoontjes. Je verlangt naar structuur en rust voor iedereen. Het lijkt een onmogelijke opgave om van dit noodgedwongen samenzijn het beste te maken en toch…….er is HOOP! Lees verder voor tips en ondersteuning in deze roerige tijden.

Samen thuis = stoom uit je oren

Je leeft op elkaars lip en je leeft vaak met zeer diverse karakters samen binnen 1 gezin. Dat is in het ‘normale’ leven al best wel eens een uitdaging, maar nu fulltime samen thuis kan het nóg interessanter worden 😉. Dit zorgt zo nu en dan voor wrijving, dat is niet te voorkomen. Iedereen heeft, in zekere mate, spanning in zijn lijf en deze moet er een keer uit. Laat het gewoon gebeuren, het is nu eenmaal het gevolg van de situatie waar we inzitten. Het belangrijkste hierbij is dat je blijft communiceren met elkaar en begrip blijft tonen voor iedereen zijn gevoel.

TIPS:

  • Iedereen heeft zijn eigen manier om om te gaan met frustraties. Voor het ene gezinslid is dit het beoefenen van een sport. Voor het andere gezinslid is dit het luisteren van muziek en de ander vindt het weer fijn om de rust op te zoeken van een creatief werkstuk om zichzelf weer te herpakken. Laat iedereen in zijn waarde en respecteer hoe iedereen op zijn eigen manier zijn emoties verwerkt. Het kan soms fijn zijn om na een ruzie juist samen even te bewegen of te dansen op muziek in de woonkamer. Zo kun je samen ontladen en de ruzie of opgekropte frustraties op een positieve manier afsluiten of ombuigen.
  • Creatief en sportief project: maak samen een eigen bokszak en hang deze op in je huis of tuin. Bestempel de plek rondom de bokszak als een plek om even ‘stoom af te blazen’. Spreek samen af dat er maar 1 iemand tegelijk op deze plek mag zijn. Je kunt de bokszak maken van een stevige jutezak, een oude verpakking van cement of mest of van een stukje meubelstof dat je met dubbele naden aan elkaar stikt. Vul het onderste deel van de bokszak met zand en vul daarna op met oude vodden, stukjes textiel, schuim of rubber. Knoop de zak dicht en hang deze op. En knallen maar!
  • Print Squla’s emotie-meter uit en plak deze ergens centraal op de muur met washi-tape. Lees hier nog eens na hoe je samen een boze donder-wolk bij je kind kunt verdrijven.

Vijftien minuten voor jezelf

Aan het einde van de dag, na een lange reeks activiteiten, ga je dan eindelijk even zitten op de bank. Nog steeds maakt je hoofd overuren; heb ik alles gedaan wat ik moest doen? is iedereen ok? hoe staat het er voor in de wereld op dit moment, wat is het nieuws? En voor je het weet zit je weer in een telefoongesprek met je moeder en daarna aan een potje Monopoly met je jongste. Onthoud dat als de luchtdruk wegvalt in een vliegtuig dat je ook eerst je eigen zuurstofmasker op moet zetten en daarna pas dat van je kinderen….. Ook jij hebt in spannende tijden tijd nodig om op te laden. Zorg goed voor jezelf!

TIP:

Neem vijftien minuten per dag voor jezelf. Het lijkt weinig, maar het voelt als een wereld van verschil. Probeer het maar eens uit! Ga mediteren, een tijdschrift lezen met je koptelefoon op, neem een voetenbad of los een puzzel op in de krant. Hou het vooral simpel. Gewoon je ogen dichtdoen is ook heerlijk en erg effectief!

Die pauze is natuurlijk voor de rest van je gezin nét zo belangrijk als voor jou, dus bespreek samen goed wie wanneer pauze heeft en waar en hoe iedereen die doorbrengt. Probeer elkaar niet te storen en dit korte moment van rust te respecteren.

In elkaars vaarwater

Jullie huis lijkt na al die dagen rommeliger dan ooit. Jullie beginnen je soms te irriteren aan elkaars ‘troep’. Slechte gewoontes worden uitvergroot als je zo dicht op elkaar leeft. Jullie houden van elkaar en hebben allemaal de intentie om in liefde en vrede door deze moeilijke periode te komen. En toch? Waarom praat je partner zo hard en veel als hij belt met zijn collega’s, waarom dropt je zoon zijn kleding net vóór de wasmand en niet erin en waarom ‘steelt’ je dochter telkens al je pennen uit je werktas? Probeer irritaties te voorkomen door bewust niet telkens in elkaars ‘zone’ te lopen. Vooral overdag, als school en werk top of mind zijn, is een eigen plekje in rust ontzettend belangrijk. Het hangt natuurlijk af van je woonsituatie in hoeverre je echt feitelijk een eigen ruimte op kunt zoeken voor meer rust en privacy, maar je kunt altijd je creativiteit gebruiken.

