Marisca

26-01-2017 - Leestijd: 4 min

Van fouten kun je leren: over het positief stimuleren van je kind

Wij ouders spreken onszelf nog weleens tegen. Aan de ene kant roepen we heel vaak tegen onze kinderen dat fouten maken helemaal niet erg is en dat je van je fouten kunt leren. Anderzijds willen we ook dat onze kinderen het goed doen en zijn we stiekem best trots als we horen dat ze geen moeite hebben met nieuwe of lastige opdrachten of dat ze iets snel foutloos maken. Je wilt je kind stimuleren, maar tegelijkertijd ook meegeven dat fouten maken niet erg is. Hoe ga je hier als ouder mee om?

Hoe het niet moet

Uit eigen ervaring weet ik in ieder geval wat niet werkt. Als kind was ik een streber op school en ik haalde hoge cijfers. Als ik thuis kwam met een 9 waren mijn ouders ontzettend trots, maar mijn vader voegde er weleens aan toe dat die 9 ook een 10 had kunnen zijn. Mijn vader was een heel lieve man en echt trots op zijn dochter, maar ik vond dat wel vervelend. Een 9 was toch ook goed? Ik begrijp nu wat hij bedoelde; hij wilde het beste in mij naar boven halen. Mij maakte het echter onzeker. Ik wil het dus anders doen bij mijn eigen zoontje. Ik wil dat hij zelfvertrouwen krijgt en ben bewust bezig met hoe ik met het maken van foutjes om ga.

De balans tussen stimuleren en fouten mogen maken

Als je zoon of dochter bang is om fouten te maken dan kan ik je uit ervaring deze tips meegeven:

  • Focus op het leerproces. Leg de nadruk op het leren en kijk naar hoe er van foutjes geleerd kan worden in de plaats van te focussen op de fouten zelf. Bijvoorbeeld: vraag aan je kind of je eens in een werkboekje mag kijken. Laat merken dat je geïnteresseerd bent en kijk of er iets is waar je kind wat meer moeite mee heeft. Benoem vooral dat dat helemaal niet erg is en dat je samen kan oefenen als je kind ergens moeite mee heeft.
  • Grijp niet direct in als je kind een foutje maakt. Ben je met je kind samen aan het lezen en leest je kind een woord verkeerd voor? Verbeter het dan niet direct. Waarschijnlijk komt je kind er aan het einde van de zin achter dat het woord niet klopt en zal hij zichzelf verbeteren. Deze manier is van fouten zélf verbeteren zorgt voor meer zelfvertrouwen en zelfstandigheid.
  • Leg niet de nadruk op de dingen die minder goed gaan, maar juist op de dingen die wel heel goed gaan. Dit is goed voor het zelfvertrouwen van je kind. Geef ook constructieve feedback als iets niet zo goed gaat, bijvoorbeeld “de tafel van 7 gaat al wel heel goed, misschien lukt de tafel van 12 binnenkort ook wel!”.
  • Neem de frustratie van je kind serieus. Praat met je kind en luister goed naar wat hij of zij zegt. Hoe komt het dat hij of zij er moeite mee heeft? Hier komen soms verrassende antwoorden uit.
  • Laat je kind inzien dat het van eerder gemaakte fouten ook heeft geleerd. Leg goed uit dat een fout maken helemaal niet erg is en dat je daar juist van leert. “Weet je nog dat je eerst ook foutjes maakte met plus-sommetjes? Die kun je nu heel goed. Zo zullen keer-sommen ook steeds beter gaan.” Fouten zijn dus ergens goed voor!
  • Het goede voorbeeld

    Perfectionistische kinderen hebben niet zelden ook perfectionistische ouders. Gun jezelf dus ook af en toe een foutje. Durf je kind te laten zien dat jij ook niet alles perfect doet en je ook wel eens vergist. Ben je een ingrediënt voor het eten vergeten? Benoem het en zeg daarbij dat je het dan maar vervangt door een ander ingrediënt. Was je even vergeten dat de schoolfoto net die dag werd gemaakt en heeft je kind een vlek op z’n trui? Kan gebeuren! Volgend jaar denk je er wel aan.

    Is je kind nog jong, dan is het bibliotheekboek ‘Van fouten kun je leren; Jordi gaat voor het eerst naar school‘ een aanrader. Jordi gaat voor het eerst naar school en doet een aantal dingen verkeerd. Juf laat zien dat je van je fouten kunt leren.

    Deze tips kunnen je helpen en bij ons werken ze heel goed, maar ieder kind is verschillend en reageert op zijn of haar eigen manier. Het ene kind heeft behoefte aan extra stimulatie waar het andere juist best wat mag minderen in zijn of haar perfectionisme. Het ouderschap blijft toch altijd een kwestie van improviseren 🙂