TIPS:

  • Maak een extra bureau van een paar klus-schragen uit de schuur en een stukje resthout van een oud-klusproject, zodat je werk/schoolspullen in ieder geval op een vaste plek liggen. Een diepe vensterbank is ook een goed alternatief! Een eigen werkplek, van welk formaat dan ook, zorgt voor structuur en rust in je hoofd.
  • Heb je nog een klein tentje liggen op zolder? Zet deze op voor je kinderen, desnoods in een hoek in de woonkamer. Spreek af dat dit de plek is waar ze zich even terug kunnen trekken en ‘rust’ kunnen ervaren in de drukte.
  • Spreek dagelijks/wekelijks een gezamenlijk opruim-uurtje af. Iedereen ruimt zijn eigen spullen op die door het huis verspreid liggen. Als er al iemand eerder klaar is, dan helpt hij de rest. Vele handen maken licht werk. Voor kinderen die competitief zijn ingesteld kun je werken met een stopwatch en vooraf afspreken welke tijd hij denkt te kunnen gaan behalen. Een nieuw persoonlijk record moet natuurlijk absoluut beloond worden met zelfgebakken cupcakes!

Probeer ondanks alle kleine huiselijke frustraties en irritaties dankbaar te zijn voor jullie gezondheid en jullie liefde voor elkaar. Sta, bijvoorbeeld voor het avondeten, elke dag even kort stil bij alle mensen die het moeilijk hebben en/of eenzaam zijn. Count your blessings en houd de moed erin samen!

Hoe leg je het Coronavirus uit aan kinderen?

Juf Shelby

Het Coronavirus houdt ons allemaal bezig. We praten er iedere dag over. Maar ook in het hoofdje van jouw kind gaan veel vragen, zorgen en onduidelijkheden om. In dit blog lees je hoe je uitleg kunt geven en kunt relativeren door met je kind over het Coronavirus te praten. En leg ik je 2 leuke proefjes uit om de verspreiding van ziekteverwekkers zichtbaar te maken voor kinderen.

Luisteren en vragen stellen

Probeer na te gaan wat je kind al weet over het Coronavirus door open vragen te stellen. Kinderen lezen veel op social media of hebben ook dingen gehoord via leeftijdsgenootjes die niet altijd ‘kloppend’ zijn. Daarnaast kunnen kinderen ook niet goed beoordelen of iets ‘fake nieuws’ is. Vraag bijvoorbeeld:

  • Wat heb je van andere kinderen gehoord?
  • Wat heb je via school gehoord?
  • Wat heb je erover gelezen?

Ieder kind gaat hier op zijn eigen manier mee om, probeer actief te luisteren en geef aan dat je altijd open staat voor vragen, ongeacht hoeveel vragen hij/zij heeft. Vaak hebben kinderen hele praktische vragen zoals: mag ik naar mijn vriendje/vriendinnetje toe? Kan papa of mama ziek worden? Jonge kinderen maken zich in eerste instantie vooral zorgen om hun eigen gezondheid of die van papa of mama.

Geen één vraag is gek en probeer een eerlijk antwoord te geven. Ook is het heel logisch dat je kind ook vooral geruststelling nodig heeft. Sommige nieuwsberichten en beelden kunnen best beangstigend zijn. Door duidelijkheid te geven over wat het virus precies is, kan dit geruststelling geven bij je kind.

Het Coronavirus in kindertaal

Vooral voor jonge kinderen is het virus nog moeilijk te begrijpen. Ze hebben er hoe dan ook in de afgelopen weken veel over gehoord. En toch is er een grote kans dat er nog veel onbekend is voor je kind. Door er samen over te praten komen die vragen en onduidelijkheden vanzelf naar voren. Jij bent als ouder een ‘veilige haven’ in deze onrustige tijd. Door zelf over het virus te vertellen geef je duidelijkheid en dus geruststelling aan je kind. Vertaalt in kindertaal is het virus bijvoorbeeld als volgt uit te leggen:

Iedereen is wel eens verkouden of krijgt wel eens de griep. Dat komt door een virus. Een virus is een klein onzichtbaar iets wat tussen mensen reist. Sommige virussen zijn goed en doen mensen geen kwaad, andere virussen zijn slecht en maken mensen ziek. Griep is ook zo’n virus waar mensen ziek van worden. Maar waar ook veel mensen vanzelf weer beter van worden. (Weet je nog dat je zelf griep had?) Het Coronavirus is ook een griepvirus. Het is eigenlijk gewoon een nieuwe soort griep. Kinderen kunnen het Coronavirus wel krijgen, maar worden er meestal niet heel ziek van. Je krijgt bijvoorbeeld koorts en gaat hoesten en vaak gaat het vanzelf weer over.

Heel veel mensen praten nu over het Coronavirus omdat het een nieuw virus is. Het nieuwe Coronavirus kan voor sommige mensen wel gevaarlijk zijn. Vooral voor oudere mensen en mensen die al wat zieker zijn. Die mensen moeten dus extra voorzichtig zijn dat ze het virus niet krijgen.

Voor gewone griepvirussen die we al wel kennen hebben onderzoekers een vaccin gemaakt waardoor oudere of zieke mensen geen griepvirus meer kunnen krijgen. (net als dat jij wel eens prikjes hebt gehad om niet ziek te worden, dat was ook een vaccin voor een ziekte) Maar omdat het Coronavirus een nieuw virus is, is er nu nog geen vaccin voor. De onderzoekers zijn natuurlijk wel heel druk bezig om een vaccin en medicijnen voor het Coronavirus te maken. Doktoren kunnen in het ziekenhuis nog wel andere dingen doen om te helpen.

Een groot probleem van een virus is dat het van je lichaam naar het lichaam van iemand anders reist zonder dat je dat ziet of merkt. Via je handen, of door te niezen of te hoesten kun je het virus aan iemand anders doorgeven. Daarom moeten we heel voorzichtig zijn en er alles aan doen om onszelf en anderen te beschermen, zodat zo min mogelijk mensen ziek worden. We willen dat alle mensen goed opletten en zoveel mogelijk thuis blijven zodat het virus zich niet te snel verspreidt. Hierdoor hebben de dokters en de onderzoekers genoeg tijd om zieke mensen te helpen en medicijnen te maken. Het is belangrijk dat alle mensen hier goed op letten. Ook jij kan hier iets aan doen, want jij kan ook helpen:

  • Als je moet hoesten of niezen dan doe je dat in je elleboog.
  • We wassen onze handen vaker: altijd voor het eten of als we ergens binnenkomen of geweest zijn.
  • Als je verkouden bent gebruik je een papieren zakdoekje die je kunt weggooien.
  • De scholen zijn voorlopig dicht, zodat kinderen niet ziek worden en het virus door kunnen geven aan oudere of al zieke mensen.
  • We blijven zoveel mogelijk thuis zodat we andere mensen niet ziek maken. We kunnen het virus namelijk zonder dat we het merken doorgeven.

Een uitleg tekenen

Deze uitleg video van ‘Geef me de vijf’. Tekent op een duidelijke geruststellende wijze het Coronavirus voor kinderen. https://www.youtube.com/watch?v=vdejjO-PxzQ

Nieuws

Het gewone journaal is niet altijd geschikt voor kinderen. De beelden kunnen soms eng zijn. Door samen naar het nieuws te kijken kun je meteen de vragen van je kind beantwoorden. Of kijk naar het Jeugdjournaal, daar wordt weloverwogen nieuws op een heldere manier voor kinderen gepresenteerd. Soms is het nodig om het nieuws te relativeren, want de meeste mensen die het virus oplopen, herstellen weer. Het is belangrijk dat je kind zich dat ook realiseert.

Geruststellen en duidelijkheid

Al het ‘bekende’ voor je kind is nu ineens anders. Niet naar school, niet naar de sportclub of hobby, vaker binnen blijven en papa of mama die thuis werkt. Het kan zijn dat je zelf ook niet op alle vragen een antwoord weet, wees daar ook eerlijk in. Zeg dat je het antwoord niet weet, of dat je het misschien even moet opzoeken.

Er is geen wereld waarin ‘ziek zijn’ niet hoort, dus ga geen positiever verhaal verzinnen dan de werkelijkheid. Duidelijkheid kan je kind juist gerust stellen. Daarnaast het is ook helemaal niet erg om te zeggen dat jij je als ouder ook soms zorgen maakt. Voor kinderen is het fijn om te weten wat ze zelf kunnen doen. Geef dus ook uitleg over de hygiëne maatregelen.

Leuke proefjes doen

Om kinderen uit te leggen hoe virussen en bacteriën zich verspreiden zijn de volgende proefjes leuk om te doen. Ze leggen spelenderwijs uit waarom de hygiëne maatregelen zo belangrijk zijn.

Glitters verspreiden

Pak een beetje vloeibare zeep of gel, meng er een theelepel glitters door. Doe een beetje in je hand en een beetje in de hand van je kind. Raak een donker gekleurd oppervlak aan bijvoorbeeld een donker kastje of een theedoek en vraag of je kind de glitters ziet. Leg uit dat wanneer je in je handen niest en dingen aanraakt, dit kleine onzichtbare ziektekiemen achterlaat. Doe alsof de glitters de ‘ziektekiemen’ zijn die achterblijven op de dingen die ze aanraken. Hierdoor ziet je kind hoe gemakkelijk dit verspreid door alles wat je aanraakt.

Zeep en peper proefje

Het volgende experiment laat kinderen zien hoe handen wassen met zeep het virus van hun handen kan verwijderen. Je kunt hierbij uitleg geven dat de peper het virus is wat zich op hun handen verspreid. Laat ze zien hoe de gemalen peper van hun vinger weg beweegt zodra ze er wat zeep op doen. Dat is precies hoe het virus van je handen verdwijnt wanneer je je handen wast. Zeep is dus eigenlijk je beste vriend en je helper!

Bron: Oppassen.nl

Dit blog is geschreven door Shelby Vos-van Andel, leerkracht en intern begeleider bovenbouw in het basisonderwijs.

Staking: op 30 en 31 januari is het zover. Tips voor deze vrije dag!

Maike

Help! Een staking. Op donderdag 30 januari en vrijdag 31 januari staakt het hele onderwijs. Waarom staken de leraren? En hoe kun je omgaan met deze plotselinge, vrije dag van je kind? Wij geven je in deze blog uitleg én tips om van deze vrije dagen het beste te maken.

Landelijke staking

Op 30 en 31 januari organiseren de Algemene Onderwijsbond (AOb) en de FNV een onderwijsstaking. Alle vormen van onderwijs doen hieraan mee, van basisschool tot het voortgezet onderwijs. De kans is groot dat jouw kind die dagen dus niet naar school kan.

Waarom een staking?

Waarom staken de leraren en wat is het doel van de staking? De AOb wil duidelijk maken dat er een structureel investeringsplan nodig is voor het onderwijs. In 2020 hebben 55 duizend leerlingen in het basisonderwijs geen leraar voor de klas en dit aantal loopt, als er niets gebeurt, op naar bijna 240 duizend leerlingen in 2028. Ook middelbare scholen kampen met tekorten bij de exacte vakken, klassieke talen, Duits en Nederlands. De boodschap is helder: het kabinet moet structureel extra investeren in het onderwijs, voor de toekomst van onze kinderen en de generaties die volgen!

Leraren staan onder druk

Het AOb is er van overtuigd dat alleen met die structurele investering de dalende prestaties van leerlingen en de lerarentekorten tegengegaan kunnen worden. Want leraren staan in deze tijd onder grote druk. Niet alleen worden de groepen steeds groter, veel leraren durven zich niet ziek te melden vanwege het lerarentekort. Ook wordt er veel gewerkt met invallers, wat weer een negatief effect heeft op de continuïteit. Zonde, want het gaat allemaal ten koste van de kwaliteit van het onderwijs.

En goed onderwijs is belangrijk; het helpt leerlingen en studenten hun talenten te ontdekken en verder te ontwikkelen. Volgens het AOb moeten onderwijsuitgaven dan ook niet gezien worden als kostenpost, maar als investering. In onze toekomst, maar vooral… in die van onze kinderen. Het is belangrijk dat dit kabinet én de komende kabinetten structureel meer geld uittrekken voor onderwijs, zodat de kwaliteit van het Nederlandse onderwijs er niet onder lijdt.

Carrièreperspectief voor leraren en de loonkloof

Op dit moment is het niet aantrekkelijk om te kiezen voor een carrière in het onderwijs. Daarom pleit de AOb om de achterstanden in te lopen; de werkdruk moet omlaag en de salarissen omhoog. Op die manier wordt de aantrekkelijkheid van het beroep ‘Leraar’ vergroot en kunnen de tekorten worden opgelost. Op de website van het AOb lees je er meer over.

Wat vertel je je kind?

Misschien wil je kind graag weten waarom hij niet naar school gaat. Leg hem dan gerust uit dat leraren vinden dat er te weinig geld beschikbaar is om goed les te geven en dat ze op donderdag 30 en vrijdag 31 januari, met alle andere leraren van Nederland, gaan protesteren om te kijken of ze de situatie kunnen veranderen. Waarschijnlijk vertelt school hier zelf ook al wat over. Tip: Kijk ‘s avonds samen naar het Jeugdjournaal om te zien hoe de staking is verlopen. Misschien ziet je kind zijn juf of meester wel op tv!

Inspiratie voor de vrije dag

Zo’n staking is natuurlijk hartstikke goed. Maar misschien levert het jou ook de nodige stress op, omdat je geen vrije dag kunt regelen. Hoe vang je zo’n extra vrije dag op? We geven je graag wat inspiratie.

1. Gratis Squla spelen

Squla denkt graag met je mee en daarom zetten we Squla In De Klas op 30 en 31 januari de hele dag open: ‘Het Grootste Digitale Klaslokaal van Nederland!’ Alle kinderen kunnen de hele dag gratis Squla spelen en lekker aan de slag met onze spelletjes en quizzes. Om Squla In De Klas te kunnen spelen, moeten kinderen vanuit school de inloggegevens krijgen. Check dit dus even bij de leraar. Voor meer informatie én de leukste downloads: squla.nl/grootste-digitale-klaslokaal.

2. Opa en oma

Misschien hebben opa en/of oma zin om vandaag een extra dagje op pad te gaan met de kleinkinderen? Koop bijvoorbeeld entreekaartjes voor een leuk museum voor je ouders en je kinderen. Kun jij gewoon naar je werk, dank je wel opa en oma!

3. Speeldate

Alle kinderen hebben vrij op donderdag 30 en vrijdag 31 januari. Misschien kun je wat regelen met andere moeders en vriendjes van je kind? Samen spelen is natuurlijk net zo gezellig als op school!

4. Trek er op uit

Ben je vrij op donderdag of vrijdag of kun je een vrije dag opnemen? Zo’n extra vrije dag is een ideaal moment om een pretpark te bezoeken. Wat dacht je van de Efteling of een dagje Duinrell? Maar jullie kunnen natuurlijk ook gaan zwemmen, naar de bioscoop, het bos of strand, kinderboerderij, bibliotheek of kijk of er een leuke activiteit voor kinderen wordt georganiseerd bij jou in de buurt.

5. Extra tip:

Sommige opvanglocaties, BSO’s, sportverenigingen en bibliotheken organiseren leuke activiteiten voor kinderen op deze stakingsdagen. Informeer ernaar bij organisaties bij jou in de buurt.

We wensen alle leraren veel succes op deze stakingsdagen!

Baas Squla staat stoel af aan groep 8-ers

Inge

Squla is trotse deelnemer aan de zesde editie van JINC Baas van Morgen. Op 23 januari 2020 staat CEO Serge Bueters voor de derde keer zijn stoel af. Bilal en Ibrahim van basisschool Narcis-Querido uit Amsterdam mogen een nieuw product bedenken voor hun leeftijdsgenoten in groep 7 en 8. In totaal doen maar liefst 317 ‘bazen’ in Nederland mee aan het evenement.  

De jonge bazen staat de 23ste een spannende dag te wachten. Ze ervaren hoe het is om een bedrijf als Squla te leiden; van het voorzitten van de stand-up, tot het brainstormen over een nieuw product voor hun leeftijdsgenoten in groep 7 en 8. Voor Serge Bueters en de andere CEO’s is het een mooie kans om ideeën van de volgende generatie te leren kennen. Bueters: “De overgang van de basisschool naar de brugklas is voor veel kinderen een lastige. Om deze transitie beter te laten verlopen zijn wij aan het kijken hoe we kinderen in groep 7 en 8 kunnen voorbereiden op de middelbare school. Bilal en Ibrahim weten als geen ander wat belangrijk is voor deze groep. We hechten veel waarde aan hun mening, ze hebben echt iets te zeggen vandaag!”

Met Baas van Morgen willen Squla en JINC, een non-profitorganisatie die strijdt tegen kansenongelijkheid onder jongeren, de aandacht vestigen op het feit dat een succesvolle loopbaan niet voor iedereen is weggelegd. Want wie geboren wordt in een omgeving met veel armoede en weinig rolmodellen, heeft minder kans om het ver te schoppen dan leeftijdsgenootjes uit rijkere wijken. Hoe slim of talentvol hij verder ook is. 

Serge Bueters zegt hierover: “We geloven dat kinderen beter meekomen op school, door ze meer zelfvertrouwen en leerplezier te geven. Dit verdient elk kind. Daarom bieden we Squla gratis aan op scholen en zijn we erg blij dat we samen met JINC nu ook ons steentje kunnen bijdragen aan de kansen van jongeren uit wijken met sociaaleconomische achterstand.” De jonge bazen ontvangen vandaag ook een ‘Beloftekaartje’, waarmee Bueters en de andere CEO’s de belofte doen dat de kinderen later in hun carrière nog eens een beroep op ze mogen doen.

JINC Baas van Morgen wordt dit jaar voor de zesde keer gehouden. Er doen kinderen en bazen mee uit Amsterdam, Arnhem, Breda, Flevoland, Groningen, Haaglanden, Kennemerland, Leeuwarden, Leiden, Oost-Brabant, Rotterdam-Rijnmond, Tilburg, Utrecht, Zaanstad en Zuid-Limburg. 

—————————— EINDE PERSBERICHT ——————————

Noot voor de redactie:

Media zijn van harte welkom om langs te komen om verslag te doen van JINC Baas van Morgen bij Squla. Aanmelden kan via Inge Verberk. E-mail: inge.verberk@squla.com. Telefoon: 06-48793094. 

Over Squla

Squla wil dat alle kinderen met plezier naar school gaan zodat ze goed meekomen op school. Squla gelooft dat elk kind talent heeft. En we weten ook dat als kinderen met plezier leren en op hun eigen niveau, er grote stappen mogelijk zijn in leerresultaten. Oefenen met Squla geeft ze zelfvertrouwen en leerplezier. 

Squla wil dat alle kinderen met plezier naar school gaan zodat ze goed meekomen op school. Squla gelooft dat elk kind talent heeft. En we weten ook dat als kinderen met plezier leren en op hun eigen niveau, er grote stappen mogelijk zijn in leerresultaten. Oefenen met Squla geeft ze zelfvertrouwen en leerplezier. 

Squla is een aanvulling, bedoeld als hulpmiddel, om elk kind op zijn eigen niveau en in zijn eigen tempo te stimuleren. Doordat kinderen oefenen op hun eigen niveau, boeken ze snel vooruitgang. Samen met ouders en leerkrachten helpen we kinderen dagelijks om het beste uit zichzelf te halen. 

Op dit moment oefenen en spelen ruim 150.000 kinderen gemiddeld 90 minuten per week thuis op Squla. Squla biedt voor scholen een gratis login om ook tijdens schooltijd de les te verrijken met de online quizzen en games. Meer dan 600.000 basisschoolleerlingen maken hier op dit moment gebruik van. 

Over JINC  

Ieder kind heeft talent. Ook de honderdduizenden Nederlandse kinderen die opgroeien in een omgeving met veel werkloosheid en weinig rolmodellen. Daarom strijden we voor een maatschappij waarin je achtergrond niet je toekomst bepaalt. Een Nederland waarin ieder kind kansen krijgt.  

Om dat te bereiken, helpen we kinderen van 8 tot 16 jaar aan een goede start op de arbeidsmarkt. Via het JINC-programma maken ze kennis met allerlei beroepen, ontdekken ze welk werk bij hun talenten past en leren ze solliciteren. Zo krijgen dankzij JINC jaarlijks meer dan 47.000 basisschool- en vmbo-leerlingen de kans om te groeien.  

JINC werkt samen met het onderwijs en partners uit het bedrijfsleven. Hun financiële steun en expertise zijn onmisbaar. De partners krijgen er iets waardevols voor terug: de kans om een verschil te maken in het leven van kinderen én de kans om te investeren in hun bedrijf. Ze versterken hun binding met de maatschappij en bieden werknemers een inspirerende ervaring. 

Daarom zeggen we graag: iedereen groeit met JINC. 

Persbericht: januari toetsmaand. Hoe zorg je voor zo min mogelijk stress?

Inge

Komende weken maken veel kinderen van groep 3 tot en met 8 de Leerlingvolgsysteem-toets (LVS-toets) op de kernvakken rekenen en taal. Een spannend moment, dat voor stress kan zorgen. Voor kinderen én hun ouders. En dat is helemaal niet nodig, want het toetsmoment is niet het allerbelangrijkst: het gaat erom hoe je kind zich over langere tijd ontwikkelt. Hoe leid je je kind zo ontspannen mogelijk door deze periode heen?

Krijgt mijn kind genoeg uitdaging? Hoe goed is mijn dochter in rekenen? Kan mijn zoon het niveau in de klas wel aan? Veel ouders maken zich gedurende het schooljaar zorgen over hun kind. Uit onderzoek van Squla onder ruim 600 respondenten blijkt dat 33 procent van de ouders met kinderen in groep 7 en 8 zich bezighoudt met de vraag of hun kind wel voldoende studievaardigheden heeft, stressbestendig is en of hij/zij wel op niveau presteert.

Blokkadestress

Ook in lagere klassen zijn ouders bezorgd. Met name over de prestatiedruk, die de afgelopen jaren in het basisonderwijs is toegenomen. ‘Kinderen moeten op jonge leeftijd al te schools leren en te veel kunnen,’ concludeerde het programma De Monitor al in 2016 in De kleuter onder druk. De veeleisende lesmethodes en het grote aantal toetsmomenten op de basisschool zou volgens deze documentaire tot stress en gedragsproblematiek bij kinderen kunnen leiden.

Faalangstbegeleider Pia Crul herkent dat. ‘De prestatiedruk op scholen neemt alleen maar toe,’ vertelt zij. ‘Sommige kinderen hebben het gevoel pas “goed” te zijn als ze hoog scoren op hun toets. Ze worden afgerekend op een resultaat dat ze onder spanning hebben behaald. Terwijl: een toets is maar een momentopname. Het zegt niets over hoe een kind in elkaar zit. Het is goed als ouders zich daarvan bewust zijn.’

Crul schreef het praktijkboek Lefgasten en ontwikkelde een methode om kinderen van hun faalangst af te helpen. Ze merkt dat leerlingen vaak last hebben van ‘blokkadestress’: thuis en in de klas lukt het prima met de lesstof, maar zodra er een toets moet worden gemaakt, gaat het mis. Bij jonge kinderen uit stress zich meestal in fysieke klachten. Zij kunnen niet altijd aangeven dat ze spanning ervaren, omdat ze nog niet snappen wat er in hun hoofd gebeurt. ‘Vooral buikpijn en niet naar school willen zijn veel gehoorde symptomen van stress’ zegt Crul.

Vertrouwd met de vraagstelling

Om te zorgen dat hun kind de lesstof kan bijbenen, gaan veel ouders op zoek naar extra ondersteuning. Het aantal instituten dat hulp biedt bij de lesstof is het afgelopen decennium flink gegroeid. Uit het onderzoek van Squla blijkt dat zeker de helft van de kinderen uit groep 7 en 8 gebruikmaakt van extra leermiddelen, zoals huiswerkbegeleiding, bijles en educatieve boeken, websites en apps. Dat doen ze om hun rekenvaardigheden, begrijpend lezen en taal op te schroeven, maar ook om te oefenen voor de toetsen.

Toch raden veel scholen af om toetsen te oefenen. De uitslag wordt erdoor vertroebeld, waardoor leerkrachten geen goed beeld meer krijgen van de ontwikkeling van het kind en hoe hij ervoor staat. Wat wél kan helpen: oefenen met de vraagstelling, zodat je kind daar vertrouwd mee raakt. ‘Op de LVS-toetsen wordt er vaak meer context gebruikt in de vraagstelling dan in ‘gewone’ methodetoetsen,’ legt leerkracht Shelby Vos uit. ‘Sommige kinderen raken hiervan in paniek en maken de toets hierdoor minder goed dan ze zouden kunnen. Om je kind kennis te laten maken met de vraagstelling kunnen er voorbeeldvragen worden geoefend, bijvoorbeeld van Squla. Hierdoor krijgen ze meer zelfvertrouwen en worden ze niet verrast door de vraagstelling op het moment dat ze de toets maken.’

Volgens Crul is het daarnaast belangrijk dat ouders niet te veel nadruk leggen op de toets. Je kunt beter complimenten geven op het moment dat je kind de lesstof begrijpt en goed toepast. ‘De kans is dan groter dat je kind zich zeker voelt en tijdens het toetsmoment net zo ontspannen is als thuis, in plaats van dat hij dichtklapt.’ Het kan ook goed werken om complimenten te geven op het ‘doen’, in plaats van het ‘zijn’, zegt Crul. Zeg niet ‘Wat ben je toch slim’, maar: ‘Wat heb je dat goed gedaan.’ Crul: ‘Je kind kan niets veranderen aan wie hij is, maar wel op wat hij doet. Als je dat benadrukt, geeft dat je kind zelfvertrouwen.’

—————————— EINDE PERSBERICHT ——————————

Noot voor de redactie:

Over Squla
Squla is de afgelopen negen jaar uitgegroeid tot marktleider op het gebied van online lesprogramma’s. Op dit moment oefenen en spelen ruim 150.000 kinderen gemiddeld 90 minuten per week thuis op Squla. Squla biedt voor scholen een gratis login om ook tijdens schooltijd de les te verrijken met de online quizzen en games. Meer dan 600.000 basisschoolleerlingen maken hier op dit moment gebruik van. Wilt u meer weten of een proefaccount aanvragen, neemt u dan contact op met Inge Verberk, telefoonnummer 06-48793094 of inge.verberk@squla.com.


De LVS-toets komt er weer aan: uitleg en tips!

Suzanne

Heb je de toetsweek al op de schoolkalender gespot? Het is weer zover! Veel basisscholen hebben aan het begin van het nieuwe jaar de LVS-toets weer in de planning staan. Maar wat houdt deze toets precies in en waarom wordt deze afgenomen? En hoe bereid je je kind het beste voor op zo’n toetsweek? Lees verder voor meer informatie & tips! (more…)

Persbericht: Zo belangrijk is een rijke woordenschat als een kind leert lezen

Inge

Hoeveel woorden een kind kent, heeft invloed op zijn taalvaardigheid. Het bepaalt hoe goed hij leert lezen en luisteren op de basisschool. Begint een kind in groep 3 al met een lage woordenschat, dan kan hij daar de rest van zijn (school)carrière last van hebben.

Goedmaken, ridder, versiering, metselen. En wat dacht je van mengen, avondeten en kruispunt? Het is zomaar een greep uit de Basiswoordenlijst Amsterdamse Kleuters (BAK), met daarop zo’n 2000 woorden die een kind zou moeten beheersen als hij naar groep 3 gaat. De lijst is ontwikkeld in opdracht van de Gemeente Amsterdam om taalachterstanden in de klas tegen te gaan. Want hoewel de meeste kinderen bij de start van de basisschool genoeg woorden kennen, zijn er ook kleuters die maar 300 woorden beheersen, of zelfs nog minder. Door deze achterstand hebben niet alle kinderen een gelijke startpositie op de basisschool. 

Waarom is dat erg? Uit internationaal onderzoek blijkt dat woordenschat een voorspellende factor is voor leesvaardigheid op latere leeftijd. Anders gezegd: hoe meer woorden een kleuter kent, hoe makkelijker hij leert lezen op de basisschool. Dat is belangrijk, want lezen helpt niet alleen bij het vak taal, maar ook bij rekenen, aardrijkskunde en zelfs bij gym. Denk maar eens aan het interpreteren van instructies: daar heeft een kind een goede dosis taalkennis voor nodig.

Meer laaggeletterdheid

Kinderen die aan het begin van de basisschool niet goed leren lezen, halen deze achterstand maar moeilijk in. Dit heeft ook gevolgen voor de verdere (school)carrière. De Onderwijsinspectie concludeerde eerder dit jaar dat leerlingen steeds minder goed presteren op vakken als taal en rekenen en dat een groeiende groep jongeren zelfs laaggeletterd van school komt. Volgens Stichting Lezen en Schrijven hebben 2,5 miljoen volwassenen in Nederland moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. 

Om die reden ontwikkelde het Instituut voor Taalonderzoek en Taalonderwijs Anderstaligen (ITTA) de BAK. Docenten van basisscholen in heel Nederland gebruiken deze woordenlijst om taalachterstanden in de klas weg te werken, en om te zorgen dat elk kind aan het einde van groep 2 min of meer dezelfde woorden kent. Zo begint iedereen op hetzelfde niveau met leren lezen. Ook Squla vindt het belangrijk dat elk kind met gelijke kansen aan groep 3 begint. Daarom werd WoordExtra ontwikkeld: een gratis tool waarmee kleuters en peuters op een leuke manier BAK-woorden kunnen leren.

Leren lezen

Jeanne Kurvers was universitair hoofddocent aan de Faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit van Tilburg. Nu ontwikkelt ze lesmaterialen voor kinderen en volwassenen die Nederlands leren. Hoe belangrijk woordenschat is bij het begrijpen van taal, legt ze uit aan de hand van een voorbeeld. ‘Stel: je ziet een plaatje met een fiets, een auto en een vliegtuig. De vraag luidt: Wat is het minst snelle voertuig? Als je wel het woord ‘snel’ kent, maar niet in combinatie met ‘minst’, beantwoord je de vraag waarschijnlijk verkeerd.’ 

Nu is er niet meteen reden tot zorg als een kind nog nooit het woord ‘hupsakee’ (ook op de BAK-lijst) heeft uitgesproken. Of als hij geen idee heeft wat een woonwagen is. ‘Als de woordenschat van een kind nog niet op peil is, betekent dit niet automatisch dat hij achter blijft lopen,’ legt Kurvers uit. ‘Of je goed leert lezen, is van veel meer factoren afhankelijk. Hoe makkelijk je leert en hoe intensief je wordt begeleid, bijvoorbeeld.’

Voorlezen helpt

Maar het kan nooit kwaad om de woordenschat van je kleuter op te krikken. Wat kun je als ouders doen? De eerste tip van Kurvers: ‘Lees voor, lees voor, lees voor. Elke dag.’ En: betrek je kind bij huishoudelijke klusjes. ‘Bijna alle belangrijke woorden zitten in één wasmand. Daar vind je rood, blauw, geel, groot, klein, bolletjes, strepen, stipjes. Als je samen met je kind de was opvouwt en in de la legt, kun je veel woorden laten passeren. En zo kom je ook bij een bezoekje aan de kinderboerderij een heel eind.’ 

Ook handig: uitgebreid antwoord geven op de vragen van je kind. Als hij vraagt ‘Mag ik een snoepje?’ kun je ‘Nee’ zeggen, maar je kunt ook uitleggen waarom dat niet zo slim is als hij net zijn tandjes heeft gepoetst. Hetzelfde geldt voor het benoemen van plaatjes. Kurvers: ‘Stel daar ook vervolgvragen bij. Bijvoorbeeld bij een huilend kindje in de speeltuin: ‘Waarom huilt hij, denk je? En wat zal hij daarna doen?’ Een kindje leert zo verbanden te leggen. En dit helpt weer bij het begrijpen van taal.’

—————————— EINDE PERSBERICHT ——————————

Noot voor de redactie:

Bronnen:

  • Stæhr, L. S. (2008). Vocabulary size and the skills of listening, reading and writing. Language Learning Journal, 36(2), 139-152.
  • Lervåg, A., & Aukrust, V. G. (2010). Vocabulary knowledge is a critical determinant of the difference in reading comprehension growth between first and second language learners. Journal of Child Psychology and Psychiatry, 51(5), 612-620.
  • Kleemans, T., Segers, E., Verhoeven, L. (2018). Role of linguistic skills in fifth-grade mathematics. Journal of Experimental Child Psychology 167 (2018) 404–413
  • Grienfield Spira, E., Storch Bracken, S.& Fischel, J. (2005). Predicting Improvement After First-Grade Reading Difficulties: The Effects of Oral Language, Emergent Literacy, and Behavior Skills. Developmental Psychology Copyright 2005 by the American Psychological Association 2005, Vol. 41, No. 1, 225–234 

Over Squla
Squla is de afgelopen negen jaar uitgegroeid tot marktleider op het gebied van online lesprogramma’s. Op dit moment oefenen en spelen ruim 150.000 kinderen gemiddeld 90 minuten per week thuis op Squla. Squla biedt voor scholen een gratis login om ook tijdens schooltijd de les te verrijken met de online quizzen en games. Meer dan 600.000 basisschoolleerlingen maken hier op dit moment gebruik van. Voor alle peuters en kleuters heeft Squla WoordExtra ontwikkeld, een gratis tool waarmee kinderen de noodzakelijke woorden kunnen leren die ze nodig hebben voor een goede start in groep 3. Wilt u meer weten of een proefaccount aanvragen, neemt u dan contact op met Inge Verberk, telefoonnummer 06-48793094 of inge.verberk@squla.com.

Schrijf je ‘trein’ of ‘trijn’? Je kind leert het met TaalExtra nu ook op tablet en mobiel!

Ryanne

Schrijf je ‘boom’ of ‘doom’? En is het ‘gauw’ of ‘gouw’? Voor kinderen die hier moeite mee hebben is er TaalExtra. Deze spellingmethode is ontwikkeld in samenwerking met experts op het gebied van spelling en lezen en helpt kinderen om weer op niveau te komen. Goed nieuws: oefenen kan vanaf nu niet alleen via de computer, maar ook via de app op tablet en mobiel! (more…)

Persbericht: Goed presterende kinderen hebben de grootste zomerdip

Inge

Leerlingen van de basisschool die goed presteren in de klas, verliezen na de zomervakantie de meeste kennis. Hoe beter ze in rekenen zijn voor de zomer, hoe groter de teruggang. Dat concludeert Squla, maker van online leerprogramma’s, in een wetenschappelijk onderzoek dat werd gehouden onder bijna duizend leerlingen van 43 scholen in heel Nederland. (more…)

Persbericht: Squla en WRTS samen sterk voor woordjes leren

Carlijn

Woordjes stampen, het blijft iets vervelends. Verleidingen als gamen, Instagram of WhatsApp liggen op de loer. Leerplatform WRTS weet als geen ander hoe je woordjes efficiënt en op een eenvoudige manier kunt leren. Sinds vandaag zijn zij samengegaan met Squla, waardoor ze woordjes oefenen nog leuker kunnen maken. (more…)